Ga naar de startpagina

Het laatste nieuwsGa naar de verslagenBekijk de komende evenementen in de kalenderGa naar de uitslagenGa naar het discussie forumTrainings tipsLinks naar andere pagina'sMeest gestelde vragen

Verslagen actueel
13 okt 2017
SPARTATHLON
11 okt 2017
Marathon Eindhoven 10-10-17
9 okt 2017
Lang – Langer – Langst, Goldsteig 661
1 okt 2017
Winterswijk-Dwingeloo-Duiven-Spartathlon ...
Verslagen in 2017
Verslagen in 2016
* December
* November
* Oktober
* September
* Augustus
* Juli
* Juni
* Mei
* April
* 20 apr 2016: Lopend buffet en badeendjes. Mijmeringen naar aanleiding van Limburgs Zwaarste.
* 3 apr 2016: From Tibia to Den Helder
* 2 apr 2016: Verslag 24 uur Steenbergen 2015 en de gevaren van rhabdomyolise
* 2 apr 2016: Wedstrijdverslag VijverRun 50 km – 20 maart 2016
* Maart
* Februari
* Januari
Verslagen in 2015
Verslagen in 2014
Verslagen in 2013
Verslagen in 2012
Verslagen in 2011
Verslagen in 2010
Verslagen in 2009
Verslagen in 2008
Verslagen in 2007
Verslagen in 2006
Verslagen in 2005
Verslagen in 2004
Verslagen in 2003
Verslagen in 2002
Verslagen in 2001
Verslagen in 2000
Verslagen in 1999
AltaVista
Zoek:
Discussies
Het web


 
VERSLAGEN van April 2016
 
Aan alles komt een eind. Aan de JKM. Aan Limburgs Zwaarste. En, zo lijkt het, aan het plezier in het lopen van wedstrijden.
In drie weken plus een dag liep ik de halve JKM, de 60 van Castricum en nu dus LZ80. Drie zware ultralopen. En dat met een opspelende achilles en peesplaat. Je zou denken dat ik nu blij zou zijn dat dit allemaal gelukt en achter de rug is. Opgelucht. Maar zo voelt het niet. Geen juichstemming na het lopen van deze laatste editie van Limburgs Zwaarste. Zit het me dwars dat ik langer over die 80 loodzware kilometers heb gedaan dan sommige lopers nodig hadden om 100 kilometer te volbrengen? Inderdaad is dat wel een beetje confronterend. Ik schijn alsmaar langzamer te worden. Als ik realistisch ben zou ik echter blij moeten zijn om als ruim zestiger bijna twaalf uur lang door het meest heuvelachtige deel van Nederland te kunnen dribbelen, door weer, modder en wind. En van die enorme zandbakken van de JKM en de Castricum ultra was ik natuurlijk nog niet hersteld. Hoe lang is het geleden dat ik 200 wedstrijdkilometers in amper 3 weken liep? En zou ik er ook elf uur en drie kwartier over gedaan hebben als ik niet elke afdaling schuifelend naar beneden moest vanwege het pijnlijk trekken van de hiel? Als ik niet op elk van de negen luxe bevoorradingsposten (terecht) een paar minuten was blijven hangen, als ik geen 46 foto's had gemaakt onderweg?

Het voelde vreemd aan, deze finish. Ondanks dat ik best lekker heb gelopen had ik geen zin om na afloop mijn ervaringen met anderen te delen. Had niet het gevoel iets speciaals gepresteerd te hebben. Had het allemaal wel een beetje gezien, dat ultracircus, die bekende gezichten. Kortom, geen euforie maar een soort post-natale depressie.
Het Limburgse heuvelland is mooi, de bloesems en de beekdalen, de heuvels en de bossen, de zwart-witte vakwerkgevels, ik heb er bij vlagen gigantisch van genoten. Maar vandaag overheerste ondanks dat alles een gevoel van leegte. Want ik zag ook een landschap vol fietsers en lopers. Ik had bij tijd en wijle het gevoel op een soort lopende band te staan. Of, zoals iemand het grappig verwoordde: dat ik deelnemer was aan een lopend buffet. Het laatste wat Limburgs Zwaarste wil zijn is een wedstrijd. LZ is één van Willems 'funruns'. Sorry dan voor Limburgs Zwaarste, maar als er een uitslagenlijst is, dan is er vergelijking en dus is er competitie. En dat is natuurlijk prima, want competitie is de zweep die je voortdrijft. Maar helaas ook de spiegel die je voorgehouden wordt als het even wat minder gaat.

