Ga naar de startpagina

Het laatste nieuwsGa naar de verslagenBekijk de komende evenementen in de kalenderGa naar de uitslagenGa naar het discussie forumTrainings tipsLinks naar andere pagina'sMeest gestelde vragen

Verslagen actueel
17 aug 2019
Een geweldige etappeloop: de Holland Ultra Tour
13 aug 2019
Holland Ultra Tour, oftewel: uit in eigen land
1 jul 2019
Alvi Ultra Trail 2019
24 jun 2019
24 uur Stadtoldendorf
Verslagen in 2019
Verslagen in 2018
Verslagen in 2017
Verslagen in 2016
Verslagen in 2015
Verslagen in 2014
Verslagen in 2013
Verslagen in 2012
* December
* November
* Oktober
* September
* Augustus
* Juli
* Juni
* Mei
* April
* Maart
* Februari
* Januari
* 31 jan 2012: The road to Dubai 100
* 31 jan 2012: Dutch Coast Ultra Run By Night – 28/29 januari 2012
* 30 jan 2012: Niet bestaande dingen op het strand
* 29 jan 2012: Feest in huize Vermeulen
* 29 jan 2012: In de tredmolen
* 28 jan 2012: Dutch Coast Ultra Run by Night 2012, verslag van Rinus van der Wal.
* 15 jan 2012: Asterix en Obelix
Verslagen in 2011
Verslagen in 2010
Verslagen in 2009
Verslagen in 2008
Verslagen in 2007
Verslagen in 2006
Verslagen in 2005
Verslagen in 2004
Verslagen in 2003
Verslagen in 2002
Verslagen in 2001
Verslagen in 2000
Verslagen in 1999
AltaVista
Zoek:
Discussies
Het web


 
VERSLAGEN van Februari 2012
 
Toen we besloten om gezamenlijk de trip naar het Siciliaanse Siracuse te ondernemen en we daarbij een tussenstop in Milaan dienden in te lassen, ging er bij beiden een lampje branden: geen van ons tweeën was immers in de Italiaanse modestad geweest. Dus namen we de beslissing eerst daar een viertal dagen te vertoeven alvorens weer het vliegtuig naar Siracuse op te stappen. En daar hebben we geen spijt van gehad, Madre Madonna wat een prachtstad, wat een schat aan kunst en cultuur en daarenboven een heerlijke keuze aan resto's, osteria's, rosticceria's, trattoria's, foccacia's, puties en pizzeria's, en gerechten om je vingers bij af te likken: ottimo delisioso!

De overige tien vakantiedagen op het Italiaanse eiland waren ook 'genietdagen'. Vanaf dag één vergastte Siracuse ons op een heerlijk zonnetje. Mooi stadje met een schat aan historische monumenten en sites, van prehistorie, over Grieks, Romeins naar barok ...prachtige paleizen, kerken, theaters ... kortom, een cultureel erfgoed om trots op te zijn!

Maar ons hoofddoel was natuurlijk de stadsmarathon – the Siracusa City Marathon – zoals op de grote posters en vlaggen in de stad stond geschreven.

Eens vertrokken bleek echter al vlug dat alleen het in- en uitlopen van de stad het label 'city marathon' verdiende ... voor 't overige werd deze wedstrijd over heuvelachtige plattelandswegen betwist! En een interessant weetje daarbij is: de gps wees bij de aankomst een slordige ... 42 780 m aan ... dus bijna een volle 600 m meer dan de marathonafstand! Maar in Italië maalt niemand daar om!

Een en ander bleek al bij het afhalen van de borstnummers 's daags voordien. Even was er bij ons twijfel gerezen. Beiden weten we ons aardig in 't Italiaans te behelpen, en hoewel er ook een Engelstalige versie is, dient de inhoud toch met een grove korrel Italiaans zout genomen te worden, nietwaar! Op de officiële site werd met geen woord gerept over alles wat je bij zulk evenement dient te weten ... niente ... en ja hoor, goed dat wij onze laptop bij ons hadden, en dat er in ons appartement een internetverbinding was, want amper 3 dagen vóór de wedstrijd werd per mail de nodige info gezonden. En we denken zelfs dat - indien we geen mailtje naar de organisatie hadden gezonden met een vertwijfelde vraag of we nu ingeschreven waren of niet (wat we op hun site nauwgezet volgens het boekje hadden gedaan) - dat we zelfs die nodige wedstrijdinfo geenszins zouden gekregen hebben. De pastaparty die er van 15.00 u. tot 20.00 u. - tegelijkertijd met het afhalen van de borstnummers - stond aangekondigd, was nu plots naar 19.00 u. verschoven ... De lijst met voorinschrijvers hing keurig alfabetisch tegen een raam geplakt ... ruim 900 deelnemers onder elkaar 'getikt' zonder onderverdeling in het wedstrijdenaanbod: er was nl. een 10K, een 21 K en een 42K ... nou ja, hoeveel deelnemers er aan de marathon zouden deelnemen, daar had je het raden naar, maar weer: geen haan die daar naar kraaide!

Maar je moet de organisatie wel meegeven dat alle twijfels met de glimlach werden weggewimpeld en dat al je vragen met geduld en met de nodige handgebaren werden beantwoord. Als beloning voor zoveel geduld en begrip mochten we wel een stevige rugzak in ontvangst nemen, mooi gevuld met een kilo pasta, wat pakjes koekjes, een t-shirt, een pet en nog wat van dit fraais. Daarenboven lag er op diverse tafels heerlijk 'snoepgoed', t.t.z. Italiaanse 'dolce' ... heerlijke koekjes aangeboden door enkele plaatselijke, immer glimlachende schonen ... en ja hoor, dat doet een mens toch wat ...

