Ga naar de startpagina

Het laatste nieuwsGa naar de verslagenBekijk de komende evenementen in de kalenderGa naar de uitslagenGa naar het discussie forumTrainings tipsLinks naar andere pagina'sMeest gestelde vragen

Verslagen actueel
2 sep 2019
De Grand Raid: een serieuze uitdaging
17 aug 2019
Een geweldige etappeloop: de Holland Ultra Tour
13 aug 2019
Holland Ultra Tour, oftewel: uit in eigen land
1 jul 2019
Alvi Ultra Trail 2019
Verslagen in 2019
Verslagen in 2018
Verslagen in 2017
Verslagen in 2016
Verslagen in 2015
Verslagen in 2014
Verslagen in 2013
Verslagen in 2012
Verslagen in 2011
Verslagen in 2010
Verslagen in 2009
* December
* November
* Oktober
* September
* Augustus
* Juli
* Juni
* Mei
* April
* 28 apr 2009: Annapurna Mandala Trail 9-17 april 2009
* 27 apr 2009: Seilersee 12 Stunden 25 april
* 23 apr 2009: Castricum: Bos, Duinen en Strand
* 23 apr 2009: 3 t/m 10 April: Rheinsteig Erlebnislauf
* 21 apr 2009: Mooiste marathon (Noorder Kluft)
* 20 apr 2009: Een kilo zelfvertrouwen tijdens de tweede ronde
* 20 apr 2009: Verslag van een ultraweekend (50vV en 6u Loos)
* 19 apr 2009: Na Limburgs Zwaarste ook Hollands Zwaarste
* 18 apr 2009: Texelse nieuwe
* 16 apr 2009: Heen en weer in de marathon van Utrecht
* 16 apr 2009: Kustpad etappe 4: “Zal ik het ooit leren?”
* 9 apr 2009: Marathon volgens het boekje
* 3 apr 2009: 100 km van Kienbaum
* Maart
* Februari
* Januari
Verslagen in 2008
Verslagen in 2007
Verslagen in 2006
Verslagen in 2005
Verslagen in 2004
Verslagen in 2003
Verslagen in 2002
Verslagen in 2001
Verslagen in 2000
Verslagen in 1999
AltaVista
Zoek:
Discussies
Het web


 
VERSLAGEN van April 2009
 
Annapurna Mandala Trail 9-17 April 2009
Vorig jaar waren Marjan en ik ook al deelnemer in dit Nepalese verlengstuk van het Franse bergtrailgebeuren. Voor de liefhebber staat er een uitgebreid verslag in de archieven van ultraned (http://www.ultraned.org/V_item/f4225.php). Dat verslag bevat ook de nodige achtergrond over de AMT en ik zal jullie deze keer alleen vervelen met wat daarin (nog) niet aan bod gekomen is. De inschrijving voor dit jaar was oorspronkelijk gekoppeld aan het begeleiden van twee Cambodjaanse lopers (ik woon momenteel in Cambodja). Toen we de sponsoring daarvoor niet rond kregen werd die aanleiding vervangen door een mogelijke verhuizing, later dit jaar naar Nepal als nieuw domicilie voor de komende jaren. Daarom haakt ook Marjan weer aan en gaat zelfs onze jongste dochter Jans (14) mee, beide als wandelaars. Hoe dan ook, ik mag weer.

De aanloop is dit jaar hektischer dus de voorbereiding navenant minder. Hoewel het vorig jaar duidelijk was dat ik meer dan gemiddeld aan gewicht meesleepte kwam het er niet van om te zoeken naar betaalbare alternatieven, dus maar weer met dezelfde rugzak etc. op pad. En hoewel ik deze keer een 24 uur in de voorbereiding heb gelopen (m’n eerste, zie http://www.ultraned.org/v_item/f4519.php) heb ik minder kilometers in de benen zitten en al helemaal niks aan heuveltraining.

Het parcours is grotendeels hetzelfde als vorig jaar maar met een paar cruciale wijzigingen, voorgekomen uit e-mail gesprekken tussen mij en organisator Bruno Poirier. Ik weet dat dat wat aanmatigend klinkt maar ik heb een verleden als bedrijfsleider van een trekkingorganisatie in Nepal, ken het land dus goed, en heb me jaren beziggehouden met het ontwikkelen van (nog) mooie(re) routes. De vierde dag van de race, het traject Marpha-Muktinath zal dit jaar de route nemen via de Lupra vallei. En de rustdag in Muktinath wordt opgeofferd om een traject op en neer naar het Tilichomeer toe te kunnen voegen. Met name de tweede wijziging was een gok, want die rustdag had ook een acclimatisatiedoelstelling. Niet alleen moet de groep nu vermoeider dan vorig jaar de bult van de Thorungpas over (de Lupraroute is behoorlijk wat zwaarder dan de variant van 2008), maar ook zonder extra rustdag en nacht op 3600 meter om de aanpassing aan de hoogte te bevorderen. Daar staat dan wel (vrijwel zeker, je weet het nooit in de bergen) een etappe Khangsar – Tilicho Basecamp – Tilichomeer – retour tegenover, een naar alle verhalen doen vermoeden spectaculaire dag.

Vorig jaar arriveerden we een dag of wat na de verkiezingen in een bijna toeristenvrij land. Dat was deze keer wel even wat anders. Die toeristen belanden allemaal in een hoofdstad met ook voor hen erg merkbare problemen. 16 uur per dag geen elektriciteit (nu het regent teruggebracht naar slechts 12), water komt door de bank gekomen per truck en niet via de leiding, in het zuiden wordt bijna permanent gestaakt hetgeen betekent dat benzine en diesel maar mondjesmaat uit India in de Kathmanduvallei arriveren, met lange rijen voor de pomp als gevolg. Ik heb het dus niet eens over het vuil, de schrijnende armoede en de verlammende corruptie – da’s een verhaal voor een andere plek. Wij worden in ieder geval ook geconfronteerd met toeristisch ongemak want op eerste dag kan pas om half vijf ‘s middags vanuit Pokhara met de bus vertrokken worden richting Nayapul waar het inlopen moet beginnen. Dat betekent een paar uur door het donker – bij maanlicht – de bult op naar Ghandruk als start. Vorig jaar werden de eerste dagen gekenmerkt door regen en hagel, dit jaar worden we op de derde dag overvallen door behoorlijke hevige sneeuwval. We zitten dan inmiddels in Machhapuchare Basecamp op 3700 meter. De vier lodges die hier staan zitten prop en propvol. Marjan, Jans en ik gaan ‘s middags nog naar Annapurna Basecamp (ABC), vijf kwartier en 400 hoogtemeters verder het zogenaamde ‘sanctuary’ (de cirque in het hartje van de Annapurnaketen) in, met in het begin nog wat overweldigende doorkijkjes naar de zes- en zevenduizenders in het oosten, later in een complete white-out. De volgende morgen gaan wij lopers om vijf uur door 20-30 cm nieuwe sneeuw omhoog naar ABC voor een start van de eigenlijke race om zeven uur.

Het deelnemersveld dit jaar is kleiner dan vorig jaar en bevat zoals Bruno het omschreef minder ‘kwaliteit in de breedte’ maar wel een aantal absolute toppers. We hebben 30 lopers en 7 wandelaars (vorig jaar was de groep in totaal 50 man/vrouw groot). Naast het dominante Franse contingent doen zeven Nepalezen, drie Zwitsers, drie Nederlanders (ons gezin) en een Belg mee. Onder de Nepalezen Phu Dorje Sherpa, de verwachte winnaar van vorig jaar die toen binnen een halve minuut na de start een enkelband scheurde en uitviel, en Jorbir Rai die afgelopen najaar de Everest variant van de AMT heeft gewonnen. Gelukkig doen ook de twee jonge Sherpani’s van 2008 weer mee, Lakpa en Nigma. Niet alleen zijn het sterke loopsters (podiumplekken bij de Everest marathon), maar ook uitzonderlijk positieve persoonlijkheden die een groot aandeel hebben in de goede sfeer die net als vorig jaar zo’n belangrijk deel was van wat de AMT uniek maakt. Ik kan het zelf niet met andere meerdaagse trails vergelijken maar onder de Fransen zat er beide jaren heel wat trailervaring (marathon des Sables bv is bijna standaard voor een groot aantal) en ik baseer dit op hun unanieme commentaar. De Fransen hebben, naast Bruno, Antoine Guillon, de winnaar van het Franse trail classement van 2008, en Benoit Laval, de leider van dat classement dit jaar. Benoit is trouwens ook oprichter, eigenaar, en designer van Raidlight, gespecialiseerd in ontwerp en fabricage van het superlicht trailmateriaal. Hij was niet alleen deelnemer maar ook grootste sponsor van de AMT2009 dus ik ben een paar mooie stukjes trailkleding rijker. Hij is voordurend aan het ‘werk’, spul van concurrenten worden aan gedetailleerd onderzoek onderworpen, en de vondsten die hij zelf heeft meegenomen zijn fascinerend. Wat te denken van een donzen slaapzak de je met een paar handgrepen omtoverd tot een donzen jas? Een (derde) Nepalese loopster haakt al op de eerste dag af, en dat patroon blijft zich meer dan vorig jaar herhalen bij deze 2009 editie. In totaal voltooien 10 deelnemers het parcours niet, en nog 2 anderen laten een etappe schieten. De mate van uitval tekent waarschijnlijk de grotere zwaarte van het parcours dit jaar.

Vorig jaar ben ik als 15e geeindigd en mijn plek in de opeenvolgende dagklassementen lag daar meestal niet al te ver vanaf. Dit jaar word ik 10e en gaat hetzelfde op. Bruno heeft me voor dit jaar ook nummer 10 toegekend en gegrapt dat dat gedaan is op de intuitie dat ik bij de eerste 10 zou eindigen. De eerste drie etappes zijn identiek aan vorig jaar al zijn mijn tijden net wat sneller. Verder (veeeel) meer trekkers op de route, en in de Kali Gandaki vallei meer verkeer op de weg. Dat is nog steeds een relatieve uitspraak: af en toe een jeep, brommer of vrachtwagentje. Op het noodweer van de eerste dag volgen een paar kraakheldere dagen wat in dit stukje wereld een zegen is want de uitzichten zijn onbeschrijflijk. Ik was me daar, misschien juist door het binnendringen van de gemotoriseerde wereld, bewuster van dan vorig jaar. Wie hier zeikt over wat hem of haar tegenvalt is blind. Gelukkig denkt het gros van de deelnemers er net zo ver.

