Ga naar de startpagina

Het laatste nieuwsGa naar de verslagenBekijk de komende evenementen in de kalenderGa naar de uitslagenGa naar het discussie forumTrainings tipsLinks naar andere pagina'sMeest gestelde vragen

Verslagen actueel
13 okt 2017
SPARTATHLON
11 okt 2017
Marathon Eindhoven 10-10-17
9 okt 2017
Lang – Langer – Langst, Goldsteig 661
1 okt 2017
Winterswijk-Dwingeloo-Duiven-Spartathlon ...
Verslagen in 2017
Verslagen in 2016
Verslagen in 2015
Verslagen in 2014
Verslagen in 2013
Verslagen in 2012
Verslagen in 2011
Verslagen in 2010
Verslagen in 2009
Verslagen in 2008
Verslagen in 2007
Verslagen in 2006
* December
* November
* Oktober
* 23 okt 2006: PISTE MARATHON SCHAERBEEK BLIJFT SPECIAAL
* 23 okt 2006: I was there!
* 23 okt 2006: Marc Papanikitas wint de baanmarathon te Schaarbeek.
* 20 okt 2006: Belevenissen van een ultraloper
* 18 okt 2006: SELF TRANSCENDENCE 24 UUR LONDON
* 18 okt 2006: PACEN IN DRUKBEZETTE MAAR DUNBEVOLKTE AMSTERDAM MARATHON
* 17 okt 2006: Een lekker weekendje uit
* 15 okt 2006: Een wedstrijd voor Dwarslopers
* 14 okt 2006: Misari of misérie?
* 9 okt 2006: EINDHOVEN HEEFT DE MEEST SFEERVOLLE MARATHON
* 9 okt 2006: Marathon van Eindhoven
* 8 okt 2006: Belevenissen Spartathlon 2006
* 5 okt 2006: Spartathlon 2006
* 4 okt 2006: 6 uur Amersfoort
* 3 okt 2006: Ultraloop Amersfoort 2006
* 3 okt 2006: In het kielzog van de billen van Borsten
* 3 okt 2006: KUSTMARATHON GROEIT STADSMARATHONS VOORBIJ
* 3 okt 2006: Een mooie dag in Amersfoort
* September
* Augustus
* Juli
* Juni
* Mei
* April
* Maart
* Februari
* Januari
Verslagen in 2005
Verslagen in 2004
Verslagen in 2003
Verslagen in 2002
Verslagen in 2001
Verslagen in 2000
Verslagen in 1999
AltaVista
Zoek:
Discussies
Het web


 
VERSLAGEN van Oktober 2006
 
Er zijn bij marathon- en ultra wedstrijden veel evenementen die men als speciaal betiteld, zoals trails en berglopen. De Zeeuwse Kust marathon noemt zich de mooiste en zwaarste marathon van Nederland. Olne-Spa-Olne en de 6 en 12 uur van Texel zijn uitdagende lopen door een combinatie van schoonheid en zwaarte van het parcours, die op liefhebbers een enorme aantrekkingskracht uitoefenen. Wat mij betreft hoort de Piste marathon in dit rijtje. Misschien niet wat de fysieke moeilijkheidsgraad betreft, wel op mentaal gebied. Baanmarathons worden zeldzaam georganiseerd. Ik kom alweer voor de 3e keer in Schaerbeek, niet alleen omdat ze deel uitmaken van het Marathon en Ultracup, maar het lopen met een 60-tal mensen op een klein oppervlak, geeft een geheel ander soort loopidee dan een weg- of boswedstrijd. Je overziet het gehele parcours en kunt alle demarrages en het gehele wedstrijdverloop volgen. Je wordt gepasseerd, anderen passeren jou en dan snel even een praatje maken. Dat hele proces boeit me.

Volgens organisator Dirk Ghys, zijn er dit jaar weer meer deelnemers. Waarschijnlijk omdat er in hetzelfde weekend in Amsterdam een 6 uur gelopen wordt, zijn er wat minder Nederlanders. Maar onze Belgische vrienden ken ik ondertussen zowat allemaal. Ik weet ook dat Jacques Vandewal sportman van het jaar geworden in zijn gemeente Dilzen. Knap hoor, normaal wordt zo’n prijs uitgereikt aan verwende voetballers. Nu is hij tenminste bij een echte sportman terechtgekomen. ‘Jacques’, zeg ik ‘vandaag laten zien dat je die titel echt verdiend, gas erop’. ‘De eindtijd zal het bewijzen’, antwoord hij. Zo hoort het ook, het beste uit jezelf halen.