Tijdens het lopen kreeg ik ineens het beeld van een hele zwerm badeendjes die op het water dobberden terwijl er een grote golf onder hen door passeerde die ze een voor een optilde. Die golf kwam me voor als de energie van het leven die iedereen op zijn beurt optilt zodat hij of zij dingen kan presteren die daarvóór en daarna ondenkbaar zijn, hoe goed hij of zij ook zijn/haar best daarvoor doet. Op de top van die golf ervaar je de top van je kunnen maar je weet dat die golf onherroepelijk weer onder je door zal trekken met als gevolg dat je prestaties weer omlaag zullen duikelen. Hoe relatief en tijdsgebonden zijn prestaties. Ik voelde mij als een eendje dat het voorbijtrekken van die golf, die verheffing van kracht en energie, al lang achter me had.
Na de finish werd ik weer aan dat beeld herinnerd toen ik de enthousiaste verhalen hoorde van lopers die hun eerste ultra hadden voltooid of hun eerste 100 kilometer. Ik misgun het ze niet, maar kon het niet helpen dat ik daarin alweer een nieuwe golf zag naderen, een golf echter die mij niet meer optillen zal.

Maar was degene die, lopend of op de racefiets tien, twintig, dertig jaar geleden ook zulke prestaties leverde en ook dat enthousiasme kende wel dezelfde als degene die ik nu denk te zijn? Als ik naar foto's van toen kijk dan zie ik een ander gezicht, een ander lichaam, een ander mens in een andere tijd en met andere beslommeringen. Klopt het dan wel als ik beweer dat 'ik' dat indertijd allemaal gepresteerd heb? Was 'ik' het of iemand anders die die honderden ultra's, marathons en fietstoertochten volbracht heeft? Misschien ben ik alleen wie ik nu ben en moet ik tevreden zijn met wat ik nu kan en mag ik dat niet vergelijken met wat 'ik' vroeger kon. Is het verzamelen en vergelijken van de 'eigen' prestaties eigenlijk geen grote onzin? Prestaties hebben met het ego te maken. Zij sterken het ego zodat dit zich daardoor krachtig en veilig voelt. Daarom moet het blijven presteren, want niet presteren betekent zwakte en dus kwetsbaarheid en dus onveiligheid. Het is juist dit ego dat zich bedreigd voelt door het wegtrekken van die golf van kracht.

Nee, sneller en verder zal ik zeer waarschijnlijk niet meer gaan. Maar desalniettemin blijft het lopen mijn leven bepalen, ongeacht of 'ik' daarbij wel of niet dezelfde blijf. Want, wees eens eerlijk. In dat zaterdagmiddagloopje door de duinen is het geheim nog steeds te vinden. En ook in die eenzame rondgang langs de kust van Walcheren of over de Veluwe, slechts geleid door mijn GPS. Die eenzaamheid geeft geborgenheid en in die geborgenheid hervind ik iets wat ik 'mijzelf' kan noemen. Niet in de prestaties, niet in de terugblik na afloop, niet in de vergelijking, niet in de afstand of het afzien, maar gewoon in die eenzaamheid van het opgenomen zijn in dat grote geheel dat we natuur noemen, alleen daar vind ik 'mijzelf' nog. Misschien is dat uiteindelijk wel het enige doel van al dat lopen. Dat doel is er nu, op dit moment. Het ligt in elk geval niet in de toekomst, want daar ligt onvermijdelijk het eind van deze eindeloos lange, lange loop van aaneengeschakelde loopjes.

Het enige dat telt, op elk moment van een loop, ongeacht hoe lang of hoe kort deze ook is, is het zetten van de volgende stap. Ik ben hier, op dit moment, en wat ik doe is het zetten van een stap. Meer niet. Dat is alles. Dat is op zich geen prestatie. En daarna doe ik datzelfde nog een keer. En nog een keer. Ik zet een stap. Ik loop.
Op dat moment wordt je die stap en is het lopen je natuur. Je bent loper and that's it. Doelloos, want het lopen is zelf het doel. Je finisht altijd, er bestaat geen DNF en je slaagt altijd. Wanneer lopen geen sport is, maar gewoon het zetten van de volgende stap, dan is het de beweging van het leven zelf.
En waar ga je dan heen? Quo Vadis? Is dat werkelijk nog van belang?
Het streven naar resultaat of prestaties is al snel verbonden met het heimelijke verlangen om het zelfbeeld - 'ik ben dit en ik kan dat' te versterken. Maar ben 'ik' dan niet méér dan die eindeloze aaneenschakeling van 'prestaties'? Misschien ben ik wel een badeendje en zijn 'mijn' prestaties niets anders dan het tijdelijk opgetild worden door de golf van levensenergie.
Weet je, misschien probeer ik voortaan alleen nog maar een beetje mee te surfen op die wegtrekkende golf en zal ik dat niet langer 'mijn' prestatie noemen.