De wedstrijd zelf dan.
Op het immense Piazza Duomo, vlak voor de statige dom, is gelijktijdig de start van zowel de 10, 21 als de marathon gepland. Op zich een fantastisch gevoel en een uitzonderlijke startplaats, ware het niet dat eens het plein verlaten je in een trechter en een wirwar van erg nauwe straatjes verzeild raakte, met vaak nog enkele ijzeren paaltjes vlak in 't midden ... maar ook nu weer: niets dan vrolijke, uitgelaten Italiaantjes op weg in wat meer dan waarschijnlijk hun jaarlijkse sporthoogdag moet zijn.

Maar we zijn nog niet vertrokken hoor! Vooreerst rees er (weer) twijfel. Waar je toch een hooggespannen startdoek verwacht ... lag dit nu laaggespannen en uitgestrekt over de grond ... aan welke kant moesten we nu plaatsnemen??? Na verloop van tijd werd de enige wheeler naar de juiste kant van het doek geloodst, zodat ook wij de te lopen richting nu kenden.

Wat om stipt 9.00 u. als start uur stond geprogrammeerd werd niet zo nauw genomen ... een plaatselijke commentator pleegde eerst uitgebreid zijn woordje, gevolgd door waarschijnlijk de een of andere schepen/wethouder van sport of zo ... dan weer gevolgd door een onverklaarbare radiostilte, en ja hoor ... aha, plots een andere enthousiaste stem – de burgemeester??? die hoogstwaarschijnlijk zou beginnen met aftellen ... no, verkeerde inschatting van ons .... geen aftelling, geen pistoolschot, maar een of andere pastoor die een kort schietgebedje prevelde waarna de ganse meute met ruime gebaren een kruisteken te berde bracht en ... weg waren we! Siracusa heeft een oude stadskern – Ortigia – een voormalig eiland, dat nu door twee bruggen met het 'vasteland' verbonden is. Daar werden doorheen de nauwe, hellende steegjes twee rondjes van ongeveer 2,5 km afgelegd, waarna de 'boerenbuiten' werd ingetrokken.

De eerste kilometers stad uitwaarts stonden mooi om de 20 m ongeveer rood-witte verkeerskegels die 1/4de van de rijweg afbakenden, zone waarbinnen we dienden te lopen. Maar eens de citylimits bereikt, was het vrij spel voor zowel lopers als verkeer. Wel moeten we toevoegen dat bij elk zijstraatje een seingever had 'plaatsgenomen', en dit is het correcte woord, want deze personen stonden er te staan, en daarmee is alles gezegd: geen aanmoediging, geen glimlach, geen grijns, geen woord, laat staan gebaar. En wat erger was ... toen Els op een gigantische rotonde, waar een vijftal wegen op uitkwamen, de bocht nam en zich al ruim halverwege dat rond ding bevond en eroverheen tot een zogezegde seingever riep (die een geanimeerd gesprek aan 't voeren was met een medemaat) : Waar naartoe?” verontschuldigde deze zich met de nodige gebaren en riep dat ze moest omkeren en de eerste afslag diende te nemen!!! Ruim 300 m te ver gelopen met de nodige frusrtaties er bovenop! Hops, daar gaat je tijd onder de 03'50 ... Voorts hadden de organisatoren na km 16 ongeveer twee lussen van om en bij de 6 km ingelast om ons daarna de terugweg naar de binnenstad te laten aanvatten.

Sommige delen van het parcours waren wel aardig als landschap dient gezegd: de immense velden/weiden met sinaasappelbomen, een wondermooi palet van geel en groen, de smalle hobbelige, kronkelende landwegen met aan weerszijden de lage stenen muurtjes waarachter de immer aanwezige olijfbomen een zilveren schijn in het warme winterzonnetje en tegen een staalblauwe lucht afgeven. En dan is er de - door sneeuw bedekte - Etna, de actieve vulkaan ten noorden van Catania, die aan de horizon het perfecte baken op je terugweg is.

Ja, dan mogen sommige hellingen je een stijve pijn in de dijen en kuiten bezorgen, de omgeving en het keerpunt naar de finish maakten de pijn draaglijk en het vooruitzicht van het mooie Ortigia weer te kunnen begroeten deden de laatste kilometers zelfs gevoelsmatig slinken tot hectometers.
En dan verschijnt plots, achter een met palmbomen beplante rotonde, de laatste rechte lijn! Een boulevard die als breedte de Champs Elysées naar de kroon steekt! Het enige verschil is het plaveisel .... grote brede, platte stenen van een halve bij één meter schots en scheef 'verreden' door het drukke stadsverkeer ... maar ja, who cares, je ziet het boulevardbrede eindspanddoek voor je, en een handvol toeschouwers!!! We voelden ons als een Dorische koning of koningin die zo recht de Tempel van Apollo binnentreedt, want in het verlengde van de aankomststrook liggen/staan de resten van deze tempel die gebouwd werd in de 6de eeuw voor Christus en de oudste Dorische tempel is westelijk van Griekeland. Het gevoel .... alleen, niemand voor, noch achter je, honderden meters over die brede laan aankomen vlak voor deze historische site laat je niet onberoerd!