Exact 10 uur worden we weggeschoten. Er moeten 105½ ronden worden afgelegd. Bij doorkomst word je naam, de laatste rondetijd en de nog te lopen ronden op een groot scherm zichtbaar. Een stukje verder staat de bevoorradingspost met water, sportdrank, sinaasappel, peperkoek en banaan. Een effectievere verzorging kan niet. Ik besluit elke 20 minuten water en sportdrank te nemen en na de halve afstand wat banaan. In de beginfase wordt er heel wat afgekletst. De 3 Belgische Korea-gangers die er 2 weken geleden 100 km hebben gelopen, Marc, Ivan en Lucien, zijn zo snel hersteld, dat ze ons ook nog eens snel voorbijlopen. Marc loopt in de beginfase sneller dan een Keniaan. Ik roep nog of hij een baan wereldrecord wil vestigen. Deze tomeloze aanvalsdrift, moet hij in het 2e gedeelte jammer genoeg bekopen. Van Patrick weet je elke ronde hoe hij zich voelt. Iedere keer als hij voorbijgaat laat hij zich horen en praat zichzelf en anderen moed in. Van Willem Mütze kun je leren hoe je moet snelwandelen. Lucienne, Leon en Jacques lopen gezellig samen, maar houden er een fiks tempo op na. Willem de Ridder en Jo Pfeiffer zie ik niet voorbijkomen en veronderstel ik dat ze dezelfde snelheid hebben als ik.

Het weer werkt mee, iedereen is in korte broek en singlet of shirt. Ik loop het eerste gedeelte heerlijk en heb volop oog voor de omgeving en het wedstrijdverloop. Op het moment dat Marc nog een paar rondjes te gaan heeft en ik zeg: ‘nog even een versnelling hoger’ krijg ik een dip, de benen worden zwaar. De gemiddelde ronden van 2.04/2.05 lopen op tot 2.12. Lucienne zegt dat ze hetzelfde voelt. Het is de laatste fase. In de laatste 7 km kan ik het tempo wat opvoeren. In 3.46.45 kom ik over de meet, een tijd waar ik gezien de leeftijd uiterst tevreden over ben. En Jacques heeft zijn sportman status hooggehouden, hij klokte 3.25. Zou het waar zijn dat je op een baan snellere tijden loopt dan op de weg? Mijn ervaringen van vorig jaar en dit jaar bewijzen dit wel. Nog geen 10 seconden nadat je gefinisht bent, komt er een man naar je toe die je de gehele uitdraai van alle rondetijden met gelopen kilometers en eindtijd overhandigd. Heel professioneel.

Na het douchen is het goed toeven in de tent die als inschrijving en kantine dienst doet. Er is life muziek en tijdens de pasta, tomatensoep of een lekker biertje wordt er heel wat bijgekletst over de mooie marathon. Horst Preisler krijgt nog een speciale huldiging vanwege zijn hoeveelheid marathons. De organisatie is weer wat we gewend zijn van Schaerbeek: in zeer goede handen. Dirk, hou je speciale marathon op de kalender. We komen weer graag terug.

Vincent Schoenmakers
 

 
[ top pagina ] - [ Kalender info ] - [1-2-3 Uitslagen ]
 

 
 
 
6 uursloop van Sri Chinmoy [22 oktober 2006]

Afgelopen zondag debuteerde Luc Krotwaar op de ultra tijdens de 6uursloop van Sri Chinmoy en ik was er bij! Nu vraagt u zich wellicht af, wie deze strijd der Titanen heeft gewonnen. Ondergetekendenatuurlijk! Al moet ik er eerlijkheidshalve wel bij vermelden, dat het een stuk scheelde dat Krotwaar na 23 rondes uitstapte. Hij had mij op dat moment (ca. 3.35-3.40) reeds 5x gedubbeld en derhalve reeds zo'n 11km voorsprong. Ongetwijfeld bevreesd voor mijn sterke 2de helft stapte hij uit. 1-0 voor Bram. Jammer Luc, volgende keer beter. :-)))))

Na een succesvol verlopen 1e editie in 2005 organiseerde de Nederlandse tak van de organisatie Sri Chinmoy afgelopen zondag voor de 2de keer een 6 uursloop in het Amsterdamse Bos. De vrij saaie omloop rond de Bosbaan was ingewisseld voor een kortere omloop in het bos. Wat bochtjes, een klein klimmetje, best wel aardig. Evenals vorig jaar was het echter schrikbarend druk op de omloop. Mensen die hun hond(en) aan het uitlaten waren. Honden die hun mens(en) aan het uitlaten waren.Ouders die hun kind(eren) aan het uitlaten waren. Kinderen die hun ouder(s) aan het uitlaten waren. Mensen die hun paard aan het uitlaten waren. Paarden die hun mens aan het uitlaten waren. Mensen, die hun kano aan het uitlaten waren. Kano's die hun mens aan het uitlaten waren. En tussen al die uitlaters was ik mezelf aan het uitlaten! Kortom, er heerste een uitgelaten sfeer, goed passend bij de filosofie van Sri Chinmoy, waarin positief denken min of meer centraal staat. Een hondenuitlater riep mij op een gegeven moment 'Diesel!' na. Ik vroeg hem of dat aan mij was gericht of aan zijn worst-op-pootjes die een achtervolging op mij had ingezet. Uit de lachende reactie begreep ik dat het niet aan mij was gericht. Verder is het nog tot een botsing tussen mij en 2 ravottende honden gekomen. Ik hoop daarbij dat hun ruggegraat net zo stevig is als mijn scheenbeen, anders hebben ze vast en zeker blijvend letsel opgelopen!

