Ga naar de startpagina

Het laatste nieuwsGa naar de verslagenBekijk de komende evenementen in de kalenderGa naar de uitslagenGa naar het discussie forumTrainings tipsLinks naar andere pagina'sMeest gestelde vragen

Verslagen actueel
9 dec 2017
42 kilometer (en een beetje) in 42 landen (door Albert Meijer)
4 dec 2017
Bertlicher Straßenlaufe - 3 december 2017
3 dec 2017
BTS 100 Ultra 2017 (DNF, 102KM(+5936m), 23:10:53, 115KM gestopt)
26 nov 2017
Van Abcoude tot Kampen
Verslagen in 2017
Verslagen in 2016
Verslagen in 2015
Verslagen in 2014
Verslagen in 2013
Verslagen in 2012
Verslagen in 2011
* December
* 21 dec 2011: Pisa Marathon
* 18 dec 2011: Marathon Kampenhout
* 14 dec 2011: 0
* 4 dec 2011: UTMB2011, 167 kilometer, +9563 (26,27 en 28 augustus 2011) DNF
* 4 dec 2011: Terugblik op de KUT en de ZUT
* 1 dec 2011: Olne-Spa-Olne
* November
* Oktober
* September
* Augustus
* Juli
* Juni
* Mei
* April
* Maart
* Februari
* Januari
Verslagen in 2010
Verslagen in 2009
Verslagen in 2008
Verslagen in 2007
Verslagen in 2006
Verslagen in 2005
Verslagen in 2004
Verslagen in 2003
Verslagen in 2002
Verslagen in 2001
Verslagen in 2000
Verslagen in 1999
AltaVista
Zoek:
Discussies
Het web


 
VERSLAGEN van December 2011
 
Gisteren heeft deze jongen van 54,5 jaar weer eens wat grenzen verlegd. Toen hij begin deze maand inschreef voor Olne-Spa-Olne dacht hij dat deze trail door de Ardennen zo地 55 kilometer lang was. Bij nadere bestudering van het wat onoverzichtelijke websiteje bleek het om 65 km te gaan en bij de start, gistermorgen om 8.10 uur, werd omgeroepen dat de lengte van het parkoers 66 km was. Toen hij na 8 uur en 44 minuten lopen over de streep kwam, bleek er 69 km op zijn horloge te staan...
Ja, beste mensen, ik zal het maar meteen bekennen. Ik was behoorlijk moe na de finish. Giel Joziasse, die na amper zeven uur terug in Olne was, wilde me een steuntje geven toen ik een plekje zocht om uit te rusten en een Belgische madam vroeg bezorgd of het toch wel goed met me ging. Na een minuutje of vijf en liefdevolle hulp van Giel en zijn vrouw Anita (zij finishte als derde vrouw in minder dan acht uur) voelde ik me weer kiplekker en was ik in staat een foto te maken van een tegenstander die me verslagen had, waarover later meer.

De man met de hamer kwam ik de laatste 15 kilometer een paar keer tegen. Tegen Ingrid, die me bij de beklimmingen steeds voorbij ging maar die ik tijdens de afdalingen steeds achterhaalde, had ik na een kilometer of 50 hoopvol gezegd dat een tijd van minder dan acht uur (binnen voor donker) er ruimschoots inzat. Toen bleken er bij Verviers en Pepinster echter nog zware beklimmingen te komen (hoogteverschil 150 a 200 meter) met geniepige afdalingen. Het was gaan regenen en dat maakte het allemaal nog extra glibberig. Als klap op de vuurpijl raakte ik door m地 drankvoorraad heen. Oef, wat kreeg ik een dorst! Gelukkig was er een man uit Luik die me een half flesje energiedrank afstond. Met hem was ik onderweg aan de praat geraakt. Lotgenoten onder elkaar. Hij was met z地 gezin op vakantie geweest in Zeeland en had het heel leuk gevonden. Toe, hoe heette dat museum met al die nagebouwde dorpjes ook al weer? Ah oui, Miniatur Walkerèn.