O.K. Je komt aan, je krijgt je medaille 'omhalst', en vlakbij word je uitgenodigd om een bord pasta te eten!!! Vlak na je aankomst!!!
Voor de wedstrijd dachten we een tent of gebouw of zo te vinden waar we wat droge spullen kwijt konden om na de wedstrijd aan te trekken .... niets van dit alles ... uiteindelijk mochten we van een lieve dame een privé-sponsortentje gebruiken om onze zakken te deponeren tot na de marathon. Nog geen tien meter achter de finishlijn stond dan het podium opgesteld. Heel wat bekers en trofeeën voor de verschillende categorieën, zo dachten we ... weer verkeerd. Ze waren bestemd voor latere prijsuitreikingen van wie weet wat. Op onze vraag of er ook per categorie werd 'beloond', vroeg de speaker van dienst ons naar onze naam en leeftijd, keek even op zijn blad, en zei doodgemoedereerd dat Els op het podium mocht plaatsnemen als eerste dame bij de W55'ers!!! Hij gebaarde naar de een of andere 'zijdame', en die gaf Els een tasje met een poloshirt en een 'extra-large' t-shirt erin, waarop nadrukkelijk de naam en logo van de sponsor zijn afgebeeld. Daarop hielp hij haar galant van het podium en ja hoor! dit was het eind van de céremonie protocolaire!
Eigenlijk konden we beiden ook wel een toilet gebruiken na de aankomst, maar niemand wist waar en of er wel toiletten waren! Zelfs bij de start waren in de verte geen toiletten te bekennen, laat staan naast het parcours!
Maar begrijp ons niet verkeerd, dit alles neem je er met de glimlach bij, in het sympathieke Siracusa! Al bij al een enige ervaring in een land of eiland waar je je zeker niet moet laten opjagen door zakelijke beslommeringen, want dan erger je je dood. Neen, genieten, alles over je heen laten komen, meedoen met het ongestructureerde, en het mooie van het verhaal is dat uiteindelijk – dankzij veel ter-plekke-improvisatie – alles op zijn pootjes terecht komt! So don't worry, be happy!

Bij het wegwandelen vroeg de speaker met zijn beminnelijkste glimlach of wij in Belgio en Olanda 'reclame' wilden maken voor 'zijn' marathon. Bij deze is dit dan gebeurd! Forza Italia!

Ter info:

Els Anngarn – W55 – 1ste plaats – 03:50:52
Micha Havreluk – M60 – 4de plaats – 04:03:50

Els Annegarn
Micha Havreluk
Siracusa City Marathon – 29 januari 2012
 
 
[ top pagina ]
 

 
VERSLAGEN van Januari 2012
 
Op maandag 22 januari vertrokken mijn vrouw Manon en ik naar Dubai om daar een dikke week lekker te genieten, maar vooral om de 100e marathon te vieren die ik daar zou gaan lopen. In het najaar van 2011 had ik om zo snel mogelijk op 99 uit te komen (gezien het feit dat ik zoals bekend een hekel aan kou heb) in 7 weken met wisselend succes 6 maal de marathonafstand (of meer) overbrugt. Daarna had ik wat rust ingelast, om vervolgens (met dank aan de milde winter tot dan) nog een aantal weken flink te trainen, immers een dergelijke mijlpaal moet natuurlijk wel vergezeld gaan van een mooie tijd !
Het doel was nu om voor het eerst sinds september 2009 weer eens onder de 3.30 uur te lopen.
Op 27 januari 2012 was het dan (na het bezoeken van de vele highlights aldaar) eindelijk zo ver, mijn 100e marathon. Vanwege het feit dat ik zeker wilde zijn van mooi weer heb ik voor Dubai gekozen. In 2010 zou ik daar ook reeds de marathon lopen (samen met Ton Aker), maar door een blessure heb ik toen helaas moeten switchen naar de 10 kilometer.
Ik ben wat sneller van start gegaan dan de laatste tijd, want ik voelde mij goed. Bovendien had ik 3 dagen van te voren nog een 20 kilometer gelopen, die ondanks (of misschien wel dankzij) de warmte heel soepel verliep. De halve ging in 1.43, waarbij ik op weg naar het keerpunt aan de overkant nog landgenoot en mede-ultraloper Henk Derks zag lopen, die er op het oog niet zo soepel meer bij liep. Voor de aardigheid nam ik het verschil op en dat was (x2 natuurlijk) bijna 5 minuten. Op één of andere manier had ik het gevoel dat ik hem misschien wel kon inhalen (dit zou uniek zijn natuurlijk, want hij is zoals bekend een veel betere loper). Nadat ik na ongeveer 25 kilometer (ik liep toen steeds moeizamer) al rennend de overtollige sportdrank en gel er uitgegooid had, voelde ik mij als herboren en pakte ik het gewenste tempo weer op. Na 34 kilometer ging ik Henk daadwerkelijk voorbij, die mij nog aanmoedigde (dank daarvoor !), waarna ik door een adrenalinestoot nog wat extra kon aanzetten, ondanks dat het bij mij ook niet meer helemaal goed voelde. Elke kilometer heb ik vervolgens mijn speling uitgerekend en ik besloot na 36 kilometer (met het oog op de gewenste sub 3.30) geen risico meer te nemen en de wedstrijd “gewoon” uit te lopen. Mijn eindtijd was 3.29.14, dus ik had mijn doel bereikt en dat bovendien met slechts een verval van 3 minuten, hetgeen voor mij uitzonderlijk is.
De Dubai-marathon kan ik iedereen aanraden, net als Dubai zelf trouwens. Je moet wel enigszins tegen de warmte kunnen, want het is wel in januari natuurlijk en dan zijn wij niet aan warmte gewend. De organisatie staat zeer goed in de steigers en de verzorging kan bijna niet beter. De verplaatsing van start en finish naar de voet van de Burj-Khalifa (het hoogste gebouw ter wereld) is bovendien een goede zet geweest. Het parcours is niet echt opwindend (je loopt wel langs een heleboel architectonische hoogstandjes), maar wel supersnel. Slechts een viertal verkeersdrempels en een stukje vals plat dienen overwonnen te worden.