André Boom
 

 
[ top pagina ] - [ Kalender info ] - [1-2-3 Uitslagen ]
 

 
 
 
Een Zeer emotionele aankomst in de JKM 125, door wat er eerder in de week in België gebeurde en door het besef hoe hard knokken het voor mezelf Geestelijk en Lichamelijk was geweest in de laatste vier maanden, dus huilend over de finish.

Oktober vorig jaar Amiens 100km, na 55 km lopen door een kwetsuur verplicht om een nieuw doel te stellen: beenslepend doorgaan op Karakter en finishen met alle waarschuwingslampjes in het rood, kortom de wedstrijd recycleren als karaktertraining. Vijf weken later werd pas de oorzaak gevonden en werd stante Pede een Tibianagel in het onderbeen geklopt. De voorspelling van de Dokter was somber, 4 maand niet lopen. De JKM was een compleet verloren zaak.

Maar een koppig Beest zoekt zijn eigen weg, misschien niet die van de Redelijkheid maar die van de Passie. Het was een weg tegen alle Logica in, met een opbouw door tijdsnood verplicht tot een licht waanzinnig plan. Die Waanzin en dat Karakter hebben geloond.

Ik ben er blijven in geloven, ook met de lichtgroene mondmaskers voor me in het operatiekwartier en de dagen en weken nadien stervend van de pijn. Bleef er nog 1 ding: het Doen. 26 Maart 2016, een dag om rustig 5 km te lopen om weer op te bouwen. Het werd finishen in de JKM 125.


Jan Spitael
AKA het Beest
AKA Yannis Thirio
 

 
[ top pagina ] - [ Kalender info ] - [1-2-3 Uitslagen ]
 

 
 
 
Begin 2012 ben ik gestart met lopen, en na enkele maandjes heb ik mijn eerste stapjes gezet in het lokale stratenloopcircuit in de weekends: 5 of 10km wedstrijden met éénmaal een uitschieter , één halve marathon. Begin 2015 begon ik het wat saai en voorspelbaar te vinden en zocht ik een nieuwe uitdaging. Het ultralopen vond ik wel iets hebben, maar de logische stapjes zetten (marathon, dan 6u loop, 100km etc) en de juiste training en trainingsperiode hiervoor reserveren vond ik weinig uitdagend. Eind maart besloot ik dan mee te gaan doen aan de 24u loop te Steenbergen. Om mezelf te verplichten effectief ook te starten, had ik op Facebook gezet dat ik deze uitdaging aanging en aan de mensen gevraagd in te schatten hoever ik zou geraken. De reacties waren eenduidig: niet al te ver…

Ik had een paar euvels voor ogen, dat was duidelijk. Ik was niet getraind voor zo’n ultraonderneming, en dacht dat een staalhard karakter alleen wel genoeg zou zijn. Ik zou het bovendien gans alleen willen uitvoeren, geen hulp ter plaatse, geen vervoer voorzien door anderen heen en terug naar Steenbergen. Voorziene moeilijkheden leken me toen nog mijn scheenbenen te zijn (altijd al vrij veel last van) en de hoeveelheid blaren. Mijn uurrooster viel bovendien wat tegen: ik moest de avond voordien nog tot 22u15 werken en zou dus pas na 23u in mijn bed liggen.

Soit, de dag zelf vroeg eruit en mijn tas beginnen maken. Als eten had ik voorzien: één ganse rijsttaart en 5 sandwiches met confituur, daarnaast een paar flesjes Aquarius, en een 4 tal Redbulls. Ook enkele cola’s nam ik mee. Ik vertrok ruim op tijd richting Steenbergen en toen ik eraan kwam, parkeerde ik me netjes op de voorziene strook langsheen het water. De inschrijvingen waren nog niet geopend. Andere deelnemers waren er wel al of stroomden mondjemate toe: ik keek wel even mijn ogen uit toen ik hun standjes/tentjes zag opgesteld worden en de talloze gelletjes of klaargemaakte sportdrankjes zag uitgestald worden. Ja lap, buiten mijn voorziene eten en drinken had ik ook nog een extra paar schoenen mee, extra kousen, een overjasje en wat babypoeder om de weke delen aan de voeten droog te houden. Maar dat was het dan ook..