Om 10.00 werd er onder aangename weersomstandigheden gestart. In vergelijking met vorig jaar was de opkomst matig. De deelname van Luc Krotwaar gaf het deelnemersveld echter toch nog een bijzonder tintje. Verder liep Ron Teunisse enige tijd als toeschouwer langs het parcours. Hij was vast ook iets of iemand aan het uitlaten! Mijn doel (ca 60 km) en mijn voorbereiding (weinig, voornamelijk fietsen) indachtig ging ik veel te snel (ca 11-11.5 km/u) van start. Maar ja, het ging aardig, dus waarom niet! Lopen is echter een vrij eerlijke activiteit en zodoende kreeg ik na zo'n 3.30 de rekening gepresenteerd voor mijn 'onstuimige' begintempo. Ik zakte terug zonder echter volledig in te storten en liep uiteindelijk toch nog anderhalve marathon in 6 uur. De verdere statistieken: 5e overall, 4e man, 1e veteranen 1.

Deelname aan een Sri Chinmoy-evenement is bijzonder. Wildvreemden spreken je aan met je voornaam. Een aantal borden langs de omloop met daarop wijsheden moeten tot verdieping leiden. Hetzelfde geldt voor de muziek, die bij doorkomst te horen is. Zelf werd ik bij doorkomst echter het meest euforisch van een meer wereldse zaak: de chocolade-kogels (met een rozijn als inhoud), die daar volop verkrijgbaar waren. Mede door mijn toedoen slonk de voorraad aanzienlijk, hetgeen niet onopgemerkt bleef bij de organisatie. Zij waren echter op alles voorbereid en zorgden tot het einde toe voor een divers aanbod op het gebied van eten en drinken. Een gezamenlijke maaltijd en prijsuitreiking sloten het geheel af. Deelname van harte aanbevolen (tenzij je een hekel hebt aan mensen, honden, paarden of kano's)!

Van het etappe-loop-front kan ik melden, dat de Isar Run 2007 met maar liefst 8 aanmeldingen uit Nederland de New York-marathon onder de etappe-lopen dreigt te worden! Een laatste (?) selectie van foto's vande GTA 2006: http://www.kipley.com/marcy/pics10.html. Ik ben goed vertegenwoordigd in deze reeks, vooral als wit stipje op de achtergrond (10e etappe), :-)))))

Bram van der Bijl
anvdbijl provider xs4all.nl
 

 
[ top pagina ] - [ Kalender info ] - [1-2-3 Uitslagen ]
 

 
 
 
Wil de heer van 2h16’ die gisteren de pistemarathon in Schaarbeek won even rechtstaan!
Nadat ik de eindmeet over strompelde gisteren in Schaarbeek, ik had er 105 ronden opzitten en dus 42000m gelopen. Een fameuze bloedblaar aan één voet overgehouden en zwaar gedehydrateerd geraakt vanwege niet kunnen drinken en dit dan weer vanwege zware maagproblemen. Toch kreeg ik de overwinningsbeker, het daarbij horende en beloofde bedrag van 150 euro en een formulier voor een gratis buzzy pas in mijn handen gepropt.
Daarstraks klik ik dan even ultraned open en schrik er van dat de stand van de ultracup na deze marathon er al opstaat.
Ook lees ik dat de winnaar 2h16’ heeft laten afdrukken. Ofwel moet ik zwaar gepakt zijn geweest door de inspanning, ofwel moet Kloekske in alle bescheidenheid, toen hij me voor de laatste 12 ronden heeft bijgestaan in mijn lijden, niet verteld hebben dat hij in werkelijkheid al 30’ voorlag op mij.
Nader onderzoek in mijn schedel gaf het resultaat dat er inderdaad regelmatig iemand voorbij zoefde gisteren. Het was erg irritant voor mij als atleet, ik die al slecht tegen mijn verlies kan, om te moeten ervaren dat er iemand veel sneller was dan ik. Nog dieper gravend in de grijze massa zag ik weer de beelden van een man zittend in een door zijn sterke armen aangedreven aërodynamische rolstoel. Het riep weer het gevoel in me op van “shit, er is er één sneller”
Ben ik onverdraagzaam als ik vertel dat ik een beetje een wrang gevoel heb bij het lezen van deze uitslag? Winnaar zijnde en niet tot winnaar uitgeroepen worden. Geef ik iets te veel van mijn karakter bloot? Ben ik discriminerend? Of alleen maar vervelend?
Was de winnaar van de Iron man geen Duitser, of was het Marc Herremans met zijn rolstoel?

De rolstoeler in kwestie heeft met glans gewonnen, zeker in de categorie van de rolstoelatleten. 2h16’ is in mijn ogen een machtige tijd, ik wou dat ik het ook kon presteren dan had mijn overwinning nog meer glans gehad. De bescheiden 2h38’ is mijn niveau niet waardig, tevens de manier waarop was niet aan te zien. Maar goed, we hadden toch een leuk podium. De drie Belgen die ons land in Korea hebben vertegenwoordigd stonden zij aan zij aan de start, liepen soms zij aan zij in de koers en stonden dan weer zij aan zij op het podium.
Een schonere seizoensafsluiter kon het voor mij niet zijn.
Nu gaat alles voor 2 maanden in de kast, dit op doktersadvies. Het lichaam heeft na 20 jaar topsport rust nodig. Tijd om te genezen. Tijd om alles even op een rij te zetten. Tijd om de toekomst te bekijken. Tijd om te stoppen?