Patronen van vorig jaar herhalen zich. Ik heb grote moeite om voldoende eten naar binnen te werken. ‘s Ochtends kom ik traag op gang dus een groot ontbijt is niet aan me besteed. En onderweg eten...misschien een mars, twee dagen zelfs twee marsen, dat is het wel. En als ik dan binnen ben lukt het wel met soep, maar in vergelijking met sommige anderen, waaronder Benoit, die én flink toetastten bij het ontbijt én dan na binnenkomst toch vlotjes vier gerechten naar binnen duwen stelt het niks voor. Drinken idem dito. Al die lui met hun camelbacks of drinkflessen met tuiten. Heel zuinig doen met water behoedt me voor nog meer kilo’s op mijn rug maar de gortdroge keel na vier, vijf uur, en nauwelijks meer kunnen slikken is niet altijd aangenaam. Met drie kilo minder aan gewicht en betere gewenning aan voedsel- en vochtinname moet ik dus nog wel wat kunnen winnen. De vraag is natuurlijk of ik er ooit aan toe kom dat laatste te trainen.

De vierde dag is het eerste nieuwe traject: via de Lupra vallei naar Muktinath. Het eerste deel van de vallei is helemaal vlak door een rivierbedding tot aan Lupra. Kiezellopen is verbazingwekkend zwaar trouwens. Het hele dorp is uitgelopen om ons in twee grote groepen toe te juichen. De ambiteuze lopers laten het dorp links liggen, de verstandige wandelaars bezoeken het en zijn gefascineerd door het verschil tussen een dorp als dit, weg van de ‘Coca Cola trail’, zonder winkels en lodges, en de plekken waar we tot nu toe langsgekomen zijn. Vlak na het dorp gaat het loodrecht de tegenovergelegen wand op, en dan na een meter of twintig verder langs de helling omhoog en de vallei in. Daarbij moeten een paar keer kloven overgestoken worden waar ik als laaglander helemaal van op tilt ga. Gelukkig ben ik met drie anderen die me tot twee keer toe door een enge passage heen weten te praten. Na een half uur voegt onze trail zich bij een andere die verder de vallei in deze helling omhooggaat en vanaf nu klimt het steeds verder de hoogte in. Ik verlies in eerste instantie de aansluiting met mijn drie redders, wordt dan ingehaald door Benoit die zijn inmiddels opgebouwde achterstand op Phu Dorje probeerde goed te maken met het kiezen van een alternatieve maar helaas voor hem onbegaanbare routevariant (en dus weer veel tijd verliest), en vind dan weer aansluiting tot we met z’n drieen op een pas aankomen van waaruit het uitzicht richting Mustang, een stuk Nepalees Tibet, en richting Dhaulagiri en delen van het Annapurna massief adembenemend zijn. Maar het is een beoorlijk zware klim van zeker 800 meter. In de veronderstelling dat de anderen me zullen volgen ga ik er rennend vandoor langs de kam en zoek de meest directe route naar Muktinath waarbij ik geen hoogte prijs hoef te geven. Maar een van mijn drie maatjes heeft een peesblessure opgelopen en kan nauwelijks meer dalen dus ik loop in dat laatste stuk zeker twintig minuten uit op ze.

De ochtend erna gaat het al weer door richting Thorungpas (5400m). De klim is ‘sans chrono’ en iedereen krijgt er vijf uur voor bijgeteld. Hoewel zonder noemenswaardige problemen heb ik in tegenstelling tot vorig jaar bijna de gehele vijf uur nodig en lig daarmee nog heel behoorlijk vooraan in het veld. In totaal vier wandelaars besluiten de rustdag wel te nemen, evenals een loper. Een ander loper keert op 5000m om. Een half uur voor de pas haal ik Antoine Guillon in die zichtbare problemen heeft. Hij zwabbert op z’n benen, zegt geen hoofdpijn te hebben en communiceert ook helder maar ik besluit om voorlopig bij hem te blijven. Ik schat dat we op 5200m zitten en nog maar ‘even’ te gaan hebben naar de pas. Uiteindelijk duurt het ook niet echt lang maar de verschillende valse toppen zijn frustrerend en ik maak me zorgen om Antoine want bij problemen met hoogte is het devies ‘zo snel mogelijk naar beneden’. Hoe langer het duurt voor we boven zijn hoe meer ik twijfel aan mijn keuze om aan de andere kant naar beneden te gaan in plaats van rechtsomkeer te maken. Gelukkig haakt ook een Sherpa aan en kunnen we Antoine met z’n 2en op de been houden. Er ligt behoorlijk sneeuw. Anderhalf uur later, we zijn inmiddels al onder high camp aan de Manang kant van de pas (op zeg 4700m) zwabbert Antoine nog steeds en kan ook geen vocht binnenhouden. Michel Grimm die ons heeft ingehaald neemt het van me over. Uiteindelijk gaat het pas een aantal uren later op 4100m weer wat beter met hem en Antoine en Michel besluiten aan deze kant van de pas te blijven en rustig uit te lopen.

De etappe eindigt niet zoals vorig jaar in Manang maar in Khangsar, een dorp aan het begin van de Tilicho vallei. Dat maakt het traject net wat langer dan vorig jaar en de dag voelt inderdaad eindeloos. ‘s Avonds blijkt dat twee lopers de afdaling niet hebben afgemaakt en in een hogere lodge zijn gebleven. En dat twee wandelaars de voor morgen geplande dag naar het Tilichomeer overslaan. Die etappe wordt iets ingekort door haar slechts Khangsar-retour ‘chrono’ te maken en Khangsar-Manang als liaison ‘sans chrono’. De dag is meer dan spectaculair maar ook zwaar. Van Khangsar gaat het eerst zo’n zevenhonderd meter naar boven, dan daalt het geleidelijk over puinhellingpaden naar Tilicho Basecamp, en dan weer zevenhonderd omhoog naar bijna 5000 voor een besneeuwd uitzicht op het enorme meer en de door Maurice Herzog, de Fransman die in de 50er jaren als eerste op de top van Annapurna I stond, als Grand Barriere aangeduide majestueuze wand van zevenduizend. Voor wie de omgeving van de Jungfrau marathon kent: een soort witte Eiger-Noordwand maar dan in macro-formaat.
Als niet-klimmer doen de enorme puinhellingen die we heen en terug moeten oversteken me meer; om onduidelijke redenen word ik altijd overweldigd door de droge veelkleurige regenschaduwwereld aan de Tibetaanse kant van de Himalaya. Gelukkig blijft het bij emotionele indrukken en raakt de baksteen grote kei die van grote hoogte als een kanonskogel aan me voorbij knalt me niet. Die hellingen zijn na opwarming door de zon altijd gevaarlijk door steenslag.

De groep is ‘s avonds in Manang duidelijk aan het eind van z’n latijn. Zelfs Benoit gooit de handdoek in de ring. Op deze hoogte is hij geen partij voor de twee Sherpa lopers die (ook voor lokale lopers is dit trouwens uitzonderlijk) het boven de 4500 meter nog voor elkaar krijgen om met bepakking bergop te rennen. De organisatie besluit de voor de volgende dag geplande Manang marathon te vervangen door een rustdag. Ik ben even opgelucht als de rest en het betaalt zich de twee laatste dagen ook uit: ik kom beduidend beter van Manang naar high camp (4800m) dan vorig jaar en terug de Thorungpas over resulteert niet zoals in 2008 in een angstige afdaling van 2500 meter omdat ik nu wel controle houd over m’n benen.

Zoals gezegd: overall eindig ik als 10e, meer als voldaan. Wat me deze keer meer dan vorig jaar opvalt is hoe volledig ik inzak als de inspanning achter de rug is. Schijnbaar kan het lijf er uren inspanning uitpersen als het moet maar als de noodzaak verdwenen is gaat de stop er ook helemaal uit. Na een goede week komt de energie redelijk terug. Een eerste 30km in de Cambodjaanse hitte gaat weliswaar in slakkentempo maar het is dan ook wel erg heet.

Volgend jaar wordt ter ere van het 10-jarig jubuleum van de AMT de routevariant van 2007 herhaald. Een extremere, langere tocht door veel minder ontsloten gebieden met meer hoge passen. Ik hoop daaraan deel te kunnen nemen en dan niet meer de enige Nederlandstalige loper te zijn. Dit soort tochten zijn niet ieders pakkie an. Je moet de aangeboren mazzel hebben goed tegen hoogte te kunnen en je moet de leuke kanten van afzien weten te waarderen; maar dat een 50-jarige kantoorklerk als ik het kan laat zien dat je echt niet over uitzonderlijke kwaliteiten hoeft te beschikken. Twee en een halve week Nepal kost natuurlijk wat maar het is niet meer dan een ‘gewone’ wandelvakantie. De begeleiding is professioneel en goed georganiseerd, en het volk wat hieraan deelneemt vormt binnen no time een prettig gestoorde familie (een van de leuke kanten van samen afzien). Fransen kunnen het altijd mooi verwoorden: de intensiteit van deze meerdaagse gaat zo tot op het bot in een landschap dat je letterlijk en figuurlijk de adem neemt in z’n grootsheid dat je je inderdaad even een‘chevalier du vent’ dan wel ‘amazone du ciel’ bent.

Op de site van de Nepalese organisator van de AMT staat nog wat verdere info en het eindklassemen van 2009t: http://www.basecamptrek.com/french/trails-nepal-vtt.php

Je kunt natuurlijk ook met Bruno Poirier contact opnemen :
Bruno.Poirier<at>ouest-france.fr of himal<at>wanadoo.fr
Of met mij:
rogerhenke1<at>yahoo.com

 
 
[ top pagina ]
 

 
 
 
Na 5 uurtjes slapen vertrek ik naar Nederland om Willy op te halen. We hebben afgesproken om 09u00' om van daar door te rijden naar de 12 uur Seilersee in Duitsland.
Van bij Willy thuis was het nog 1u45' rijden en net een uur voor de start komen we netjes aan.
Ons startnummer is met ingebouwd chipsysteem, de rondjes zullen dus al goed geteld worden. Jutta is hier ook met haar Duitse vrienden, ook David een andere Belg.

Ondanks de weinige uurtjes slaap heb ik er wel zin in. Eén probleempje, vannacht heb ik een gekneusde rib opgelopen. Het doet gelukkig alleen maar pijn bij het inademen, de helft van de tijd zal ik dus al geen pijn hebben.

We kleden ons snel om, nog wat zalf aan de voeten tegen de blaren. Een doosje met een banaan, wat zout en een energiebar plaats ik langst de omloop uit de zon. Over de zon gesproken, het zal een heeel warme dag worden.

Mijn plan is al beginnen denken voor we lopen. Ik voorzie met dit weer dat er veel lopers een klop gaan krijgen. Voorzichtig starten en weinig zweten is de boodschap.