Tijd voor een terugblik:
Bijna 20 jaar geleden op 5 april 1992 liep ik mijn eerste marathon (Rotterdam in 3.36) en na afloop zei ik 100x “dat nooit meer !”. Het was een lijdensweg geweest. Onwetend was ik pas 5 minuten van te voren naar het startvak gegaan, zodat ik helemaal achteraan stond. Bloedfanatiek als ik toen was, wilde ik snel vertrekken, hetgeen door de massa echter niet mogelijk was. Pas na 10 kilometer (in 50 minuten) kon ik “er langs”. De volgende 5 ging dan ook 18.30, waarna ik vervolgens natuurlijk langzaam maar zeker kapot ging.
De vier marathons er na leverden telkens een PR op (3.13, 3.08, 3.03 en 2.54). De laatste was weer in Rotterdam (1994) en zou later blijken mijn PR te blijven. In 14 maanden liep ik toen 3 x onder de 3 uur en daarna nooit meer. Dit werd mede veroorzaakt doordat ik destijds eigenlijk vooral triatlons deed en daardoor 3 onderdelen moest trainen. Helaas heb ik destijds de tijden die ik toen liep (de 10 in 36 / de 7 Heuvelen in 56.30 / de halve marathon in 1.19) niet naar waarde ingeschat, ik dacht dat ik nog (veel) harder zou kunnen.
In 1994 heb ik op voorspraak van mijn toenmalige coach (Ronald Hovius, ex triatleet en ultraloper, aan wie ik ondermeer te danken heb dat ik niet langer elke training als wedstrijd zag) aan het eind van het seizoen ook voor het eerst een uitstapje gemaakt naar het ultralopen en dat werd gezien mijn woonplaats Hoofddorp natuurlijk de Ronde om de Haarlemmermeer (61 kilometer), die sinds 1997 helaas niet meer georganiseerd wordt.
Wat liep ik toen makkelijk, ik denk er nog wel eens aan terug. Bij het marathonpunt had ik 3.13 en bij de 50 kilometer 3.50, pas bij 58 km kwam de man met de hamer, de eindtijd was 4.53.
Jarenlang liep ik vervolgens met wisselend succes ongeveer 3 marathons per jaar, te weten 2 voor en 1 na het triatlon seizoen. De triatlon sport heb ik zo’n 20 jaar heb beoefend, met ondermeer 5 x de “hele” in Almere (waarin dus ook steeds een marathon zat, die ik overigens (na overleg met Gert Mertens meegeteld heb om tot 100 te komen).
In 2000 volgde mijn eerste wedstrijd in het buitenland, te weten de Barcelona-marathon. Tegenwoordig is dat, naar ik begrepen heb, een echte stadsmarathon, maar destijds werd je om 5.00 uur met de trein 30 kilometer weggevoerd naar het plaatsje Mataro. Aldaar werd bij een soort klooster gestart, waarna je diezelfde 30 kilometer langs een zeer saaie weg (alleen lege stranden, de spoorlijn en de weg waarop je liep) weer terug ging naar Barcelona, waar de laatste 12 kilometer wel leuk waren. In datzelfde jaar liep ik samen met mijn vrouw Manon haar marathondebuut (4.09) in Rotterdam.
De jaren 2001 en 2002 waren rampzalig, drie operaties (2 aan de linkerknie en 1 aan de rechterknie, allen aan de meniscus). In 2003 maakte ik mijn comeback, zowel in het marathon- als het ultralopen.
De Leiden-marathon ging in 3.18 en in Cruquius (Haarlemmermeer) liep ik mijn eerste 6 uursloop (66.751 meter). Mijn vrouw Manon (die intussen ook stevig met het loopvirus was besmet) had toen reeds tweemaal deze 6 uursloop had gedaan en ik dacht laat ik dat ook eens proberen.
In 2004 volgde mijn tweede buitenlandse marathon (Parijs, samen met Manon) en in 2006 ben ik in Monaco aan de derde begonnen. Doordat ik na 8 kilometer op de enige kiezelsteen stapte die op het parcours lag, heb ik die niet kunnen uitlopen, hoewel ik toen met een ingescheurde enkelband toch nog tot 32 kilometer ben gekomen, maar die loop telt dus niet mee. Ik heb toen overigens de steen opgepakt en meegenomen en tegen de steen gezegd “òf jij gaat mee naar huis, òf de medaille”. Het werd dus de steen. Zie verder het jaar 2009.
Het jaar 2006 leverde (opnieuw in Cruquius) mijn PR op de 6 uursloop op (68.198 meter). Helaas vindt de organisatie van de 6 uursloop van de Haarlemmermeer zoals bekend de laatste jaren plaats op een veel zwaarder parcours in Vijfhuizen. In Almere won ik dat jaar overigens mijn enige marathon (4e totaal, 1e veteraan) in een voor mij zeer prettige temperatuur van ruim 30 graden. De organisatie verzuimde overigens dat mij te vertellen bij het passeren van de finish, zodat ik daar pas een week later (bij het raadplegen van de uitslagen) achter kwam. Toen ik vervolgens de organisatie belde om te vragen of er nog een prijsje aan vast zat, kreeg ik te horen dat er inderdaad nog een beker voor mij klaar stond, maar dat ik ten tijde van de prijsuitreiking “al weg bleek te zijn”. Leuk !
In het jaar 2007 liep ik op mijn verjaardag samen met Ton Aker de marathon van Athene. Althans, dat was de bedoeling. Toen ik echter na pakweg 10 kilometer even bij een boom ging staan, versnelde de vlegel. Pas na zo’n 30 kilometer had ik hem te pakken en in een gigantische afdaling (7 Heuvelen in het kwadraat) wist ik hem vervolgens af te schudden.