Marc
 

 
[ top pagina ] - [ Kalender info ] - [1-2-3 Uitslagen ]
 

 
 
 
Als lopen reizen wordt waarbij lichaam en geest zich voortdurend verplaatsen. (Vrij naar Jan Knippenberg)

De voorbereiding

Eind 2005 besluit ik om te beginnen met de voorbereiding voor de Spartathlon en het geheel in twee blokken te verdelen. Het eerste blok van december tot en met mei. Het tweede blok van juli tot half september. Tussendoor gaan Jan Fokke en ik in juni op expeditie naar de Mont Blanc; het lopen gaat dan voor even in de ijskast.

In december 2005 start ik met de voorbereiding van de dan nog "mogelijke" deelname aan de Spartathlon september 2006.

Een dag voor oudejaarsavond vertrek ik met de trein naar Den Helder om vandaar naar Leiden te rennen. Op het eind van de middag loop ik over de dijk richting zuiden en werp nog een blik op Texel en de Noorderhaaks die er indrukwekkend bij ligt. Via het Noordzeekanaal, door mij omgedoopt tot kanaal van Korinthe, kom ik tot Haarlem en stap daar in de ochtenduren in de trein. Hm geen echt succes maar de kop is eraf.

Na evaluatie van deze trainingsloop kom ik tot de volgende conclusie: "Hier past geen poldermodel, hier past geen compromis met pijn of andere zaken" wil ik Sparta bereiken moet het over een geheel andere boeg.

Nadat de Jan Knippenberg Memorial goed werd uitgelopen neem ik deel aan de internationale 24-uur van Apeldoorn. Onder begeleiding van coach Jan Fokke Oosterhof kom ik tot 165 km en word derde.

De conclusie is hier dat in het tweede blok er in alle opzichten nog een tandje bij zal moeten wil ik in ieder geval een kans hebben in de Spartathlon.

Begin juli, mijn eerste trainingsloop in Chamonix, weliswaar een kort loopje van een paar kilometer maar ik voel dat een virus zich van mij meester heeft gemaakt sinds mijn startnummer 266 van de Spartathlon binnen is. In juli voer ik gestaag het aantal kilometers op tot een maximum van 250 kilometer per week en loop in Duitsland nog een 100 km wedstrijd in het gewenste tempo. In augustus komen de lange afstanden aan bod en loopt Marcel Wierenga van de Hardloopwinkel een marathonnetje mee tijdens een 70km trainingsloop.

Tussendoor heb ik een niet onbelangrijke ontmoeting met Hermy Heymann, Spartathlon finisher in 2005, die mij zijn ervaringen over de Spartathlon vertelt en mij een complete map met documentatie meegeeft inclusief de nodige persoonlijke tips voor onderweg.

Eind augustus begin ik met de hitte training; ik voer de lichaamstemperatuur zo op dat het af en toe lijkt of mijn hersenen als hete kroketten m'n oren uit dreigen te komen. Een perfecte trainingservaring, zweet gaat anders smaken en ik heb nu ervaren wat hitte met je doet tijdens een langdurige inspanning. Na een aantal trainingen begint zelfs het omgaan met hitte vertrouwd te worden.

Half september wordt het tweede trainingsblok afgesloten en combineer ik tempo, hitte en heuveltraining in de Mergellandmarathon een week na de echte wedstrijd. Ik geniet van het prachtige Limburgse heuvelland en regelmatig bel ik bij mensen aan en helpen bereidwillige Limburgers mijn verder met water. Ik rij terug naar Leiden met een goed gevoel: ik ben er klaar voor
.
Een zak aardappelen

Jan Fokke en ik zitten in Gite de Bionassay in het Mont Blanc gebied in de buurt van Chamonix. Ik sta voor een antieke kast met een spiegel in de deur. Voor mij ontwaard zich een figuur dat lijkt op een uitgezakte zak aardappelen. Niets maar dan ook niets wijst in fysieke zin op een ultraloper en al helemaal niet één die de Spartathlon wil gaan lopen. Ik wil weer letterlijk en figuurlijk lekker in mijn vel zitten, naar Sparta rennen en besluit ter plekke de noodzakelijke voorbereidingen te gaan treffen om het avontuur', de Spartathlon, tot een goed einde te kunnen brengen.

Het begeleidingsteam en thuisfront

Ultralopen doe je niet alleen, zoveel is me wel duidelijk geworden in de afgelopen jaren dat ik deze bijzondere tak van atletiek beoefen. Beoefen is hier het juiste woord, ieder jaar begin je eigenlijk helemaal opnieuw met training en voorbereiding, met bescheidenheid, haast nederigheid. Ultralopen is op zich geen kunst, maar om het goed te doen, te leren, te rijpen en blessurevrij te blijven en dan ook nog progressie (welke dan ook) boeken is voor mij wel een aparte kunst gebleken.

Ik vraag Jan Fokke of hij mij wil begeleiden tijdens de Spartathlon. Hij heeft dat eerder met succes gedaan tijdens de 24-uur van Apeldoorn. Hij zegt onmiddellijk ja en we gaan aan de slag om alles hiervoor te regelen. Een paar dagen later vraag ik Niels Huneker of hij ook mee wil naar Griekenland en ook hij besluit mee te gaan. Hij zal zich een paar dagen voor de start als professioneel fotograaf in Athene bij ons voegen. Mijn begeleidingsteam is compleet. We gaan naar Sparta!