Om 12u stipt gaan we van start, de 6u en 24u vertrekken ook mee. Eerst krijgen we een stukje van de piste, dit loopt heerlijk. Dan een bocht verhard pad met kiezeltjes. We lopen rechts een flink klimmetje van 20m, dan een afdaling, over een bruggetje en dan volgt een stukje plat. Dat stukje plat zou later samen met de piste het enige plat van de omloop schijnen.

Terug een serieus klimmetje, 20m naar beneden gevolgd door een tweede klim. Na de tweede klim nog een derde, ietsje dalen en dan vals plat 400m omhoog. Dan volgt een steile afdaling gevolgd door een mooie klim, naar links, rechts, links en we zijn aan de start. De omloop is zwaar, heel zwaar en het kopje zal moeten werken. Elke bergop neem ik zeer kleine pasjes om geen energie te verspelen.

De eerste rondjes gaan samen met Willy maar dan scheiden onze wegen. Het was even paniek aan de bevoorrading want ze hadden geen gewoon water ??!! Voor de rest lag er alles wat we maar konden inbeelden, na een uurtje lopen kregen we dan toch water.

Mijn ritme is mooi en ik weet dat er iets in zit vandaag. Na enkele uren lopen komen enorm veel mensen in het park wandelen, kinderen met hun fietsjes. Mensen die de hele baan voor hun nemen, shit zeg, ik ben het beu altijd tussen de mensen slalommen. Dit is echt niet leuk meer en na 05u00' lopen wil ik stoppen. Ik doe de file aan een ijskarretje en neem een hoorntje met twee bollen citroen. mmm, dat smaakt, laat die loop maar voor wat het is, ik ben het beu.

Toch lopen we nog even verder om... ja, waarom eigenlijk? Na 6u30' en nog steeds slalommen en op de mensen roepen staat mijn besluit vast, ik kap ermee. Even melden aan Willy en die zegt me dat ik in derde positie loop..."hou het nog een uurtje vol" Ok, een uurtje dan.

Na 7u30' ga ik voorbij David en kom ineens op plaats één. Dat is natuurlijk een heel andere situatie. Heel mijn gedachtengang is ineens anders en mijn eerste plaats wil ik verdedigen. Het is nog 4u30' lopen dus een zware taak staat te wachten. De bergopjes beginnen echt hard te worden. De meeste lopers stappen telkens naar boven maar door mij te sparen geraak ik steeds mooi lopend boven.

Ineens zie ik terug de eendjes met hun jongen, de prachtige natuur. Een haasje zit op de kant gras te eten. Het volk begint te minderen en andere lopers zien aftakelen geeft me moed. Ik zit nog vol energie en kan dit tempo wel houden. De mannen van de brandweer zorgen voor de verlichting. Ze lopen ook meer in de weg dan wat anders en ineens voor mijn neus gaat er een kabel 20cm de hoogte in. Na zoveel uur over een kabel springen is niet gezond.

Al heel wat sanitaire stops moeten doen, mijn achterste ligt open. Ik maak me alleen zorgen om die eerste plaats. De rib doet regelmatig pijn maar echt storen doet het niet.
Het begint koeler te worden en ik doe een droog t-shirt aan.

Bij de bevoorrading telkens een beker water en wat rozijntjes, geen tijd verliezen en zo snel mogelijk weg. Uren aftellen en aftellen, ik ben vastbesloten, al moet het laatste uur tegen 14km/u, 1 geef ik niet weg.

11u15' gelopen, bijna 100km. Mijn PR op de 100 moet er dan ook maar aan geloven en ik loop een ronde met een estafetteloopster mee. 100km 11u25' , dat is ook weer meegenomen. Mijn voorsprong is veilig.

Na 12u heb ik 104,5km ongeveer. Op deze omloop is dit echt wel een mooie afstand.
Geef mij een vlakke omloop en de 120km zat er zeker in vandaag.

Yes, mijn eerste 1e plaats is binnen. Het is hier een benefietloop en podium of prijzen zijn er niet. Ik moet het doen met een omhelzing van de organisator, een beker die me misschien meer zal bijblijven dan al die die al op de kast staan. Op de tweede plaats komt David (twee Belgen) en Nederland met Willy op de derde plaats.

Nog even op ons effen komen en dan maar terugrijden. Om 03u00' zijn we terug bij Willy en onderweg kregen we heel wat regen. Hopelijk blijven de mannen van de 24u wat droog. Ik rij nog wat verder tot in België en om 03u40' slaap ik op een parking.

Vandaag voelen de benen al redelijk goed aan, dat zal wel door de euforie zijn zeker.
Een geslaagde 12u loop maar ik zal het misschien bekopen in Steenbergen. Het doel voor Steenbergen zal dan veranderen in plezier maken en op tijd gaan slapen.

Proficiat aan de organisatie van Seilersee, alleen een afgesloten parcours had leuk geweest.

Paul van Hiel

Zie voor uitslagen: http://www.24hlauf-seilersee.de/253.0.html  

 
[ top pagina ] - [ Kalender info ] - [1-2-3 Uitslagen ]
 

 
 
 
Castricum: Bos, Duinen en strand “Het raadsel van de tijd”

Zoals ik vorige week voorspeld heb liep ik in Castricum als een klokje. Dit woord klokje c.q. tijd zal trouwens in dit verslag de hoofdrol gaan spelen maar daarover later meer.

Dit jaar bestond voor ultralopers de derde keer de mogelijkheid om aan deze grandioze tocht deel te nemen. Ik weet dat de combinatie de Lat en Willem Mütze een synoniem is voor mooie, perfect georganiseerde en uitdagende loopjes. Toch was dit pas mijn eerste deelname. Bij ‘Castricum’ moet ik daarom altijd aan de jaren 70 denken. De herinneringen aan deze tijd komen niet terug omdat wij toen altijd daar op vakantie gingen of iets dergelijks, maar omdat ik in die tijd een heel veel en heel lange haren had. Mijn afwezigheid bij de twee eerder edities ontlokte Theo Kuipers de legendarische uitspraak:”Hier zal hij meer spijt van hebben dan haren op zijn hoofd”. Deze uitspraak bood mij de unieke gelegenheid om Theo eindelijk eens tegen te spreken. Immers meer dan haren op mijn hoofd is in mijn geval niet echt veel. Uiteraard baalde ik er echt van dat ik de eerdere edities niet mee kon doen en om dit in een mooie beeldspraak uit te drukken: “Ik zou willen dat ik zoveel haren op mijn hoofd had als ik spijt heb”.

Door mijn deelname aan de Rheinsteig voelde ik mij beresterk. Dus toen ik vorige week toevallig tijdens mijn omzwervingen op een atletiekbaan belande kon ik het niet laten om de jeugd (dus mensen die en 30 jaar jonger en 30 kilo lichter zijn) te bewijzen dat mensen die soms een werkdag voor een marathonnetje nodig hebben ook wel kunnen doorlopen. Zodoende werd er een tijdje 300’tjes gelopen. Het ging zo gruwelijk hard dat ik toen ik later de vastleggingen van de tijden in mijn garmin zag ik mijn begon af te vragen of ik hem niet aan een echte loper had uitgeleend. Ik kan niet ontkennen dat ik toch wel erg leuk vond dat ik snellere tijden dan de jeugd liep. De volgende dagen heb ik gruwelijke spierpijn gehad. Zodoende werd ik de hele tijd aan mijn mooie prestatie herinnerd. Net op tijd voor het loopje in Castricum was deze spierpijn tot acceptabele proporties terug gebracht.

Omdat bij dit loopje aan alles gedacht was, was de start op een steenworp van het station. Alleen was het starttijdstip zodanig dat ik, als ik met de trein zou komen, ik al bij de start ruim een uur achter de eerste loper zou zitten. Dit vond ik enigszins overdreven en ook jammer van de tijd, dus besloot ik maar met de auto te gaan. Wilde ik op tijd zijn dan moest ik wel op een vroeg tijdstip vertrekken. Vrijdagavond hoorde ik dat Rijkswaterstaat dat weekend de A2 tussen Weert en Eindhoven een hele tijd ging afsluiten. Dus kon ik de tijd die ik die nacht in bed moest doorbrengen weer een beetje inkorten.

Mooi op tijd arriveerde ik om 7:45 in Castricum. Gelukkig had Willem besloten om de starttijd van 8:30 in 9:00 te veranderen. Dus had ik wat meer tijd om met alle aanwezige lopers even bij te kletsen. En bij sommige was het weer een hele tijd geleden dat ik ze voor het laatst gezien had. Tot mijn grote verbazing kende ik met uitzondering van één, alle lopers die aanwezig waren. Die ene loper herkende mij en kwam ook even een tijdje met mij een praatje maken. Tot mijn nog grotere verbazing waren er ook een aantal wandelaars die mij kenden. Zij kwamen naar mij toe en vertelden dat ze een tijd bezig waren geweest om een paar euro bij elkaar te leggen, zodat ik een paar nieuwe sokken kon kopen; want dit was eigenlijk geen ultraloop. Jammer dat ik mij dit niet tijdig gerealiseerd had. Het is, denk ik, wel duidelijk dat de sfeer in Castricum geweldig was. Zowel tussen de lopers onderling als tussen de lopers en de wandelaars.

We kregen zo als altijd weer prachtige persoonlijk startnummers. In mijn geval stond er onderstaande tekst op:”Ach Henk, je weet het wel he, voor psychische, medische of financiële problemen moet je niet bij ons zijn. Ook niet voor een simpel blaartje. Je mag ons bellen als je een paar lekkere potten bier voor je neus hebt staan en die met iemand wil delen. Succes met de loop!!” Dit was wel iets waar ik mij in kon vinden. Toch heeft het mij een hele tijd aan het denken gezet. Hoe kan ik nu weten of een pot bier lekker is, ik zou dus moeten proeven en als ik geproefd heb dan is er geen bier meer….