In het jaar 2008 (waarin ik 10 x tenminste de marathonafstand liep) voelde ik mij voor het eerst een echte ultraloper, want steeds meer mensen verklaarden mij voor gek (iets dat de andere ultralopers bekend in de oren zal klinken). Wij (ook Manon) voelden ons intussen ook al aardig thuis in de “ultra-familie”, waar bijna iedereen elkaar kent. Vooral de sfeer voor de start en ook tijdens een ultraloop is heel anders dan bijvoorbeeld bij de Rotterdam-marathon. In het jaar 2008 heb ik ook voor het eerst mijn droomloop, de Two Oceans (56 kilometer) in Kaapstad gedaan. Deze loop had reeds sinds een schitterend verslag (1997) in de Runnersworld bovenaan mijn verlanglijstje gestaan en kan ik iedereen aanraden. Het is naar mijn mening echt de mooiste loop ter wereld met tevens de beste verzorging denkbaar (34 posten, waarvan 20 in de 2e helft). Vanaf 28 kilometer de Chapman’s Peak Drive (een adembenemend mooie tolweg met uitzicht over de Atlantische Oceaan, een klim van pakweg 7 kilometer, waarin een hoogteverschil van 200 meter (met behoorlijk steile stukken) moet worden overwonnen) en vanaf 39 kilometer opnieuw een klim van zo’n 7 km (met 250 meter hoogteverschil tot maximaal 14% door een bosachtige omgeving naar de Constantia-Nek maken deze loop zowel letterlijk als figuurlijk adembenemend. Tot het 50 kilometer-punt liep ik samen met Manon, daarna (met toestemming van Manon, want we zouden samen lopen) nog een stevige versnelling om binnen de 6 uur te finishen, want ik wilde graag de bronzen medaille (tussen 5 en 6 uur kloktijd) en niet de blauwe (vanaf 6 uur).
In de jaren vanaf 2009 heb ik twee sporen gevolgd, de Ultracup en het buitenland. In dat jaar heb ik alsnog de marathon van Monaco (ook een aanrader, die via een prachtige kustroute door 3 landen gaat) gelopen. De volgende dag heb ik de eerdergenoemde steen “ritueel” teruggelegd op de plaats waar het incident destijds had plaatsgevonden. Lissabon was vervolgens de slechtst georganiseerde marathon (ja, zelfs slechter dan Amsterdam in de “Arena-versie” ergens in de jaren ’90 !) waaraan ik ooit heb deelgenomen (o.a. pastaparty met zonder saus na 20 “opscheppers”, 6 toiletten voor 1.200 deelnemers, verkeerde chip, te laat ontbijt in nota bene het sponsorhotel, na afloop slechts 3 vrijwilligers om de tassen terug te geven, hoog inschrijfgeld, saai parcours).
Van het jaar 2010 zijn mij de marathon van Malta (zwaar maar fraai parcours, goede organisatie), mijn tweede keer Kaapstad (helaas druilerig weer, dus opnieuw de bronzen medaille) en de 6 uursloop van Aalter bijgebleven, waar het zelfs voor mij te heet was, maar wat heb ik genoten. Gelukkig staat deze loop na een jaar van afwezigheid weer op de kalender, want in de zomer is er (mede door het angsthazengedrag (als ik maar niet aansprakelijk wordt gesteld als er iemand omvalt, terwijl het toch echt iemands eigen verantwoordelijkheid is om al dan niet van start te gaan) van menige organisatie) op Assen na bijna niets te doen. Ook Brussel was (naast onverwacht zwaar) heel leuk om te doen.
Na afloop van het jaar 2010 zag ik een nieuwe uitdaging, namelijk in zoveel mogelijk landen minmaal de marathonafstand lopen. Ik had er intussen 8 “afgevinkt”.
In het afgelopen jaar zijn er weer 4 bijgekomen, te weten Italië (Rome, heel mooi parcours met meer kasseien dan Parijs-Roubaix), Oostenrijk (Wildon, 6 uursloop), Duitsland (Berlijn, goede organisatie, snel parcours en heel veel publiek) en Engeland (Liverpool, vrij zwaar parcours, leuke stad).
Wildon verdient nog wat extra aandacht. Op een schilderachtige plek een rondje van 1.100 meter rond een bergmeertje van 17.00 uur tot 23.00 uur. Ondanks het feit dat ik daar een kuitblessure opliep die mij de rest van het jaar parten bleef spelen, heb ik aan deze wedstrijd alleen goede herinneringen overgehouden. Vooral toen nadat het donker werd er om het hele meer kaarsen werden ontstoken en iedereen met hoofdlampjes ging lopen, ontstond er een schitterende entourage, die ook doordat het later wat begon te regenen nauwelijks verstoord werd. De organisatie van de wedstrijd was in handen van de SriChinmoy-club en dus perfect, zoals we dat ook in Nederland van hen gewend zijn.
Berlijn en Liverpool heb ik weer met Ton Aker gelopen, waarbij intussen een vast onderdeel is geworden het in stomme verbazing achterlaten van het personeel van een restaurant. Ton bestelt dan de familie-pizza (in Berlijn 50cm doorsnede) en ik 2 porties lasagne. De reacties zijn schitterend !
Dubai was dus nummer 13 en als de plannen (Geneve, Luxemburg, Reykjavik, Oslo en Dublin, waarvan de laatste 2 (of 3) weer met Ton) allemaal doorgaan, staat de teller na dit jaar op 18. Ook Kaapstad (recent stond er weer een mooi verslag van deze loop in de Runnersworld) staat dit jaar trouwens weer op het programma, waarbij het ultieme doel een tijd onder de 5 uur zal zijn, want ik wil heel graag een keer de Sainsbury-medaille ontvangen (vernoemd naar de stichter van deze loop). Door mijn gelopen tijd in Dubai heb ik mij in ieder geval geplaatst voor het B-vak, wat net het verschil zou kunnen maken, omdat de medailles worden uitgereikt op basis van de kloktijd.
Tevens ga ik dit jaar opnieuw proberen om de 100 kilometer (Amsterdam 10 juni) te voltooien, omdat ik vind dat ik er dan pas echt “bij hoor” !