Het thuisfront, in de breedste zin van het woord, van familie tot ultralopers, is een fantastische steun tijdens de voor bereidingen en slikt een paar keer als ik even niet te genieten ben. Na afsluiting van de voorbereidingsperiode concludeer ik meteen dat ik dit zo niet meer zal aanpakken. De training heeft een (te) zware wissel getrokken op familie en vrienden maar ook op mezelf met een bijna burnout-situatie als gevolg. Ook dat is een kant van de Spartathlon die ik de lezer hier niet wil onthouden. Ondanks dat alles zullen er in Nederland letterlijk en figuurlijk kaarsjes branden tijdens de uren dat ik van Athene naar Sparta zal lopen. Een mooiere begeleiding en ondersteuning kan ik me niet wensen.

Athene Team bespreking

De dag voor de start hebben we met z'n drieën een teambespreking. We nemen het draaiboek nog een keer door, we laten de posten met de "Drop bags" nog een keer de revue passeren. De laatste puntjes en vragen bespreken we en Jan oppert nog wat "als dan" situaties in de vorm van: "Paul als je de ambulance ingaat wat dan?". Een terechte vraag daar zou ik me ook zorgen over maken als begeleider. Ik schep meteen duidelijkheid door te antwoorden: "dan stap ik uit de ambulance en vervolg op eigen gelegenheid mijn weg naar Sparta".

We bespreken ook plan B zoals ik het maar noem, Plan B treedt in werking als ik om wat voor reden, zal een goede reden moeten zijn, uit de wedstrijd wordt gehaald. Plan B houdt in dat ik buiten de wedstrijd naar Sparta zal lopen al is het via de binnenlanden en al moet ik er een dag extra over doen. Tijdens de Spartathlonbriefing die middag stelt een deelnemer de vraag "wat er gebeurt als een deelnemer (lees hijzelf) buiten de wedstrijd naar Sparta wil". Het antwoord van de Spartathlon organisatie luidt: "Who is going to take care of you?". Ik weet genoeg.

De start

Vlak voor de start praat ik nog even met Henk Harenberg en wens hem succes. Daarna met een Frans echtpaar dat de 333 en 555 heeft uitgelopen. Voor de lezer: de getallen staan voor het aantal kilometers van deze non-stop woestijnmarathons. Het echtpaar vertelt me doodleuk dat ze echter de Spartathlon nog nooit hebben uitgelopen. De koude rillingen lopen over mijn rug en ik vraag me af wat er dan wel voor nodig is om in de Spartathlon te finishen.

Vlak na de start zie ik in m'n ooghoeken een deelnemer op de grond liggen vlak naast een stoepje, gestruikeld in de eerste meters. Dit blijkt later de winnar van vorig jaar te zijn Jens Lukas. Ik verhoog mijn alertheid en dribbel rustig mee met de 264 starters. Het tempo van 10km per uur zit er al snel lekker in en we draven door Athene langs de files en door de alles verstikkende tank en uitlaatgassen.

Ik geniet van alle indrukken en de omgeving. Natuur is hier iets te veel gezegd, we lopen door een industrie- en havengebied met gezonken schepen, rokende schoorstenen en stapels afval. De stank is zo erg dat Ria Buiten er helaas maagklachten van krijgt. De afvalzaken langs de weg stinken erg maar een stuk minder dan mijn eigen afvalzak met gebruikte hardloopkleding. Dat dan weer wel.

Gaande weg wordt het tempo een beetje slaapverwekkend en ik droom wat weg: "misschien heeft Jan Fokke wel een ochtendkrantje voor mij gekocht" grap ik in mezelf. Bij km 42 kijk ik belangstellend op mijn Polarhorloge. 3.48, veel te snel dat is meteen duidelijk. De rem gaat erop en ik besluit nog meer van het vergezicht over de zee te genieten, de verzorging goed op pijl te houden en wat met lopers te praten.

Met de Oostenrijkse deelnemer Alfred Neumayer uit Thun praat ik over koetjes en kalfjes en over de Nederlandse ultrawedstrijden die internationaal goed staan aangeschreven zo blijkt. Vervolgens loop ik al pratend met Maik kilometers samen op. Maik Dieroff een Duitser die een keten van broodjeszaken exploiteert. Ik herken Maik van foto's die ik heb bestudeerd als voorbereiding op de Spartathlon. Maik kijkt me verrast aan als blijkt dat ik weet dat hij ook bergbeklimmer en avonturier is. We wisselen wat klimervaringen en avonturen uit en vervolgen onze weg richting Sparta.

Met volle teugen geniet ik van de gesprekjes, het samenlopen, van de zee, de golven en dobberende vissersbootjes. Dit alles in een kleurenpalet van donkergrijs en van blauw naar azuurblauw tot kleurloos helder water. Het gaat langs de kust op en af maar wat me opvalt, de hellingen zijn geen echte kuitenbijters. In de verte zie ik een stadje liggen aan het water; de zon schijnt op de huizen en zet ze in een prachtige mediterane zacht gele gloed.