Zoals te verwachten kregen we van Willem weer de expliciete opdracht om te genieten en drukte de marsleider (Wim Bruggemans) ons nogmaals op het hart dat als we een tijdje (lees 500 meter) lang geen pijl gezien hadden we ons verlopen hadden en terug moesten. Netjes op tijd drukte ik de timer van mijn Garmin in en kon het feest beginnen. Een tijd die ik wilde lopen had ik uiteraard niet in mijn hoofd. Ik ging gewoon lekker op mijn gevoel lopen en voelde eigenlijk al binnen twee kilometer dat er een heel leuke eindtijd zat aan te komen. Maar los van die eindtijd was voor mij de echte doelstelling om te genieten. En alle ingrediënten voor een echt feest waren aanwezig. Het parkoers was schitterend. De naam bos, duinen en strand, doet al iets vermoeden, maar dat doet deze loop duidelijk geen recht aan. Door Willem, Jo Lukasik en door Paul Altena (en ongetwijfeld door een aantal wandelaars) zijn schitterende foto’s gemaakt. Die geven al een eerste indruk. Wat foto’s echter zeker niet kunnen weergeven is hoe lekker het soms rook. Uiteraard geeft zelf meedoen de beste indruk. Jammer genoeg hadden maar een 35 –tal lopers de tijd gevonden om dit ook daadwerkelijk te doen. Er was echt alles om je heerlijk uit te leven (lees: de tijd van je leven te hebben). Zand, klimmetjes en 3,8 kilometer over het strand met de wind pal op je neus. Ook de techneuten konden hun lol op met de boomwortels, de klimduin in Schoorl en trappartijen. Dit laatste deed mee erg deugd want ook al ging het heel erg soepel, trap aflopen kan ik niet meer; die tijd is voorbij. Ik denk dat het heel leuk was om mij te zien ronddraven als een jong veulen en vervolgens als een oud paard de trappen te zien afstrompelen. Tijdens ieder feest moet ook regelmatig de tijd genomen worden om de inwendige mens te versterken. Er waren 4 verzorgingsposten en ik heb een veel tijd besteed aan het bedenken wat ik nu het beste van deze posten vond: het grandioze aanbod aan versnaperingen of de aardige mensen die hier hun vrije zonovergoten zaterdag eraan besteedden om het ons naar onze zin te maken.

Thuis is mij geleerd om altijd alles op tafel komt op te eten. Ik weet ook wel dat ik dit niet letterlijk moet nemen, want ik ben niet alleen op de wereld. Toch heb ik bij de post van Willem en Annemarie geen vlaai gegeten. Dit heb ik (zoals altijd) heel bewust gedaan. Het feit dat een Limburger of zoals een Rotterdammer mij eens treffend beschreef: een vlaaienpoeper, een stuk vlaai laat staan verdient een nadere toelichting. Willem en Annemarie waren al een hele tijd in Castricum, meer specifiek vanaf vrijdag. Dus als de vlaai uit Limburg kwam had de bakker ze niet op zaterdag gebakken. Als zij ze op zaterdag gehaald hadden dan kwam zij niet uit Limburg. Dus hoe dan ook, was dit geen vlaai die je een Limburger kunt voor zetten. En op dit punt ben ik heel erg principieel. In dit verband verwijs ik graag naar mijn verslag over de Mergelland marathon van september 2007 (“Limburgse vlaai, de doping voor lopers”). Ik hoop trouwens wel dat mijn redenering klopt want anders ben ik door een denkfout een aantal stukken vlaai misgelopen.

Toch nog even terug naar het lopen. Toen ik na een kilometer of 15 het strand op ging lag ik tot mijn verbazing op de derde plaats. Dit is natuurlijk een positie waar ik niet thuis hoor. Ik mijn ooghoek kon ik zien dat dit probleem wel opgelost zou worden, want vlak achter mij zat Frans Cobben en daar vlak achter zaten Ida Verduin, Lex de Boer en Erwin Borrias. Allemaal lopers die een paar maten groter zijn dan ik. De route was uitstekend gepijld, maar op het strand is het vrij moeilijk om een plaats te vinden om een pijl aan te brengen. Hoe het kan weet ik niet maar altijd als ik bij een loopje van Willem ergens zit waar de kans bestaat dat ik de route kwijt raak komt op eens Frans aan gelopen en is mijn probleem opgelost. Dus ook nu weer. Dus mijn stukje strand bleef beperkt tot de afgesproken 3,8 kilometer. Echt een heerlijke kans om dankzij de stevige tegenwind mijn overtollige energie kwijt te raken. Achteraf hoorde ik dat er toch lopers zijn geweest die de pijl niet gezien hebben en heel wat langer van het strand hebben mogen genieten.

Bij de klimduin in Schoorl arriveerden we met zijn vijven. Het heeft mij mijn ijsje gekost maar toen vertrokken waren we nog maar met zijn vieren. Zo als altijd komt er bij ieder feest en tijd dat het voorbij is. Tot mijn verbazing en voor mijn gevoel veel te vroeg ben ik na Lex en Ida als nummer vijf weer bij de kantine van de voetbalclub in Castricum gearriveerd.

Willem was nog niet terug en kon hij dus ook niet de gelopen tijd vastleggen. Voor de zekerheid werd door een van de dames van de Lat toch maar aan ons de gelopen tijd gevraagd en dit op een briefje geschreven. Op mijn Garmin stond als tijd 5:42:55. Nadat ik Oscar, Arie, Lex en Ida gefeliciteerd had, ben ik mijn tas uit de auto gaan halen en gaan douchen. Omdat ik ontzettend zwarte voeten had van al het mooie witte zand duurde dit een hele tijd. Inmiddels was Willem gearriveerd. Hij constateerde dat als Lex en Ida voor mij binnen waren mijn tijd niet onder die van hun kon liggen. Dus was de conclusie duidelijk dat ik niet staat was geweest om de tijd van mijn horloge correct af te lezen. Gelukkig stond ik onder de douche en is mij weer een mooie preek bespaard gebleven. Of om het anders te zeggen mijn tijdsplanning was weer optimaal. Willem heeft toen de conclusie getrokken dat mijn tijd dus wel 5:52:55 geweest zal zijn. Op zich een prima oplossing en toch snapte ik niet wat er nu gebeurd was. Na een hele tijd dubben in de auto een slapeloze nacht kwam ik de volgende dag tot de conclusie dat ik in tegenstelling tot wat ik gedacht had ik de autopauze functie (dan wordt alleen de tijd geregistreerd die je in beweging bent en dus niet de tijd dat je stil staat) aan had staan. Dus de echte tijd die ik onderweg geweest was was 5:49:46. Nu staat dan ook vast dat Ida sneller dan de 5:50:00 die in de lijst staat was. Bovendien weet ik nu dat de vier verzorgingsposten en de sanitaire stops 6 minuten en 51 seconden gekost hebben. Dit is nu eens informatie waar ik iets aan heb. En nog belangrijker is dat een kleine 6 uur onderweg dit eigenlijk veel te kort is voor zo’n grandioze tocht. Zeker als je van Willem een zee van tijd krijgt om te genieten..

Zoals uit dit verslag blijkt, en ik altijd roep, vind ik tijd niet belangrijk daarom heb in dit verslag over een loopje van 60 kilometer 60 keer het woord tijd gebruikt.

Henk Geilen
Info provider loopplezier.tk
www.loopplezier.tk
home.hccnet.nl/h.geilen/index.htm
 

 
[ top pagina ] - [ Kalender info ] - [1-2-3 Uitslagen ]
 

 
 
 
"Der Rheinsteig ist der unbequemste Wanderweg, um von Bonn nach Wiesbaden zu gelangen. Aber auch der schönste."

2 April: "de aanloop"

Etappelopen vind ik grandioos en het concept achter Laufend Helfen (www.laufendhelfen.de) draag ik een erg warm hard toe. Ik heb dan ook de uiterste moeite gedaan om mijn verlofkaart helemaal uit te wringen zodat ik bij de achtdaagse Rheinsteiglauf van de partij kon zijn. Om zeker te zijn van een startplaats had ik mij ruim van te voren aangemeld. Naast de aanmelding bestond mijn voorbereiding uit een vriendelijk verzoek aan mijn echtgenote om mij even naar Bonn te brengen en mij samen met een tas vuile was acht dagen later in Wiesbaden weer op te halen. Uiteraard stond zij te trappelen om mij dit plezier te doen. Toen zij voorstelde om hiervoor mijn auto te pakken, en ik zag waar Wiesbaden lag was ik spoorslag van de voordelen van het openbare vervoer overtuigd. Toevallig hoorde ik van Helmut Hardy dat er in Duitsland een kaartje was waarbij je met maximaal 5 personen de hele dag van alle treinen en bussen gebruik kon maken. Hiervoor diende wel 34 euro neergeteld te worden. En laat Helmut nu toevallig zo’n kaartje gekocht hebben om hiermee naar de Rheinsteig te reizen. Dus gaarne heb ik me opgeofferd om een vierde van de kosten hiervan voor mijn rekening te nemen. Omdat ik het langste van dit kaartje gebruik ging maken, kreeg ik dit kaartje samen met een beschrijving waarin stond op welk station om welke tijd ik verwacht werd, thuis gestuurd. Als ervaren openbaar vervoer gebruiker houd ik normaal gesproken altijd rekening met vertragingen. Omdat ik nu echter een heel duidelijke beschrijving van de plaats en tijd waar mijn medereizigers zich bij mij zouden voegen had,voelde ik die noodzaak veel minder. Prachtig hoeveel zelfvertrouwen je kunt ontlenen aan zo’n treinkaartje.

Ondanks dat ik dus werkelijk perfect voorbereid was besloot ik toch nog donderdagmiddag even naar het loopje te kijken. Op de een of andere manier was ik in de veronderstelling dat het een loopje langs de Rein betrof. Een vlak parkoers dus. Nu had ik al gezien dat de afstand Bonn Wiesbaden 160 kilometer is. De geplande tocht was echter 320 kilometer met bijna 14.000 meter omhoog en dus ook weer omlaag. Vandaar dus dat ze het steeds hadden over Rhein in plaats van Rein. Dit loopje had dus meer hoogtemeters dan de Swiss Jura; verrassend. Als je de hoogtemeters deelt door de afstand kom je tot een heel leuk gemiddeld stijgingspercentage. Hier had ik echter een mooie oplossing voor. Een aantal etappes waren korter dan de marathonafstand. De organisatie kende mij en wist dat ik nooit korter dan een marathon loop, dus was al afgesproken dat ik af en toe een stukje extra zou mogen lopen. Dus zou in ieder geval de noemer van de breuk veranderen.

Om allerlei problemen te voorkomen en om de deelnemers onderling te laten kennis maken werden de deelnemers op donderdagavond in een restaurant in Bonn verwacht en was er een slaapplek in de jeugdherberg daar gereserveerd. Ik was blij dat ik kon aanhaken bij de Rheinsteig veteranen Helmut, Martine en Gabi, ook al weet ik niet of de andere reizigers in de overvolle spitstreinen zo blij waren met onze bagage. Doordat dit jaar Pasen relatief vroeg viel hadden was de zomertijd al in gegaan en hadden we het genoegen om nog met daglicht in Bonn aan te komen. Zodoende zagen mijn reisleiders voor het eerst dat er gewoon een heel kort paadje naar het restaurant was en dat je helemaal geen uur door allerlei bosjes hoefde te ploegen.