Albert Meijer
 

 
[ top pagina ] - [ Kalender info ]
 

 
 
 
Na een rustige dag werken op kantoor was het nu tijd om mijn benen eens flink te laten werken. Na een lange treinreis bereikte ik om ongeveer 21:30 uur het station van Den Helder, ik was dus mooi op tijd voor de briefing.

Na dat ik me gemeld had en het startnummer kreeg begon de briefing door Rinus en Ferry. Ze legden ons nog wat extra uit tbv de veiligheid tijdens de loop, wat te doen als je er mee wilt stoppen en dergelijke.

Klokslag 22:00 uur ging het mondelinge startschot. Rustig hobbelden we allemaal weg richting de ruim 7km lange Zeedijk wat uiteindelijk uitkwam op het strand. Het weer was zeer gunstig, naar mijn idee een graadje of 2? / 3? Bijna geen wind en een strak heldere sterrenhemel. Dit was dus echt genieten.

Het tempo waarin ik liep (ong. 9,07km/h) voelde voor mij lekker aan dus ik besloot om dit tempo aan te houden. Qua omgeving hoef ik eigenlijk weinig te vertellen.. Het enige wat je ziet zijn kleine lichtjes in de verte, rode knipper lichtjes van lopers, als je achter je keek zag je een hele sliert van witte lichtjes, voor de rest was het gewoon echt lekker donker. Voor mijn gevoel had ik helemaal geen besef waar ik nou was, welke richting ik liep, het leek alsof je telkens omhoog liep in een donkere ruimte waar geen einde aan komt, een soort van tunnelvisie had je.

Ongeveer na 25km hield het strand op en moesten we de weg vervolgen op de zeewering. Dit was niet echt een prettig stukje, een erg ongelijke weg. Maar na ongeveer 6km veranderde dat weer in het strand. Ondanks het hoge water konden we toch op het harde gedeelte van het strand lopen.

In de verte zag ik lopers het strand verlaten dus ik keek op mijn Iphone en ja hoor.. ik moest er bijna zijn!! Het verlaten strandpaviljoen doemde op, rechtsaf, een klein maar steil klimmetje omhoog richting het strandpaviljoen de Blinckers, of te wel: de finish! (05:32:50)

De finish was ook niet mis! Daar stond Jan Roos met een hele voorraad aan eten en drinken, echt klasse! Terwijl ik wachtte op Rob, waarmee ik terug kon rijden naar Wageningen, genoot ik van de verzorgingspost en de lopers die binnen kwamen.

Het was echt een hele ervaring om in de nacht over het strand te lopen. Voor elke ultraloper is dit zeker een uitdaging! Het enige wat je hoort is het geluid van de zee… dit geeft gewoon echt een geweldig gevoel!

Rinus en Ferry, harstikke bedankt voor deze geweldige loop!
Wellicht tot volgend jaar!