Ik moest nog eerst een daginschrijving voltooien, en nadien zette ik me in de wagen. Het mocht al beginnen wat mij betrof. Het weer zag er somber uit, het zou zeker gaan regenen. Omstreeks 15u konden we eindelijk op pad. Normaliter leg ik een eerste km van een wedstrijd af onder de 3’20”, maar hier zou dit kamikazewerk zijn. Ik zette me wel op kop, samen met de uittredend Belgisch Kampioen, een sympathieke man bleek al gauw. Samen bouwden we al snel een flinke voorsprong op en na een tijdje begonnen we mensen te dubbelen. Ik wist niet wie de andere lopers waren en liep gewoon door, op een voor mij zeer rustig tempo. Op een bepaald moment moest mijn kompaan afhaken wegens een sanitaire stop en trok ik alleen door. Best wel leuk, ik lag lekker op kop op het Nk en BK en niemand kende m’n kop. Na iets meer dan 2u lopen werd ik voorbijgesneld door een andere loper, mentaal tikje 1 werd hiermee uitgedeeld. Toen begon het ook nog eens hard te regenen , grrr. Tegen de avond waren er nog enkele korte wedstrijden die doorgingen waardoor we een tijdje het gezelschap kregen van snellere lopers. Nadat hun wedstrijd erop zat en ook de speaker stil werd, viel de nacht over het parcours. Pijn was alom aanwezig reeds in mijn benen, maar dat zal wel normaal zijn dacht ik. Gewoon doorgaan en ook die stekende blaren uit je gedachten zetten. Uren gingen voorbij en ik wandelde nu vaak lange stukken. Mijn koffer stond open en zo bediende ik mezelf . Ik merkte wel dat ik amper eten binnenkreeg en ik geen honger had. Ik nam wel elke ronde een slokje van de aanwezige drankstand. Op een bepaald moment nam ik RedBull, maar het smaakte me niet. Had hier nochtans het afgelopen uur naar uitgekeken en het zou me een mentale boost moeten gegeven hebben, het drinken van mijn favoriete drankje. Integendeel, ik smeet het blikje, amper van gedronken, gewoon weg in de vuilbak en zette m’n weg verder. Plots dacht ik bij mezelf hoe weinig ik had moeten plassen maar stond er verder niet bij stil. Toen ik dan toch eens ging plassen op die urinoir had ik zelfs moeite om mijn voeten 10cm op te heffen aan het platformpje. Omaai, mijn benen voelden megastijf aan dacht ik nog. Mijn broer stond plots als supporter langsheen het parcours en liep een rondje mee, dat deed wel deugd. Ik was vastberaden om de 24u uit te zingen en stiekem had ik op 200km gerekend. De 100km had ik al een tijdje beet, maar de km’s maalden nu langzaam voorbij. Ik kreeg moeilijk het tempo erin tijdens de loopstukken. In de ronduit donkere stukken van het parcours begon ik me af te vragen waar ik mee bezig was. Toch ging ik telkens maar door. Op een bepaald moment kwam ik aan het breekpunt, ik was geïrriteerd en kon zelfs de zware ademhaling van de man achter mij niet meer verdragen. De spierpijnen waren nu echt wel tot een zeer hoog niveau gekomen en ik zei bij mezelf dat ik na dat rondje zou stoppen. Toch begon ik aan nog een rondje, maar dat ging zeeeeeer moeizaam. Nu kon niets mijn gedachten nog doen veranderen, ik zou in de wagen kruipen en meteen naar huis rijden. Normaal moet je 24u op het parcours blijven eens je geparkeerd stond in die zone, maar ik stond op amper 10 meter van een straatje en vroeg aan wat mensen de versperring even opzij te zetten zodat ik weg kon. Ik had moeite om in te stappen en moeite om mijn benen in rijhouding te houden. De kramp schoot de hele tijd in mijn kuit. Alles deed nu zeer. Halverwege moest ik plots halt houden en aan de kant van de autostrade moest ik overgeven. Jakkes, dit was niet gewoon overgeven, maar pure gal. Ik reed in één stuk terug naar mijn woonplaats in België , zei tegen mijn vriendin dat ik me niet goed voelde en kroop met veel moeite mijn bed in.