Het eten en het samenzijn waren oergezellig en duidelijk de voorbode van een perfecte loop. Het eten was in buffetvorm en er stond een gigantische kom met het nagerecht. Wat het precies was kon ik niet ontdekken. Zelfs nadat ik hier een beetje van geproefd had, had ik nog geen flauw idee. Ook de andere aanwezigen hadden geen idee wat het was. Toen we klaar waren was de enorme voorraad niet noemenswaardig geslonken. Nieuwsgierig als ik ben, ben ik naar de kok gestapt en heb hem gevraagd wat dit voor een delicatesse was. Letterlijk zij hij:”Melk, suiker en iets uit een of ander pakje”. Toen hij mijn waarderende blik bespeurde voegde hij hier aan toe: “Het zag er inderdaad helemaal niet uit zoals de foto op het pakje, dus heb ik het maar een tijdje in de koelkast gezet. Maar ook dat hielp niet”. Toen ik dit hoorde moest ik aan mijn zoontje denken die op zesjarige leeftijd besloot om een toetje te gaan koken, het combineren van de inhoud van keukenkastjes en het gootsteenkastje levert soortgelijke resultaten op.

3 April Bonn – Unkel: “Alle begin is moeilijk”

Aantal kilometers 52,6 - Omhoog 2.700 meter - Omlaag 2.803 meter

Tijdens de het eten gisteren had Rolf ons nogmaals op het hart gedrukt dat het absoluut de bedoeling was dat wij op een aantal punten en bij de finish gezamenlijk zouden aankomen. Dit in verband met de aanwezigheid van de pers. In eerste instantie had ik iets van:”Pers, ik dacht het niet. Dit hoeft voor mij echt niet. Sterker nog, ik wil dit absoluut niet hebben.” Ook hier bleek weer dat het soms verstandiger is om even te luisteren en te begrijpen wat iemand bedoeld voordat je oordeelt.

Een van de doelstellingen van deze loop was het onder de aandacht brengen van het goede doel waarvoor gelopen werd. Dit was het onderzoek naar een genezing voor de ziekte van Duchenne (spierdystrofie). Vandaar ook het motto “Gesunde Muskeln für Kranke Muskeln”. Hiervoor was dus aandacht van de media nodig. En ik moet toegeven: de organisatie van media aandacht was perfect. De regionale kranten waren steeds op de hoogte, radio kwam regelmatig interviewen. Op een aantal plaatsen werden wij door de pers gespot en bij iedere finish was weer pers aanwezig. En toe ik mij eindelijk realiseerde dat het niet om het lopen maar om de aandacht voor de ziekte ging was ik meer dan bereid om daartoe mijn beste beentje voor te zetten. En gezien de reactie onderweg en de financiële bijdragen die in ruime mate werden verstrekt, werkte het echt.

Rolf had zijn briefing afgesloten met de opmerking dat hij zich de volgende dag wel zou verontschuldigen voor het feit dat de geplande afstand voor geen meter klopte. Op zich een heel interessante opmerking die mij de rest van de loop bijgebleven is.

Tijdens het ontbijt stonden plotseling en uiteraard onaangekondigd Heinz Jäckel en Willem Mütze voor onze neus. Heinz wilde nog even een paar etappes meelopen als laatste test voor de Trans Europa Footrace en Willem had nog een paar loopjes nodig om in de loop van dit jaar de 1000 vol te maken. Door de komst van Willem was plotsklaps de Nederlandse delegatie met 50 procent uitgebreid. Want naast ondergetekende was ook Kees Meeuwsen een van de 19 lopers die op de lijst stond voor alle etappes. Om nog maar even bij de cijfers te blijven: uiteindelijk hebben 73 lopers een of meer etappes gelopen.

Bij de start werden we allemaal getooid met ballonnen en moesten we even wachten op de komst van een groep kleuterschoolkinderen. Deze hebben de eerste paar honderd meter meegelopen. Geweldig! Uiteraard mochten wij ook bij hun finish meehelpen met het uitreiken van hun medailles en meegenieten van hun verzorgingspost. De kinderen hadden ook hun spaarpotten leeggemaakt en allerlei acties op touw gezet. Dit alles resulteerde in een prachtige cheque. Vervolgens ging het richting de markt van Bonn, waar de echte Rheinsteig route begon. Dus voor de start hadden we al de eerste 5 bonuskilometers binnen. Ook hier was weer pers, kleuters en mochten we dus nog een rondje door de stad hollen. Vervolgens werden we ontvangen door de burgemeester van Bonn en was er een uitgebreide verzorgingspost voor ons en een enveloppe voor het goede doel. Ook stonden hier een aantal lopers van een lokale loopgroep om ons op een gedeelte van deze etappe te vergezellen.

De eerste kilometers waren door de stad en langs de oevers van de Rein. Achteraf weet ik dat dit het enige stukje van de hele tocht was dat min of meer vlak was. Sinds lange tijd was het weer goed. Ruim 20 graden en strak blauw. Wat kun je nog meer wensen. Ik weet nog steeds niet hoe het kan, maar ik dacht vorige week geleerd te hebben hoe ik mij goed moet voorbereiden op een stukje lopen. Dit is helemaal niet moeilijk en goed samen te vatten in een woord: DRINKEN. Dus had ik deze ochtend volstaan met het drinken van precies twee kopjes koffie. We zullen het er maar op houden dat ik soms wat traag reageer.

Ik had mij voorgenomen om alle stukken bergop te rennen. Dit heb ik ook de hele dag volgehouden. Toen tot mij doordrong dat ik weer te weinig gedronken had ben ik dit toch blijven doen. Het woord rennen kon echter vanaf dat moment beter vervangen worden door het woord harken. Ook had ik mij voorgenomen om zo veel mogelijk bij de groep te blijven. Kortom ik heb heel veel en heel lang van alle uitzichtpunten kunnen genieten.

Het was een spectaculair mooie tocht. Het lukt mij echt niet om dit met woorden te beschrijven. Ik heb een poging ondernomen om dit met foto’s (209) vast te leggen. Maar je moet in de gelukkige omstandigheid zijn om hier zelf aan te mogen deelnemen om dit echt te ervaren. Enige letterlijke hoogtepunten waren de Petersberg en de Drachenfels. Dat er genoeg moeite gedaan was om alle hoogtepunten in de route te stoppen blijkt wel uit het feit dat de normale afstand tussen Bonn en Unkel een kleine 20 kilometer is; wij hadden er ruim 52 voor nodig. Maar er is in dat gebied ook geen enkele heuvel die wij niet op gelopen zijn. En nu we het toch over kilometers hebben: volgens het programma was deze etappe 44,2 kilometer. Vandaar dus de opmerking over de foutieve afstanden.

Op de laatste 15 kilometer zijn wij vergezeld door een parlementslid en die vond het zelfs zó leuk dat hij de volgende dag ook nog een stuk heeft meegelopen. Bij de finish heeft hij voor een paar dienbladen bier en water gezorgd heeft. Vreemd was trouwens wel dat het bier meteen op was en het water niet.

Op ongeveer twee kilometer voor de finish was er een winkeltje. Hier heb ik nog snel een grote fles cola gekocht. Toen ik afrekende begon de winkellier te zeuren over het feit dat hij statiegeld in rekening wilde brengen. Ik legde hem uit dat dat niet nodig was. Terwijl hij de zin uitsprak dat dit wel het geval was had ik de hele fles al netjes door mijn keelgat geschud. De grote ogen die de man zette zullen wel veroorzaakt zijn door het feit dat hij voor de eerste keer een Hollander zag die gelijk kreeg. Toen ik de fles terug gaf zag ik pas hoe erg ik er doorheen zat: ik had cola light gedronken!

Na een toespraak van de burgemeester en de gebruikelijke enveloppe volgde nog een uitnodiging van de plaatselijke turnvereniging om die avond naar hun toe te komen om daar een aantal lenigheidsoefeningen te doen. Ondanks dat ik hiervan heb afgezien kon ik terugkijken op een hele mooie eerste etappe en kon heel voldaan na het douchen aanschuiven aan een zeer rijkelijk voorzien avondmaal.

4 April Unkel - Nieuwied-Feldkirchen: “Ik begin het te leren”

Aantal kilometers 45,2 - Omhoog 2.149 meter - Omlaag 2.115 meter

Op de meet and greet hadden wij ook “bedrijfskleding” gekregen. Het was de bedoeling dat wij dit T-shirt zo veel mogelijk zouden dragen. Echt schoon was dit na de eerste dag niet meer. Dus heb ik voor de eerste keer in mijn leven kleren gewassen. Althans mijn T-shirt gedurende een gedeelte van mijn uitgebreide douchebeurt aangehouden. Tot mijn grote verbazing was het daarna weer wit en het ’s morgens zelfs zo goed als droog.

Na een inspannende snurkwedstrijd tegen Kees ben ik mijn dag begonnen met het drinken van 1,5 liter water en teven het inpakken van 2,5 liter in mijn rugzak. Aangezien ik na afloop van de eerste etappe ook nog 5 liter gedronken had was mijn vocht weer een beetje op peil. Om het evenwicht te houden heb ik tevens alles wat over was van het ontbijt netjes in mijn rugzak gestopt.

Vandaag stond een etappe van 42,9 kilometer op het programma. Ik voelde mij beresterk en had er ook echt zin in. Tot mijn verbazing zag ik dat er toch een paar lopers waren die een stuk minder fit oogden dan de eerste dag. Door de lokale lopers die ons vergezelden was als verrassing bovenop een berg (Erpel ?) een verzorgingsplaats ingericht. Tevens stond daar een onderwijzeres die ons een heel verhaal vertelde over de bewogen geschiedenis van die streek. Ook hadden we daar een mooi uitzicht op de overblijfselen van de brug bij Remagen.

In de loop van de ochtend werden wij verwacht in het prachtige stadje Linz. Daar stond de burgemeester, een verzorgingspost en een marsepein taart met het stadswapen. Zo’n taart is werkelijk optimale sportvoeding en zou bij iedere zichzelf respecterende marathon aangeboden moeten worden. Ik heb tevens van de gelegenheid gebruik gemaakt om het oude en prachtige gemeentehuis te bezichtigen. Toen ik een bordje las met de tekst “Betreten mit Feuer und offenen Licht streng verboten” wist ik waar ik als niet-roker naar toe moest. Ik heb dus zelfs de zolder van het gemeentehuis bezichtigd.