Joppe Boon
 

 
[ top pagina ] - [ Kalender info ] - [1-2-3 Uitslagen ]
 

 
 
 
De Dutch Coast Ultrarun by Night, 50 of 90 kilometer, wie verzint zo iets, nou Rinus van der Wal en Ferry van der Ent natuurlijk. Wie loopt nou zo iets, nou uhhhh…ondergetekende bijvoorbeeld. Ruim van te voren inschrijven en dan aan het begin van het jaar de twijfel of de vorm wel toereikend genoeg is om aan een nachtelijke strandloop deel te nemen. Nou laat ik mij op mijn leeftijd niet meer verleiden over het lopen zorgen te gaan maken maar het is wel zo prettig om het gevoel te hebben dat het lekker loopt al is het met de snelheid van een slak. Gelukkig wist ik ook waar die gebrekkige vorm aan lag dus waar zou ik me druk om moeten maken, het komt allemaal wel goed. Toch was het prettig dat twee weken geleden in de Bosmarathon van Assen de inhoud en het tevreden gevoel langzamerhand weer terug kwamen. Na een loopje vorig weekend bij mij in de buurt was het er weer, dat gevoel en het vertrouwen dat het gaat lukken. Nou moet er voor zo’n nachtelijke tocht wel het nodige voorbereid worden maar dat lukte wel met de nodige enthousiasme ondanks drukke werkzaamheden. Op naar Castricum.

Alles gaat vrijdag op schema. Via de polder,over Enkhuizen naar Castricum rijden, ik heb het vaker gedaan dus dat lukt nu ook wel maar waar is die afslag naar Castricum nou? Ik heb geen Tom Tom in de auto, hoogstens een Kees Kees. Twijfel. Er bij Purmerend maar van af en dwars door de provincie naar Alkmaar om vandaar richting Castricum te rijden en ja hoor, bingo! Castricum aan Zee snel gevonden en tref daar een zekere Remco, als ik het goed heb.
Samen lopen we terug naar Castricum in een tempo die ik met mijn leeftijd en trainingsarbeid niet meer gewend ben en ik krijg het er zowaar warm van. Mede doordat Remco een tussendoorweggetje weet komen we ruim op tijd op het station voor de trein naar Den Helder; een gezellig samenzijn met medelopers. Lekker bijgepraat met Jos Akkermans, die ik een tijdje in het loopcircuit heb gemist.

In het Hotel Wienerhof vlak bij het station in Den Helder is het een gekwetter van lopers. De pastaparty is daar net afgelopen en het uitbuiken net begonnen. Handen schudden en bijpraten met diverse mensen. Goed een gesprek te hebben met Kees Meeuwsen waar ik een aantal jaren geleden in Schotland zo opmerkelijk mee heb gelopen, wat ergens het midden hield tussen een portie verlatingsangst en bindingsangst. Het was om het even.
Na een briefing die in het gedruis van kwetterende lopers wat weg valt kan zich iedereen zich buiten op gaan maken voor de groepsfoto met een fotograaf die niet zonder gevaar voor eigen leven op een keukentrapje zijn best staat te doen. En dan mogen we eindelijk gaan lopen. Een stel loop gekke Nederlanders, een paar Duitsers en een enkele Belg en Brit.

Ik loop vanaf het begin mij geheel eigen tempo door de straten van Den Helder met het gevolg dat ik als laatste kom te lopen en bij de zeedijk als laatste Den Helder verlaat. Het is helder, er staat weinig wind en de temperatuur is voor een winter uitermate dragelijk. De golven van de Noordzee klotsen rustgevend op deze zeedijk en de lampjes en lichtjes van de lopers trekken zich langzaam uiteen.
Ik loop als laatste en het maakt mij geen fluit uit, voor mijn 50 kilometer heb ik alle tijd. Het is nu al genieten van de immense sterrenhemel en ben gefascineerd door de lichtshow van Lange Jaap, de plaatselijke vuurtoren. Hoewel ik hem bij me heb draag ik geen hoofdlampje en dat vindt ik wel zo prettig. Mijn ogen kunnen zich op deze manier beter wennen aan het donker en de omgeving. Jos Akkermans, die wel een lampje draagt ,loopt vlak voor mij, maar voelt zich onzeker onder de omstandigheden. Na Fort Kijkduin lopen we op een schuin vlak van de dijk die langzamerhand overgaat in het strand. Eindelijk!

Het is hoogwater maar er is voldoende hard strand om goed te lopen maar het blijft uitkijken voor aanrollende golven om niet nu al natte voeten te krijgen. De kunst is om wat mee te lopen met een golf die op een bepaald moment op zijn hoogtepunt is en zich dan snel terugtrekt. Langzamerhand begin ik wat los te lopen en warm te worden. Zo af en toe haal ik iemand in die een sanitaire stop doet om vervolgens weer voorbij te schieten. Ter hoogte van Julianadorp,op 10 kilometer wordt zoals aangekondigd een stalen buis op het strand gemarkeerd door kerstverlichting, wel aardig maar niet echt nodig want zonder verlichting had ik hem ook wel gezien. Gaandeweg haal ik een groepje met Ton Hendriks, Simon Pols en Gerik Mik in en loop een tijdje met ze op; Jos loopt achter mij. Het valt me op dat door het licht van de hoofdlampjes van anderen ik mij minder kan oriënteren en ga zo lopen dat ik niet vlak voor of vlak achter iemand ga lopen. Ik loop mij eigen tempo en laat de anderen achter. Ik ben lekker los gelopen.