Slapen ging echter niet, ik was teleurgesteld dat ik had moeten opgeven en was kwaad op mezelf hiervoor. Toen mijn vriendin naar haar werk vertrokken was, ging ik voetje per voetje naar beneden om wat te drinken. Alles kwam plots weer naar boven en het spoot op de grond. Wat was dit? Ik wou de hond uitlaten, maar verder dan hem in de tuin te laten kwam ik niet. Ik kroop terug mijn bed in. Nog steeds kon ik de slaap niet vatten. Zou ik niet wat gedehydrateerd zijn dacht ik bij mezelf, en ik nam een glas water. Ook dat kwam er meteen uit, en telkens ik overgaf voelde het slecht aan, alsof mijn organen mee kwamen, zo lelijk deed het. Dit was niet meer normaal als zelfs water niet naar binnen kon, had ik een probleem. Met tegenzin belde ik mijn vriendin op en zei ik haar dat er iets scheelde met mij en dat ze best naar huis kon komen. Toen ze thuis was, wou ze me naar Spoed brengen. Daar zag ik tegenop, ‘toch niet voor zoiets, dacht ik’. Ze bleef aandringen en dus ging ik mee. Ik kon nauwelijks nog instappen in de auto. Daar aangekomen brachten ze me naar een kamertje en trok men bloed. Ik dacht dat het om een simpele dehydratatie ging, en dat ik na een baxtertje wel terug huiswaarts kon. Even later moest ik van de spoedarts ook aan een hartmonitor en bij het aflezen van de resultaten was hij aan het schudden. Daar klopte iets niet.

Even later kwam hij terug, geflankeerd door een cardioloog. Meneer Leduc, we gaan u hier houden, er klopt iets niet op het hartfilmpje en we gaan geen risico’s nemen. We gaan ook bloedverdunners geven. Verdorie dacht ik, en even later kon ik de nacht op spoed ingaan. Van slapen kwam niets in huis, ik was misselijk, hing aan een baxter en aan een hartmonitor en bovendien nog steeds zeer misselijk. Af en toe kreeg ik rilaanvallen.

De volgende ochtend was ik hoopvol. Gewoon even wachten tot diezelfde cardioloog langskwam en ik kon hier eindelijk weg. Helaas, hij kwam aan en had nog een andere cardioloog bij hem. “Meneer Leduc, u heeft met uw leven gespeeld, waar ben jij mee bezig geweest? Het ziet er niet goed uit. Uw nieren gaan achteruit . Ze waren al in slechte staat gisteravond maar blijken nog verder achteruit te zijn gegaan deze nacht. We gaan u moeten opnemen”. Voor het eerst kwam de term rhabdomyolise naar boven als diagnose. Ik had zoveel afvalstoffen in mijn lijf dat mijn lichaam vergiftigd was. Mijn hart was hierdoor raar beginnen doen, mijn lever en alvleesklier ontstoken en mijn nieren langzaamaan aan het uitvallen. De CK waarde was torenhoog (> 20.000) en myoglobine uit mijn spieren was in grote getale in mijn bloed geraakt. Hierdoor konden de nieren hun filteringstaak niet meer aan en geraakten geblokkeerd. Ik herzette mijn plannen om huiswaarts te keren naar de volgende dag, maar ook op dag 3 kreeg ik hetzelfde nieuws. Uw nieren gaan nog steeds achteruit. Ondanks alle baxters bleven mijn nieren nors elke medewerking weigeren. Mijn urine had die eerste nacht een Cola kleur, een typisch kenmerk van rhabdomyolise. Op dag vier kreeg ik plots het bezoek van een andere specialist die me kwam voorbereiden op een kunstnier. Als de filtercapaciteit van mijn nieren onder de 15 GFR zouden gaan, waren mijn nieren verloren. Ik zakte op dag 4 tot 17 terwijl deze waarde bij het binnenkomen nog 25 bedroeg en normale minimumwaarden 80 of liever 90 bedragen. Ik kon alleen maar hopen zeker. Intussen had ik wel terug honger gekregen en kon ik kleine hapjes aan. Een Redbull of enige andere met de wedstrijd geassocieerde drank kon ik niet rieken of zien. De hele tijd moest ik noteren hoeveel ik plaste, werd ik verschillende malen gewogen, hing ik steeds aan een hartmonitor en aan baxters. Van slapen kwam niet veel in huis.