Waar ik de rest van de dag geweest ben weet ik niet maar ik heb prachtige burchten, mooie dorpjes en weidse vergezichten gezien. Onbeschrijfelijk mooi en weer goed voor 263 foto’s. Zodoende is het dan ook niet vreemd dat ik voor een marathonnetje bijna een hele dag onderweg ben geweest. Wat ik wel nog weet, is dat er op een kilometer of 14 voor de eindplaats van die dag een bezoekje aan een wijnboer ingepland was. Achteraf ben ik blij dat ik mij daar wat moed ingedronken heb, want de heuvel die daarna kwam was amper op te wandelen. Ik ga er trouwens nog steeds vanuit dat dit inderdaad zo moeilijk was door het stijgingspercentage en niet door de bloedworst die er bij de wijnboer gegeten was. Boven aangekomen zag ik dat wij nog steiler omlaag mochten. Als ik nu de foto’s bekijk dan breekt het angstzweet mij nog uit. Kortom het was weer ruim 45 kilometer puur genieten.

5 april Neuwied-Feldkirchen - Koblenz: “Gebakken aardappels met spek en spiegelei”

Aantal kilometers 53,5 - Omhoog 2.560 meter - Omlaag 2.638 meter

Vandaag zat ook een lusje door de Westerwald in de route. Daarnaast had de burgemeester ons gisteravond al verteld dat wij door het binnenkort op te leveren waterpark zouden gaan lopen. Maar eerst kwam er weer lopers uit de regio. Deze hadden tevens een zeer aanzienlijke gift van de lokale carnavalsvereniging mee gebracht. Een van de lokale loopster was trouwens Brigitta Biermanski die in 2003 deelgenomen heeft aan de Trans-Europalauf.

Het waterpark hebben wij gezien, en ik heb besloten om daar toch maar niet met mijn gezin naar toe te gaan. Vlak daarna zag ik echter iets dat ik nog nooit gezien heb. Een vuursalamander. Na een pauze in de kantine van de tennisclub kwamen wij op een gegeven moment in de buurt van een dierentuin. Uiteraard moest er en rondje door de dierentuin gedraaid worden. Wel een heel aparte gewaarwording om op een zondagmiddag een rondje te rennen in een dierentuin. We zullen maar zeggen dat de apen eindelijk ook eens iets te kijken hadden.

Dit was weer een uitzonderlijk mooie etappe. De klimmetjes waren fel en soms erg lang. Maar de uitzichten des te mooier. Niet vreemd dus dat ik nog even 255 foto’s gemaakt heb. Ik heb weer heel wat burchten mogen bezoeken. Op een geven moment ging de tocht zelfs over het terras van een kasteel waar een redelijk exclusief restaurant gevestigd was. Ik vond het wel fun om in mijn frisgewassen bedrijfskleding op zondagmiddag tussen de poepie-chique-lunchende-mensen door te slalommen.

Op een kilometer of dertien van het eindpunt van die dag lag een groot restaurant met uitgebreide terrassen met een schitterend uitzicht. Gezien het geweldige weer en het feit dat het zondagmiddag was, was het daar overvol. Maar met wat passen en meten pasten wij er ook nog wel bij. Uiteraard had dit niets te maken met onze mooie en frisse bedrijfskleding. Nu is inmiddels wel bekend dat ik niet echt vies ben van een hapje eten. Maar ik heb wel geleerd dat ik beter kan wachten met het verorberen van echt zware maaltijden tot na het lopen. Dus toen een aantal loopmaatjes over gingen tot het bestellen van gebakken aardappelen met spek en spiegelei heb ik mij keurig beperkt tot het drinken van een Malzbiertje. Een godendrank die ik tijdens deze loop erg heb leren waarderen.

Toen we uiteindelijk in Koblenz aankwamen was er iets misgegaan en was er zowel geen burgemeester als ook geen pers aanwezig.

6 april Koblenz – Filsen: “het raadsel van de koffiepot”

Aantal kilometers 43,5 - Omhoog 2.292 meter - Omlaag 2.290 meter

Een tijd geleden kreeg ik een mailtje van Bram waarin iets stond in de trant “als jij een oude koffiepot hebt neem die dan mee als je de Rheinsteig gaat lopen”. Op zich was dit natuurlijk een helder geformuleerde boodschap. Toch had ik geen enkel idee wat ik hiermee aan moest. Ik heb diverse pogingen ondernomen om hierover iets meer duidelijkheid te krijgen, maar Bram bleef stoïcijns. Ik heb zelfs vlak voor mijn vertrek een verrassingsaanval proberen uit te voeren en iets gevraagd in de trant van “je zou mij nog even het verhaal achter de koffiepot uitleggen”. Maar Bram te slim af zijn lukt mij niet. Dus het antwoord:” gewoon meenemen” bracht bepaald geen licht in de duisternis.

Toen ik in de trein zat met Helmut, Martine en Gabi kon ik het uiteraard niet laten om langs de neus weg te vragen hoe het ook al weer zat met de koffiepotten tijdens de Rheinsteig. Zij lieten zich alleen ontvallen dat ik dat wel tijdens de vierde etappe zou merken. Toevallig hoorde ik ook dat Kees een mailtje met een tekst van soortgelijke strekking van Bram gehad had, en hij had gelukkig ook geen flauw idee. Tijdens de hele etappe heb ik dan ook extra goed opgelet. Ik weet niet meer wat er allemaal door mijn hoofd spookte maar ik ben steeds op zoek geweest naar iets waar ik iets zou kunnen doen met een koffiepot. De ondersteuning die ik hierin van de anderen kreeg was ook geweldig: ”nog 15 kilometer en dan zie je het vanzelf……”

Een van de lopers die ons die dag het eerste stukje vergezelde was Joachim Barthelmann. Joachim is bij de Trans-Europa footrace verantwoordelijk voor onder meer het uitzetten van de route en het regelen van de slaapplaatsen. Het was de laatste dag voordat Joachim naar Italië vertrok. Het is natuurlijk heel interessant om van zo’n insider een aantal smeuïge details over deze megaonderneming te horen. Daarnaast hoorde ik tijdens dit eerste stuk heel vaak het woord Ruppertsklamm. Ik had weer geen flauw idee wat dit was maar er werd wel met steeds meer ontzag over gepraat. Ook hoorden wij dat er midden in deze Klamm verslaggevers zouden staan om over onze capriolen daar verslag te doen en op de gevoelige plaat vast te leggen. Voor het zover was kwamen we eerst nog langs een uitzichttoren die helaas gesloten was omdat de trappen helemaal verrot waren. Jammer dat wij ons hiervan iets aangetrokken hebben want nu hebben we in ieder geval een aantal hoogtemeters gemist en waarschijnlijk ook een paar mooie capriolen.

Hierna kregen we de Ruppersklamm. Werkelijk spectaculair. Een lange en steile afdaling in een rivierbedding. Tussen de 214 foto’s van vandaag zitten er genoeg die een indicatie kunnen geven hoe geweldig dit was. Sommige stukken waren gezekerd met kabels maar er was nog genoeg om je volledige lenigheid en alle nog niet gebruikte spieren een uitdaging te bieden. In deze klamm kwam ik bovendien voor de tweede keer in mijn leven een vuursalamander tegen. Daarnaast ben ik ook letterlijk met mijn kont in het water gevallen, heerlijk verkwikkend.

Hierna werden we tevens door Joachim vergast op een verzorgingspost. Ben ik blij dat deze loop in de week voor Pasen is, dan zijn er immers allerlei soorten chocolade paaseieren beschikbaar.

Op onze bedrijfkleding staat ook de tekening van een van de vele burchten en vandaag hadden wij het genoegen om deze in het echt te mogen aanschouwen. Ook was er een geweldige pauze op een zonovergoten pleintje in een prachtig dorpje. Ook al heb ik geen haring, geen gebakken aardappelen en zelfs geen ijs gegeten, toch heb ik genoten.

Dit was de eerste dag dat de gelopen afstand korter was dan de marathon. Dus toen wij in onze etappeplaats ontvangen waren en de gebruikelijke formaliteiten afgewerkt hadden zijn Kees en ik nog een kilometer of 7 langs de Rhein gaan lopen. Dit was eigenlijk wel heel erg lekker.

Vreemd genoeg was ik toen het raadsel van de koffiepotten helemaal vergeten. Toen we ‘s avonds aan tafel zaten zei Rolf dat hij een heel speciale verrassing voor ons had. Hij was in die buurt opgegroeid en zijn moeder maakte soms voor hem een lokale specialiteit. Het restaurant waar wij zaten organiseerde heel af en toe een avond waarbij ze dan ook deze specialiteit serveerden. Na rijp beraad met Brigitte en zo te merken ook een zware discussie hadden ze besloten om het restaurant te overtuigen om dit ook voor ons te maken. Als ik het goed gehoord had heette het gerecht “debbeküchen”. Iedereen kreeg een grote en rijk gevulde gietijzeren pan voor zich te staan en een bord appelmoes. Ook zonder het gewicht van het gietijzer was dit wel een heel zware maaltijd. Omdat ik altijd het neusje van de zalm wil weten ben ik later met de eigenaar gaan praten. Hij heeft mij de hoofdlijnen van het recept verraden. Wij waren die avond met, dacht ik, 24 eters dus had hij 30 kilo aardappelen geschild. Per persoon kwam dit dus neer op ruim een kilo aardappelen. Daarnaast had hij per persoon een pond spek genomen en zeven eieren. Dit alles werd aangemaakt met puur varkensvet en daarin ook gebakken. Ik denk dus dat de term stevige maaltijd wel op zijn plaats is. Gelukkig kregen we ook nog allemaal de Duitse variant van een Bossche Bol XL als toetje. Eigenlijk was ik best blij dat ze vervolgens met een borreltje met het indrukwekkende alcoholpercentage van 50 procent als digestief kwamen.

Ik kreeg na afloop hiervan van Helmut nog een persoonlijk toetje. Hij vroeg mij of ik nu eindelijk wist hoe het zat met de koffiepotten. Zoals ik wel vaker doe met problemen die ik absoluut niet kan oplossen had ik dit helemaal verdrongen en moest ik ook bekennen dat ik nog steeds geen flauw idee had. Toen hij zei dat ik mijn hoofd moest optillen en ik dit ook netjes gedaan had, zag ik dat er in de eetzaal langs alle muren planken getimmerd waren. En hierop stonden ze inderdaad. Dit blijkt dus het product van de verzamelwoede van de vrijgezelle dochter des huizes te zijn. Dus als er toevallig nog ergens een vrijgezel rondloopt met een gezonde eetlust dan weet ik nog wel iets voor hem.