Vlak voor de Hondsbossche Zeewering kom ik Marion Meesters achterop die niet goed loopt en vraagt of ik Rinus heb gezien. Ik heb geen idee, maar volgens mij loopt hij voor mij.
En ja, dan die Hondsbossche Zeewering, dat onding van 5,5 kilometer tussen Petten en Camperduin, asfalt, hard en niet meegevend. Al die keren dat ik hierop gelopen heb was het nooit genieten, hoewel het deze keer wel gaat, in ieder geval beter dan Kees Meeuwsen die ik inhaal en die wat kotsend aan het rondlopen is én zich afvraagt of het nu wel goed gaat. Begrijpelijk, zo’n twijfel. Was er iets met het eten?
Ik loop verder en prijs me gelukkig dat er weer strand komt na zo’n blok asfalt en raak steeds gemotiveerder, heb geen idee van de tijd en eerlijk gezegd maakt dat mij geen bal uit want ik haal het gewoon. Eerst Bergen aan Zee, dan Egmond aan Zee en dan kan het niet meer stuk. Ik concentreer me op de ademhaling en de ontspanning in de spieren. Het strand is hard en breed met af en toe een dam of een rij houten palen die ik voorzichtig omzeil; hier en daar duiken wat muien en zwinnen op die in het donker te herkennen zijn aan de glanzende weerspiegeling van het water; ze lopen altijd richting zee dus moet ik ze altijd rechts van mij houden en dat lukt aardig met hier en daar een stuk met stroomribbels maar ook dat vormt geen probleem. Verder vallen me de lichtflitsen op open zee op en die doen mij denken aan weerlicht, maar er is geen bewolking waar te nemen.

Na Bergen aan Zee richt ik me op de vuurtoren van Egmond die ik op afstand verwacht te zien schijnen maar geen zwaaiende bundel licht, toch twijfel ik niet waar ik ben.
Dan zie ik een rood lichtje in de verte voor mij en focus me daar op. In een cadans loop ik nu lekker door op de extra energie die ik tot mij heb genomen. Terwijl ik het rode lichtje aan het inhalen ben ontwaar ik de vuurtoren met een wat merkwaardig geelrood licht. Opmerkelijk. Ik haal weer een paar lopers in waaronder het rode lichtje wat aan het wandelen is en wat ik de raad meegeef zeker niet af te koelen. Eigenlijk is het niet koud, maar toch. Ik heb sinds Den Helder toch aardig wat mensen achter mij gelaten zonder dat ik me nou met een plaats of eindtijd bezig houdt.

Na nog wat energie tot mij genomen te hebben duik ik een zwart gat in. Er komen wat meer muien en zwinnen en ook meer lopers om in te halen. Er duiken ook palen op, verspreid over het strand die bij nader inzien er niet zijn. Niet op letten en blijven concentreren op ademhaling, spierspanning en gericht zijn op het hier en nu dan staan die palen ook niet in de weg. Een eind verderop doemt er een gestalte op, wel drie keer zo groot als ik, die een enorme paal met zich meetorst en mij voor probeert te blijven. Toch haal ik de gestalte in en wat blijkt, het is een ijzeren kaap aan de duinrand. Doorlopen!
Ik ontwaar een mui met een steile helling die ik voorzichtig wil afdalen om niet in te diep water terecht te komen, maar die helling is er niet. Scheelt een hoop geklauter. Wat het brein allemaal niet voor automatische associaties uit het onderbewustzijn tevoorschijn peutert. Boeiend en leerzaam, maar wel kalm blijven. In de verte zie ik een licht en naar ik vermoed zou ik daar wel eens na toe moeten. Toch is het moeilijk om de afstand in te schatten dus me niet laten verleiden om al teveel conclusies aan dat licht te verbinden. Al doorlopend wordt het licht,van een raam naar ik aanneem,wel steeds wat groter maar het duurt nog een tijdje voor dat ik het idee heb dat ik dichter bijkom. En ja hoor. Meerdere lichten doemen op dus dat moet Castricum zijn. Zoekend naar een duinopgang tussen een stel strandtenten door,verheug ik me over de finish, tevreden en opgelucht. Nog een klein stukje klauteren het duin op.

Ik stap Strandpaviljoen Blinckers binnen en groet iedereen met een goede morgen. Ik kijk op mijn horloge en ik heb er 6 uur 17 over gedaan; een mooie tijd voor mij maar wat telt is het tevreden gevoel dat ik ontspannen en zonder problemen heb gelopen. Er zitten en lopen hier en daar wat gedeprimeerde koppies van 90 kilometerlopers die het niet meer zien zitten laat staan lopen en eigenlijk zo snel mogelijk naar huis willen.
Ik haal wat droge kleren en etenswaar uit mijn auto en ga op mij gemak, opgewekt en nog vol energie mezelf verzorgen wachtend op Kees die ik beloofd heb naar een station te brengen. Druppelsgewijs komen lopers binnen en als ook Kees nog blijkt te leven is het tijd om eens op te stappen, het is nog een aardig stukje naar huis.

Na de bevroren ruiten van de auto gekrabd te hebben zet ik een aantal heren bij het station van Castricum af en ga op weg naar huis in de mist weliswaar. Rond Amsterdam wordt ik nog getrakteerd op een portie zout van een strooiwagen en voorbij Amersfoort kom ik in een regenbui terecht. Het moeilijkste is echter om de slaap voor te blijven nu het lichaam tot rust is gekomen. Dit is toch wel het moeilijkste van de hele onderneming deze nacht Thuis komend duik ik na een warme douche voldaan in bed en nadat mijn vrouw me vraagt hoe het gegaan is val ik na de opmerking, voortreffelijk, als een blok in slaap.

Rinus en Ferry, bedankt en blijf deze tocht organiseren.
Het was geweldig, zeker na die dip van vorig jaar

Herman Euverman
(euver.tep <at> hetnet.nl)
 

 
[ top pagina ] - [ Kalender info ] - [1-2-3 Uitslagen ]