In mijn eigen tempo loop ik in op Anke Dresscher, die twee weken voor de Spartathlon nog een 24-uur wedstrijd heeft gelopen, maar dit ter zijde. Als ik achter haar loop versneld ze ineens en loopt van me weg. Dit herhaald zich zo een aantal keren waarbij ik stoïcijns mijn tempo vasthoud en ook geen gesprek met haar aanknoop, ik ben bang dat ik haar stoor bij het opzeggen van gedichten van Schiller, Anke loopt ook haar eigen Spartathlon.

Het kanaal van Korinthe
Om maar met de deur in huis te vallen: ik heb bij het kanaal van Korinthe een fysieke wegtrekker van hier tot Tokio. Mentaal zit ik er dan nog wel fris en helder bij maar toch.

Dit is een fase waarin allerlei pijnen voelbaar worden. Ik voel mijn rechter heup opspelen in de vorm van een soort Heup Displasie. De linker knie doet ook lekker mee in de vorm van iets dat aanvoelt als een Tibiaal Frictie Syndroom. De steken in de mild worden sterker en ik heb ook pijn aan mijn ribben die het ademhalen bemoeilijkt. Ik probeer zoveel mogelijk te ontspannen en doe regelmatig rekoefeningen tijdens het lopen met de armen boven het hoofd. Gelukkig weet ik uit ervaring dat dit soort pijnen net zo snel weer verdwijnen als ze opkomen, dus besteed ik er in mentaal opzicht niet te veel aandacht aan.

Bij post op 81km is het een gezellige boel. Deelnemers gooien zich op de grond en roepen om massage. Niels en Jan Fokke zijn er ook maar ik zie Jan zorgelijk kijken. Jan meldt: "die amateurs hebben je Drop bag hier niet liggen". Nee Jan, zeg ik in alle rust, die ligt bij Checkpoint 29 km 102,5. Opgelucht kletsen we samen wat over het verloop van de wedstrijd en na een rijstpuddinkje ga ik weer enigszins hersteld op pad.

We, mijn lijf en ik, wat een eenheid realiseer ik mij, trekken nu, het kanaal van Korinthe achter ons latend, de binnenlanden van Griekenland in. De Peloponesos waar Cees Verhagen in het blad Runners over schreef: " Na Korinthe wordt het mooi dan ga ik genieten van de sterrenhemel". Helaas voor Cees is het er niet van gekomen. Cees viel uit bij 60km. Ik verheug me op de uren die komen, kijken naar de Grote Beer, de poolster, de maan, in alle rust. Nou ja, wel een beetje doorlopen dan; het gas op de plank houden zoals mijn coach Jan Fokke dat zegt.

De nacht in

Na een snelle kledingwissel, met behulp van de toeschietende handen van Jan Fokke, die elk detail van kleding tot voeding haarscherp in de smiezen heeft en zelf een ervaren atleet is en dat is te merken, met Niels die niet aflatend alles met zijn camera vastlegt en me af en toe een bemoedigend woord toesteekt, ben ik ook in dat opzicht klaar voor de nacht.

Het is nu echt donker en wat zich aan mij openbaart is een wereld van stille sterren, krekelende krekels en brandende olielampjes langs de weg. Ik word haast overmand door emoties, gelukkig is het parcours hier behoorlijk selectief, lees kolere stijl, dat ik al mijn aandacht nodig heb om tempo te blijven draaien.

Langzaam zak ik weg in een moeras van gedachten. Een hallucinerende toestand ontstaat in mijn hoofd. Ik kan er geen weerstand aan bieden. Duidelijk hoor ik het geluid van duizenden krekels en in dat geheel hoor ik toch ècht een mobieltje afgaan met een krekelgeluid als ringtone.

Dat kan niet schiet het mij, in een helder moment, door het hoofd, als op hetzelfde moment een serie lichtflitsen vanuit de berm op mij wordt afgevuurd. Gelukkig is het Niels die zijn gedrevenheid als fotograaf omzet in daadkracht en zijn camera met flitser helemaal de vrije loop laat. Verblind door zoveel licht zoek ik bij de verzorgingspost ter plekke op de tast mijn weg tussen bekertjes water, cola en bakjes chips en ander krachtvoer.

Snel vervolg ik mijn weg en word ingehaald door de auto van mijn begeleiders die voor de zoveelste keer enthousiast uit het raam van de auto naar mij zwaaien. Wat zij niet beseffen, dat ze op z'n Grieks voorbijrijden; mij achterlatend in een gigantische wolk van kiezels, zand, stof en fijne deeltjes die nog urenlang voorbij dwarrelen in het lichtschijnsel van mijn hoofdlampje. De boodschap van Jan Fokke en Niels wordt me nu ineens duidelijk: "Tempo draaien, en vlug wat, dat doen wij immers ook!" We zijn een team dus op een vlak stuk weg schroef ik het tempo op. Bedankt jongens! Veeg het zand en het stof uit mijn mondhoeken en monter ren ik verder.

Ochtendgloren

Aan de rechterkant van de weg staat een auto. Twee mannen in een auto onderuit gezakt in hun stoelen, het lijken wel rechercheurs die een tukkie doen of stiekem mij in de gaten houden, het is mijn begeleidingsteam. Ik loop naar de auto en roep: hoi mannen, ze veren op en zeggen dat ze mij nu nog niet verwacht hadden. Lachend loop ik de ochtendnevel in.