7 april Filsen – Loreley: “Echte sportvoeding”

Aantal kilometers 43,1 - Omhoog 2.033 meter - Omlaag 1.903 meter

Inmiddels was al weer de vijfde loopdag aangebroken. Vandaag werd onze groep onder meer verstrekt met een van de medewerkers van het Rheinsteig bureau, de organisatie die verantwoordelijk is voor het onderhoud en de promotie van de Rheinsteig. Wij hadden dus weer het genoegen om een onuitputtelijke bron van informatie in ons midden te hebben. Voor het vertrek heb ik nog even gevraagd of er misschien nog een portie debbeküchen over was. Gelukkig was dit niet het geval

Dit was de dag van de burchten en dus weer flinke stijgingen. Prachtig zijn ook de verhalen die hierbij horen. Zo denk ik dat iedereen zich wel een beeld kan vormen bij de kastelen van de “de twee vijandige broers”. En ook een verklaring voor de kogelgaten in deze twee kastelen. Ook de twee tegenover elkaar liggende kastelen Katz en Maus hebben originele namen en verhalen. En als je vervolgens weer een uitzichtpunt tegen komt met de naam 3 Burgenzicht weet je hoeveel moois er te zien is.

Tussentijds was er ook een rust in gepland in een cafeetje. Voor de eigenaresse ons naar binnen liet moesten we eerst naar de er tegen overgelegen feestzaal en daar onze rugzak afdoen en achter laten. Op zich zou ik bij zo’n verzoek eerder aan de handelwijze van roofridders dan aan die van een GASTwirt denken. Toen we het café binnen kwamen was ook dit raadsel snel opgelost. De eigenaresse was nogal gefascineerd door varkens. In het café was amper plaats voor gasten, het stond helemaal vol met varkens in alle mogelijke verschijningsvormen en formaten. Ook het stro en de troggen ontbraken niet.

De etappe van vandaag was de kortste met een geplande afstand van ruim 31 kilometer. Dus hadden Kees en ik nog een stevige afterparty op het programma staan. Het eindpunt was boven op de Loreley rots. Dit was trouwens een van de weinige locaties waar ik wel eens van gehoord had en eerlijk gezegd achteraf ook de minst spectaculaire plek. Er waren toch een aantal lopers die het heel erg moeilijk hadden en de groep lag behoorlijk ver uit elkaar. De afspraak was dat wij op een kilometer of twee voor het eindpunt weer zouden verzamelen. Toen wij daar kwamen vertelde Rolf dat wij die avond een verassingafspraak op een andere locatie dan ons hotel hadden. Het was dus de bedoeling dat wij tijdig in de hal van het hotel zouden verzamelen. Deze afspraak was over een uurtje. Kees en ik kregen toen toestemming om al naar het hotel te gaan, onze sleutel op te halen en ons marathonnetje af te ronden. Toen wij bij het hotel kwamen hadden wij ruim 32 kilometer op de teller. Dus voor de zekerheid moesten wij nog een kleine 11 kilometer. De Loreley is het hoogst gelegen punt dus wat we ook zouden doen we zouden niet alleen de kilometers moeten overbruggen maar ook nog flink wat extra hoogtemeters maken. Dus nadat we onze spullen op de kamer gelegd hadden en onze bidons gevuld hadden konden we even een flink stukje knallen. Dit ging verassend goed en was eigenlijk erg lekker om te doen. Veel tijd om te douchen hadden we niet maar toch waren we zo goed als op tijd op het afgesproken punt. Van daaruit ging het naar het bezoekerscentrum van de Loreley. Hier werden we ontvangen door de burgemeester, iemand van de ondernemersvereniging en de Loreley zelf. Daarnaast was de wijn die daar rijkelijk vloeide ook meer dan de moeite waard. De Loreley vertelde in haar toesprak dat ze het zo geweldig vond waar wij mee bezig waren dat ze best zelf graag een stukje mee zou gaan. Uiteraard werd haar verteld dat dat geen enkel probleem was.

Bij het eten heb ik mij weer eens van mijn beste kant laten zien. Het eten was prima en als bijgerecht kregen wij een soort aardappelballen. Uiteraard hebben wij die een aantal keren bij besteld. Op een gegeven moment zei de kelnerin dat zij niet zeker wist of er nog aardappelen waren. Laat ik nu toevallig vlak van te voren op mijn weg van het toilet langs de keuken gekomen zijn en een gesprek tussen haar en de kok gehoord hebben. De kelnerin zat zelf in de keuken te eten. Hierbij was zij aan het klagen dat de kok zo’n grote portie en vooral zoveel aardappelballen voor haar had gemaakt. Zij kreeg die niet op, en dus zou zij ze wel inpakken om mee naar huis te nemen. Het is dus een dol feest geworden om zoveel mogelijk aardappelen te krijgen. Uiteindelijk ben ik afgekocht met een paar extra toetjes.

8 april Loreley – Assmannshausen: “Marsepein en oordopjes”

Aantal kilometers: 43,5 Omhoog: 1.955 meter Omlaag: 2.077 meter

Toen ik ’s morgens buiten stond stond daar de Loreley. Ook al had ze haar galajurk omgewisseld tegen een joggingpak, ik herkende haar meteen. Ze was het. Omdat het toch nog vroeg was en de copieuze maaltijd mij nogal zwaar op de maag lag twijfelde ik even. Ik heb even met de gedachte rondgelopen om te voelen of ze echt was en geen fata morgana. Bij nader inzien heb ik daar maar van afgezien.
Bij de groep begeleidende lopers was ook Ronald Nickel, een loper die onder meer in Nederland deelgenomen heeft aan de JKM en 120 van Texel. Ronald zou uiteindelijk nog stukken van de laatste 3 etappes meelopen en werd hierbij afwisselend begeleid door zijn echtgenote en zoon. Tevens organiseerden zij spontaan twee keer zeer uitgebreide verzorgingsposten. Bij deze posten verstrekten zij ook ruime hoeveelheden karnemelk een van de weinige sportdranken die ik gedurende mijn carrière nog nooit ben tegen gekomen.

Tijdens deze loop werden wij ook verrast met een bezoek aan de “Freistaat Flasschenhals”. Dit was een merkwaardig overblijfsel uit een bewogen periode uit de Duitse geschiedenis. Hier kregen wij twee niet alledaagse zaken tijdens een loopje, heel lekkere sekt en een heel interessant historisch relaas.

Deze etappe was volgens planning ruim 44 kilometer. Dus Kees en ik hoefden dus vandaag niet het gezelschap van de groep voor kortere of langere tijd vaarwel te zeggen. Dachten wij. De Rheinsteig is zeer goed gemarkeerd door haar blauw-witte logo. Op sommige plekken kom je het logo in geel-wit tegen. Dit zijn routes die je van de hoofdroute naar plaatjes brengen die aan de Rhein liggen. Toen wij de vrijstaat verlieten viel mij op dat ik geen blauw-witte tekens zag. Wel zag ik geel-witte. Omdat ik alleen een glaasje sekt gedronken had was dit dus echt zo. Op een geven moment hoorde ik Rolf zeggen dat dit stuk van de route veel mooier was dan het stomme stuk over de weg dat ze vorig jaar gelopen hadden. Naast de markeringen staan er ook regelmatig borden met de te lopen kilometers tot de volgende plaatsen. Toen ik bij zo’n bord de te lopen afstand optelde bij de afstand op mijn gps zag ik dat dit totaal minder dan 44 was. Sterker nog het was zelfs minder dan 42,2. Er waren steeds meer lopers die behoorlijk gesloopt raakten door het hele dagen onder weg zijn. Dus vielen er flinke gaten. Dus hebben Kees en ik maar besloten om een flink stuk terug te lopen. Ik kan nu een heel verhaal ophangen waarom het heel slim is om dit te doen als je net een stevige berg naar beneden gelopen bent, maar eigenlijk was het gewoon stom maar ook wel leuk. Hoe het ook zij, toen wij weer bij de eersten van de groep waren wisten wij vrijwel zeker dat wij aan het einde van deze dag weer een marathonnetje op onze lijst zouden kunnen bijschrijven. Als ik het toch over logica heb: ik heb die dag weer een staaltje vernuft gezien. Op de helling van een berg lag een kerkhof. Toen wij nadat wij hier naar beneden gelopen waren aan de overzijde weer naar boven liepen stond daar een man in werkkleding die ons vroeg om zo stil mogelijk te zijn. Nieuwsgierig als ik ben moest ik hier weer het fijne van weten. Er bleek aan de overkant op het kerkhof een begrafenis plaats te vinden. Eerst dacht ik dat we dus uit piëteit en respect voor de overledene zo rustig mogelijk moesten zijn. Dit was echter niet helemaal het geval. De man had een afstandsbediening voor de kerkklokken in zijn hand. Hij moest op het juiste moment de klokken laten luiden en hiervoor moest hij kunnen horen wat de pastoor zei. Op zich een prima benadering maar waarom de man niet gewoon ergens op het kerkhof ging staan was mij niet helemaal helder.

So wie so was dit een beetje de dag van het personeel. Want toen we boven op een berg met mooi uitzicht over de wijngebieden waren, zagen we daar een soort kast op een lange paal. Deze was tot de nok toe gevuld met flesjes wijn, althans toen wij daar aan kwamen. Er hing een briefje aan met de uitnodiging aan de dorstige voorbijgangers om zich zelf te bedienen en per gescoorde fles 2 euro in een potje te doen. Prachtig dat zo iets nog kan in deze tijd.

Toen we uiteindelijk bij ons etappedoel voor die dag arriveerden werden we daar onder meer ontvangen door de voorzitster van de stichting (Bennie en Ko) waarvoor we liepen. Als kleine blijk van waardering werden we getrakteerd op koffie met taart.

’s Avonds was er weer een burgemeester en tevens een aantal mensen van de Rheinsteig organisatie. Ook was genoemde voorzitster van Bennie en Ko er weer, samen met een van haar kinderen die helaas door deze verschrikkelijke ziekte getroffen is. Als je zo’n jongetje ziet dan besef je pas hoe dankbaar je mag zijn dat je gezonde kinderen en gezonde spieren hebt. Iets wat ik mij de komende tijd als ik weer ergens loop en ik voel een of ander ongemakje zeker zal herinneren. Tevens konden wij deze avond aan de stichting een cheque ter hoogte van 5000 € plus een hele stapel goedgevulde enveloppen overhandigen. Het vervulde mij met een bepaalde trots dat ik hier een klein steentje aan heb mogen bijdragen.