Donderdag kreeg ik dan eindelijk goed nieuws, de nieren kropen langzaamaan terug recht en de waarde was gestegen tot 22. De omgekeerde beweging was ingezet. Als ik de ochtend nadien dezelfde bovenwaarste beweging maakte met mijn bloedwaarden, kon ik naar huis. En zo geschiedde ook.

Eerst nog een hartflimpje laten maken en ik kon beschikken. Pas na enkele weken waren mijn nieren hersteld. Mijn spieren voelden nog een tijd slap aan maar na drie weken stond ik alweer aan een wedstrijd. Veel te snel uiteraard. Ik behaalde echter slechte resultaten en de demotivatie kwam snel loeren. Na twee maanden aanmodderen brak de veer en borg ik het wedstrijdlopen op.

Een jaar later en 10kg zwaarder begint het terug te kriebelen. Toch wens ik eerst mijn verhaal mee te geven. In de literatuur kom je vaker verhalen van rhabdomyolise tegen bij extreme sportbeoefeningen maar toch is deze ziekte zeer onbekend, ook bij vele mensen in de medische wereld. Mensen(zeker in de medische omkadering van zulke wedstrijden) die ultra’s organiseren zouden op de hoogte moeten zijn van het bestaan ervan en van de gevaren eromheen. Er zijn immers al verschillende slachtoffers gevallen hierdoor. Niet aangepaste training, hitte, het nemen van onstekingsremmers als Ibuprofen, dehydratatie, het te snel terugkomen na een ziekte, zijn risicofactoren die het proces van rhabdomyolyse kunnen doen versnellen. Ik heb 131km bereikt na 15u maar heb wel zware schade toegebracht aan mijn lichaam. Het lichaam is niet altijd sterker dan de geest. Als je veel wilt, is het herkennen en vooral het erkennen van je fysieke grenzen een blijvend werkpunt! Chapeau aan iedereen die er de wedstrijd uitliep!


Mvg
Robin Leduc
 

 
[ top pagina ] - [ Kalender info ] - [1-2-3 Uitslagen ]
 

 
 
 
De VijverRun staat al sinds een 12-tal jaar op de loopkalender. Tot en met 2015 waren de afstanden 5km, 12km en 33km. In 2016 was er voor de eerste maal ook een 50km. Voor de eerste editie waren er 26 starters uit België, Nederland en Duitsland. Die 50km verliep in 2 delen. 12km ‘social run’ (lopen in groep) en daarna 38km individueel. De tijd werd gemeten over de hele 50km. De start was om 9u30.

Dankzij verschillende eigenaars die hun privé-eigendom openstelden verliep het parkoers door mooie stukjes natuur. De eerste 12km was voornamelijk (80%) onverhard, met enkele pittige maar korte klimmetjes en mooie single tracks. Doordat er op dit stuk geen bewegwijzering was bleef de groep de hele tijd samen aan een tempo van 6’27 per km. Vanaf de 2e bevoorrading (km12) konden de lopers op eigen tempo verder.

Eerst was er een 4-tal km langs het Albertkanaal in de richting van Hasselt. Vanaf dan liepen we over het parkoers van de 33km lopers. Die 33km startte om 12u dus ze kwamen ons pas de laatste kilometers voorbij gestoken. Samen met de 12km-deelnemers, die startten om 13u45.

Bijkomend was er voor de 50km nog een extra lusje van een 6-tal km om de totale afstand rond te maken. We doorkruisten mooie stukjes natuur. Langs kleine en grote vijvers en over soms kleine en dan weer brede bospaden. Het Vijvergebied Midden-Limburg biedt een mooie broedplaats voor vele watervogels. Aan het vele gekwetter was het te merken dat de lente op deze 20 maart echt zou beginnen. Bij het begin van de dag was het nog grijs, maar geleidelijk aan kwam de zon tevoorschijn. Dankzij dat er in de bossen nog geen bladerdek was warmden de lopers naar het einde toe goed op.
Dorst moesten we niet lijden door de uitgebreide bevoorrading om de 5 à 6 km met water, sportdrank, rozijnen, chips, …

Er was 1 dame die deelnam:
Karen Claes 5:22:09.
Het podium bij de mannen:
1. Björn Distelmans 4:10:27
2. Stefano Bassi 4:21:27
3. Wouter Desmet 4:28:56


Ingmar Bernaers
 

 
[ top pagina ] - [ Kalender info ] - [1-2-3 Uitslagen ]