Wat is dit mooi zeg, douwdruppels op wijnranken, ochtendvocht op grassprietjes, mist in de sloot, een zacht gele gloed die de ochtend kleur geeft. Dit is genieten, alle indrukken verwerk ik en sla ik op in mijn geheugen, in de map Spartathlon.

Gieren

Op de linker weghelft ligt een kadaver van een geit, bloederig ziet het ontzielde beest eruit, ik denk meteen aan een uitzending van National Geographic. Een man is met een vliegtuigje neergestort, ernstig gewond geraakt en op sterven na dood, en weet met een stok de om hem heen drentelende gieren van zich af te slaan.

Terug naar de Spartathlon, daar cirkelen in figuurlijke zin Griekse gieren om mij heen en wel in de vorm van een Touringcar met open deur die bij elke verzorgingspost staat te wachten, alsof ie wil zeggen: kom maar, kom maar, kom kom maarrrr. Gieren in de vorm van ongeduldige helpers van de verzorgingsposten die het onderhand wel helemaal gehad hebben om bij 35graden zonder schaduwplek een dag lang, langs een schier oneindige weg, te moeten wachten op een ultraloper die zich tergend langzaam voortbeweegt in de richting van hun verzorgingspost. Gieren in de vorm van de cut off times die mij als deelnemer steeds dichter beginnen te naderen.

Km 226, daar is coach Jan Fokke die net in de auto een dutje heeft gedaan, die kapot is en toch uitstapt om poolshoogte te nemen hoe het met zijn pupil Paul gaat.

Jan Fokke heeft twee kwaliteiten als coach: hij weet uren lang, hier zo'n 34 uur, niets substantieels te zeggen (naast al zijn bemoedigende en stimulerende woorden), maar als ie wat zegt dan is de bok los, dan zijn de rapen gaar, dan gaat het spel op de wagen.

De andere kwaliteit van Jan Fokke als coach is dat hij je heeeel indringend kan aankijken, zo zelfs dat sommige vrouwen er door in trance raken, ik niet want ik ken die blik en realiseer me dat het nu ernst is.

In zijn antwoord op mijn opmerking over Plan B ligt alles besloten: Jan zegt: "ik vind nu even Paul belangrijker dan Sparta." Ik denk: die moet slaapdronken zijn, die heeft een acute zonnesteek opgelopen, die is bevangen door de gekte van de Spartathlon en denkt niet meer helder.

Net als ik trouwens een knap eigenwijs ventje die Jan Fokke, om na de teambespreking waar ik toch redelijk duidelijk ben geweest over de doelstelling: aankomen in Sparta, en na 226 km of wel zo'n ruim 30 uur in de wedstrijd nota bene richting Sparta, kan het nog duidelijker? nog vol weet te houden dat er belangrijker dingen in het leven zijn dan Sparta.

Ineens wordt me alles volkomen helder: Jan Fokke is juist een topcoach die met één zin mij net op het goede moment de figuurlijke stok aanreikt om de gieren van me af te slaan.

Ik veer op uit de stoel bij de verzorgingspost en vervolg mijn weg en denk: "naar Sparta!".

Jan roept mij nog na: "alles HARD!".

Met de figuurlijke stok in de hand denk ik: "ik zal jouw even laten zien wat hier, na 226km, "alles HARD" is, ik versnel, de afdaling naar Sparta komt daarbij voor mij als geroepen."

De laatste verzorgingspost: ik geloof mijn ogen niet, de bus staat er niet, die is doorgereden naar Sparta. Één gier minder, kijk dat schiet lekker op. Ik krijg de slappe lach en besluit er een grap van te maken: met nog enkele meters te gaan naar de verzorgingspost roep ik: "where is the bus" en probeer zo vertwijfeld mogelijk te kijken, wat redelijk lukt na 243km wedstrijd, alsof ik echt in de bus zou willen stappen. Duhh. De mensen van de organisatie en van de verzorgingspost kijken eerst verbaast, hij zal toch niet met nog drie kilometer te gaan..., nee nee alsjeblieft niet, ze schieten al snel in de lach. Lachend vervolg ik mijn weg naar Sparta.

Een rode auto met een raceofficial komt naast me rijden. Hij zegt: "Run the best you can.", "You're ok." Het eerste ben ik aan het doen, de tweede opmerking laat ik maar over me heen komen. Een politieauto met een vriendelijk lachende agent achter het stuur komt nu met zwaailicht en al naast me rijden. De agent begint vingers op te steken en het worden er vervolgens steeds minder. Maar het lijkt wel langer en langer te duren voor er een vinger minder omhoog gaat. Het zal me toch niet gebeuren dat ik Sparta binnenkom op de achterbank van een politieauto.

Sparta

Er gaat nog een extra schepje bovenop maar al snel merk ik dat een snelle intocht er niet in zal zitten. Ik ben kapot, vernacheld, gesloopt door slaaptekort, uitgehold door de verzengende hitte, door aaneengeregen kilometers, door vochttekort en bevangen door mentale leegte.