Die avond ging ik met een erg goed gevoel naar bed. Ik moest wel erg lachen toen ik zag dat er op de kamer die ik voor de zesde nacht in successie met Kees deelde heel romantisch mijn bed met een roos versierd was. Ik was blij dat er op Kees zijn bed ook een roos lag want anders had ik spontaan besloten om die nacht op de gang te slapen. Ook lagen er op onze bedden oordopjes. Dit in tegenstelling tot de vorige nacht toen er op ons bed een snoepje van marsepein lag. Dit laatste bracht mij op het idee voor een experiment de volgende morgen.

9 april Assmannshausen – Kiedrich: “De dag van het experiment”

Aantal kilometers 43,2 - Omhoog 1.792 meter - Omlaag 1.715 meter

Tijdens het ontbijt was het tijd voor mijn experiment. Met mijn meest onschuldige blik vroeg ik wie ook vond dat de snoepjes die op ons bed lagen wel erg taai waren. Tot mijn grote verbazing waren er twee lopers die deze mening deelden. Ik vroeg mijn nu werkelijk af of als de volgorde anders geweest was er nu lopers zouden zijn geweest die ‘s morgens de marsepein niet uit hun oren kregen.

Vanuit Assmannshausen gaat er een kabelbaan naar boven. Normaal vind ik dit een nutteloos vervoermiddel. Tijdens onze eerste klim die dag welke precies onder de route van die kabelbaan was, heb ik meer dan eens naar boven naar de kabelbaan gekeken. Dat toen de tong uit mijn mond hing staat buiten discussie. Of de oorzaak hiervan de inspanning of het verlangen om in zo’n gondeltje te gaan zitten was, weet ik niet.

Ook al heb ik deze dag maar 144 foto’s gemaakt toch was het weer een heel mooie tocht. Wel merkte je dat de heuvels een beetje minder hoog werden. Volgens mij hadden onze Oosterburen dit ook in de gaten en hebben ze om dit te compenseren een zeer groot beeld (Germania) geplaatst.

Ook dit was weer een etappe die korter was dan de benodigde 42,2. Omdat er geen echte tijdrovende activiteiten waren en één loper helaas het laatste stukje met de auto die de door Ronald georganiseerde verzorgingspost bevoorraad had was meegereden, waren we relatief vroeg in onze etappeplaats. Dus Kees en ik dachten even 6 kilometer te lopen en dan voor het eten nog wat extra tijd te hebben.

Maar eerst werden we op het historische gemeentehuis verwacht. Deze gemeente had de slimmigheid bedacht om voor ieder bruidspaar dat hier trouwde een wijnrank te planten. Vervolgens kreeg ieder bruidspaar ieder jaar na de oogst een fles wijn van deze speciale wijngaard. Dit bleek zo succesvol dat het een zeer grote wijngaard geworden was met een zeer goede productie. Dus de gemeente had nu een heel mooie voorraad wijn die ze graag aan speciale gasten schonken. Dus uiteindelijk waren Kees en ik aanzienlijk later terug van ons aanvullend stukje lopen dan gepland.

Die avond was alweer onze laatste nacht in een hotel en daarom het meest geschikte moment voor de “afscheidceremonie”. We kregen een prachtig ingelijste oorkonde. Een paar antiblaren sokken en een koffiemok. Voor mij als gebruiker van minimaal 30 kopjes troost per dag hét ideale geschenk om zeer regelmatig aan deze mooie en indrukwekkende tocht terug te denken. De 144 foto’s van vandaag zullen ook zeker nog vaak bekeken worden.

10 april Kiedrich – Wiesbaden: “Het feest is alweer voorbij”

Aantal kilometers 43,5 - Omhoog 1.518 meter - Omlaag 1.546 meter

Ook deze dag was de geplande afstand weer te kort. Omdat we niet wisten wat er allemaal ter afsluiting van deze loop op het programma stond, hadden Kees en ik besloten om voor het ontbijt al een stukje te lopen. Dus liepen wij om 6 uur ’s ochtends al door een totaal uitgestorven gebied te joggen. Het was die dag Goede Vrijdag en dus had iedereen vrij. We kwamen geen verkeer tegen maar wel heel dicht bij de bebouwing groepen reeën. Dus toen wij aan het ontbijt zaten na te genieten sloeg de honger toe. Of het hieraan gelegen heeft weet ik niet maar voor de eerste keer maakten wij mee dat het brood op was. Omdat ik toch niet de indruk had dat er tijdens deze tocht iemand ondervoed geraakt was, was dat niet echt dramatisch. Ik had van een aantal lopers gehoord dat zij tijdens voorafgaande edities van deze loop een aantal kilo’s bijgekomen waren. Omdat ikzelf altijd afval tijdens meerdaagse lopen, kon ik dit in eerste instantie niet geloven. Inmiddels kan ik mij wel voorstellen dat zij niet overdreven hadden.

Ik dacht dat ik redelijk had zitten tellen wat ik die dag aan extra kilometers nodig had. De “echte” Rheinsteig eindigt in Biebrich. Wij zouden dan nog van Biebrich dwars door Wiesbaden naar een groot thermaalbad lopen. Ik had begrepen dat de geplande afstand de afstand tot het eindpunt van de Rheinsteig was en dat hier nog de laatste 7 kilometer bij kwam. Toen ik de bordjes met de kilometeraanduiding zag bleek mijn kennis van de Duitse taal toch minder goed dan ik gedacht had. Wij moesten dus nog een behoorlijk aantal keer terug lopen om de te kijken hoe het er in de achterhoede voor stond.

De route liep ook door een kuuroord met de naam Slangenbad. Toen wij afdaalden naar dit oord zag ik over het pad een slang kruipen. Toen groeide mijn ego weer want schijnbaar begreep ik toch nog wel iets van de Duitse taal. Toen ik vertelde dat ik een slang gezien had kreeg ik als reactie dat dit niet waar was. Op dat moment was ik blij met mijn 131 foto’s van die dag. Maar ik heb ze niet als bewijs hoeven te tonen. Men vertelde mij dat ik een hagedis gezien had. Ik ben waarlijk geen reptielen kenner maar het verschil tussen een hagedis en een slang denk ik toch wel te zien. Volgens mij noemen ze dat poten. Ik vond het dan ook een hele openbaring dat ze schijnbaar in Duitsland de potenloze hagedis hebben uitgevonden. Dus kregen zij gelijk en had ik geen slang gezien. Ik ga dan ook voorstellen om dit plaatsje maar Hagedissenbad te noemen.

Inmiddels was het dus weer vrijdag en zoals gezegd een vrije dag in Duitsland. Het laatste stuk langs de Rhein tussen allemaal flanerende mensen die van het stralende weer genoten was echt genieten. Opvallend was ook de verbluffend goede werking van de promotiecampagne. De mensen wisten waar wij mee bezig waren en het kwam regelmatig voor dat men ons geld toestopte voor het goede doel.

Omdat ik echt niet veel vertrouwen had in de zeer regelmatig wijzigende afstandsindicaties werd ik gedurende het laatste stuk toch een beetje onrustig. Uiteindelijk bleek het allemaal wel mee te vallen en heb ik zelfs 1.258 meter te veel genoten. Het zoute water van het thermaalbad was iets waar ik echt wel aan toe was. Even voor de goede orde: dit zout kwam niet van de ongedouchte lopers af. Helaas was de tijd die we hier konden ronddobberen een beetje beperkt want we werden weer verwacht door een burgemeester. Maar aangezien een vrijwel onuitputbare voorraad taart en drinken verstekt werd zal niemand mij horen klagen.

Uiteindelijk moesten we toch naar huis. Door de goedkope tickets waren wij verplicht van de regionale (lees: stoptreinen) gebruik te maken. Het was toch wel leuk om zo weer hele stukken terug te zien die we gelopen hadden. Toen pas realiseerde ik mij dat het toch wel een stevig stuk was wat wij gelopen hadden. Uiteindelijk was ik om 22:45 in Aken. De laatste trein naar Heerlen ging om 23:32. Ik had dus ruimschoots tijd om over te stappen. Deze trein was om 0:06 keurig op tijd in Heerlen. Hier was dus precies om 0:03 de laatste trein naar Sittard vertrokken. Dit kwam eigenlijk wel erg goed uit want ik wilde toch zaterdag een stukje lopen. Daarnaast kwam het so wie so goed uit want toen ik ´s middags mijn auto op het station wilde ophalen bleek die niet meer te starten.

Samenvattend:
Eerst maar even omdat het zo interessant staat wat cijfertjes:

Dag     Afstand      Omhoog      Omlaag      Foto’s

1 52,672 2.700 2.803 209
2 45,207 2.149 2.115 263
3 53,478 2.560 2.638 255
4 43,446 2.292 2.290 214
5 43,056 2.033 1.903 170
6 43,453 1.955 2.077 238
7 43,198 1.792 1.715 144
8 43,453 1.518 1.546 131
367,965 16.999 17.087 1624


De eerste conclusie die getrokken kan worden is dat ik per saldo gewoon 88 meter bergaf gelopen heb. Nummer twee is dat ik steeds minder foto’s ben gaan maken. Briljante conclusies waar gelukkig niemand iets mee kan.

Waar het echt om gaat is dat ik kennis heb gemaakt met een ander aspect uit het grote spectrum van het loopgebeuren. Ik het genoten en ik heb gepresteerd en ik heb een kleine bijdrage mogen leveren aan hopelijk het bestrijden van een verschrikkelijke ziekte.

Toch nog even terugkomen op het presteren. Het staat buiten kijf dat ik voor een marathonnetje bijna een hele dag onderweg ben geweest. In de huidige cultuur waar Tijd met hoofdletters geschreven word en de eerste vraag altijd is “in welke tijd was je binnen” zal het woord presteren in deze context bij menigeen minimaal tot een lichte frons van de wenkbrauwen leiden. Bij het assertivere gedeelte van de bevolking wellicht tot een beweging van een vinger richting voorhoofd. Ook ik moet eerlijk toegeven dat het wel enige tijd gekost heeft om bij deze manier van lopen mijn draai te vinden. En er zijn best en aantal ogenblikken geweest dat ik dacht ”jongens en nu gas er op”. Rekening houden met anderen is nooit mijn sterkste punt geweest . En dat heb ik nu geleerd.

Toch ben ik hier een stuk sterker door geworden en durf zelfs te beweren dat ik hier bij mijn volgende loopje de vruchten van zal plukken. Ook is dit erg goed geweest voor mijn mentale ontwikkeling .

Een hele dag onderweg is niet slech. Als je dit snel genoeg leest rijmt het ook nog en is dit toch een mooi motto om mee af te sluiten.

Henk Geilen
Info provider loopplezier.tk
http://www.loopplezier.tk
http://home.hccnet.nl-h.geilen-index.htm 

 
[ top pagina ] - [ Kalender info ]