Overeind gebleven door training, wilskracht, door automatisme, door de perfecte begeleiding van Niels en Jan Fokke en door eten en drinken.

Heftig geëmotioneerd maar met opgeheven hoofd draai ik op aanwijzingen van een charmante Griekse politieagente, zo erg naar de klote ben ik nu ook weer niet dat ik niet meer helder zou kunnen zien, de straat in waar oneindig ver weg het standbeeld van koning Leonidas staat. Een klein meisje komt naast me lopen met de Zuid Koreaanse vlag en wil hem aan mij geven. Zonder een woord te zeggen doe ik maar net of ik haar niet zie, helaas.

Ik hoor applaus en kijk verrast op, het zijn ultralopers, finishers, uitvallers, belangstellenden en mensen van de organisatie die staan te klappen. Wat een onthaal.

Ik zie Niels in mijn ooghoek foto's maken en hij rent alweer verder.

De laatste meters, drie treden van het bordes, worden me nog bijna fataal. Ik struikel en word opgevangen en ondersteund en vervolgens weer losgelaten door een official. Ik raak met mijn handen de linker voet van koning Leonidas aan, ik kus zijn grote teen, afgelebberd door 96 finishers. Het maakt me allemaal niet uit, het is goed zo. Ik ben in Sparta.

Een oneindig diepe, diepe rust maakt zich van mij meester. Na water, olijfkrans en plaquette zie ik Jan Fokke en Niels. Geen omhelzing, slechts een natte knipoog naar elkaar rest mij nog aan kracht. In die knipoog ligt naar elkaar toe meer besloten dan we op dat moment in woorden kunnen vatten.

Cold turkey en the day after.

Philip Verdonck brengt mij naar de hotelkamer, we praten kort, we kijken elkaar aan, ik zie een vragende en bezorgde blik in zijn ogen. Kan ik je zo achterlaten vraagt Philip, terwijl ik steun zoek tegen de muur. Ja hoor, ik ga zo lekker pitten, geen probleem.

Even later lig ik op bed, onder mijn oksels voel ik de scherpe bijtende pijn van het zout in de open wonden en heb het koud, verrekte koud, mijn ledematen schokken, probeer ze stil te houden maar dat gaat van geen kant. Zijn dit ontwenningsverschijnselen van een ultraloper die moet afkicken, is dit dan de zoveel besproken "cold turkey". Ik wacht het antwoord niet af en val in een diepe gelukzalige slaap.

De volgende dag word ik om 06.00 wakker en een Griekse loper naast mij zie ik tegen de wand van de hotelkamer zijn benen rekken. Het is Marios Fournaris die me vertelt over zijn sportachtergrond, begenadigd midden lange afstand loper, niveau Grieks nationaal team. Deed zijn coach de mededeling dat hij de overstap ging maken van de 1500 meter naar de Spartathlon, enkel en alleen om zijn intuïtie, zijn verinnerlijkte wil, zijn passie te volgen. De verbaasde coach in vertwijfeling achterlatend. Ruim twee uur lang filosoferen we over je passie volgen, hardlopen en het mythische van de Spartathlon. De volgende dag heeft Marios een afscheidscadeau voor mij meegenomen en zegt dat ik welkom bij hem ben als ik in de buurt van Pharos ben.

Terwijl ik van het ontbijt geniet voel ik een tikje op mijn schouder, ik draai mij om en kijk recht in de ogen van Scott Jurek de winnaar. "Hey Paul you did a great job yesterday, congratulations with your finish." Ik feliciteer Scott met zijn overwinning; nummer één en nummer laatst schudden elkaar de hand, hier bij de Spartathlon. We praten nog verder over de Western States 100 mijl en Badwater, beide wedstrijden heeft Scott gewonnen. Het mooiste van ons kort gesprek vind ik dat Scott ondanks zijn overwinningen vertelt over de analyse die hij voor zichzelf heeft gemaakt: dat hij volgend jaar, ondanks zijn overwinningen, het rustiger aan gaat doen en waarschijnlijk alleen de Ultra Trail du Mont Blanc gaat doen in Europa om dat die zo mooi is.

Al wandelend loop ik na het ontbijt door de straten van Sparta en kom langs het standbeeld van koning Leonidas waar Maik met familie nog wat foto's maakt.

Ik kom John Foden tegen en bedenk me dat ik nog een vraag heb die me al tijden bezighoudt. Snel loop ik naar hem toe en vraag of ik hem een vraag mag stellen. Maar natuurlijk antwoordt John, voormalig Brits luchtmacht officier, de eerste die in het huidige tijdperk van Athene naar Sparta liep en tevens de grondlegger is van de Spartathlon.

Mijn vraag komt op het volgende neer: "John is it true that when you finished your first Spartathlon, you said: "A nice cup of tea will do"?

"Oh no!" Antwoordt John, zonder ook maar een seconde na te denken, "I had two bottles of Heineken, one I drank right away, the other bottle of beer stood there the next morning when I woke up, still full". "Thank you John" ik groet hem vriendelijk en vervolg mijn weg. Dat is opgehelderd. Ik ga onmiddellijk aan het bier.

Paul Kamphuis
 

 
[ top pagina ] - [ Kalender info ] - [1-2-3 Uitslagen ]