Maar het ergste moest nog komen. Omdat het lichaam signalen gaf dat het wel mooi was geweest, was ik de kilometers nadrukkelijk aan het aftellen. Na alweer zo地 geniepige beklimming naar een dorpje, vroeg ik een dame hoever het nog was. M地 horloge wees 63,5 km aan. Nog 2,5 km te gaan, hoopte ik. ,,Daar boven is het precies 60, riep ze me toe. Na die opmerking doemde een reusachtige man-met-hamer op, die me een verschrikkelijk oplawaai gaf. Nòg zes kilometer, zou ik dat wel halen? Ik ben op een bankje neergeploft en heb daar zeker drie minuten zitten miezemouzen. Uiteindelijk heb ik mezelf bijelkaar geraapt en weer op pad gegaan. Dat dorpje daar in de verte, aan overkant van het dal, dat was Olne.

Dit waren de langste zes kilometers van m地 leven (tot nu toe). De afdaling liep voor geen meter, schots en scheef liggende keien, diepe putten, uithollingen overdwars en dat met poten die bij iedere stap om hulp schreeuwden. Toen weer de heuvel op (wandelend), over een pad dat door de regen was veranderd in een beekje en ergens in de verte steeds maar de stem van de speaker, die deelnemers aan het verwelkomen was. Waar zat die vent verdikkeme?

Uiteindelijk heb ik het gehaald en heb ik m地 grenzen 19 km verlegd. Begin dit jaar trainde ik onder meer met Anita, Giel en Ingrid 50 km als voorbereiding op de Zestig van Texel. Het parkoers van de Kustmarathon en het stuk van Zoutelande naar Vlissingen, is in vergelijking met dat van Olne-Spa-Olne zoiets al een ritje in een taxi. Hedenmorgen bij het opstaan voelde ik wat spierpijn (achterwaarts uit bed), en nu doen m地 benen en rug ook nog wel wat zeer, maar over het algemeen valt het allemaal ontzettend mee. Er heerst een euforische stemming in huize De Vries. Ik voel me nu al de sportman van het jaar 2012 (van alle Vlissingers die 54,5 jaar oud zijn en op de 5e etage wonen). 69 kilometer hardlopen, wie had dat ooit gedacht toen ik met m地 hoofdje vastzat tussen de spijlen van de box?

O ja, nog even een woordje over m地 medelopers. Ik kan zeggen dat ik Nederlands kampioen marathon Luc Krotwaar verslagen heb. Hij gaf na dertig kilometer de pijp aan Maarten. De andere kant van de medaille was dat ik die laatste kilometers door Jan en Alleman voorbijgestoken werd. Ingrid verdween langzaam uit zicht en had zo地 tien minuten minder nodig dan ik. Een van de vele passanten was een hondje, een Jack Russel die, gestoken in een fluoricerend hesje, parmantig voor zijn bazinnetje uitliep. Het beestje was na de finish nog hartstikke fit. Hij/zij snuffelde uitbundig aan een andere hond die zich in het finishgebied bevond. Gefeliciteerd met je overwinning, Jack!


Koen de Vries

NB. Koen haalde de finish als nummer 195 van de 316 deelnemers in een tijd van 8.44.41. Bekijk ook de site van Koen: http://mauricesteketee.wordpress.com
 

 
[ top pagina ] - [ Kalender info ]
 

 
VERSLAGEN van November 2011
 
Dit jaar liet Olne-Spa-Olne zich van zijn gemoedelijke kant zien. Leek het. Na 'de droogste november ooit' lag het parcours er uitstekend beloopbaar bij. Geen glibberpartijen op spekgladde klei, zodat (vrijwel) iedereen overeind bleef tijdens de afdalingen. Althans, zo zag het er bij de start naar uit Het gevaar lag deze keer verscholen onder een dikke laag herfstbladeren. Want november is niet alleen droog, maar ook vrijwel zonder wind verlopen. Behalve op de dag van de OSO dan. Want aan de kust loeide de eerste herfststorm sinds vele weken en in de Ardennen staken gemene windvlagen op. De bomen, die door de langdurige windstilte nog veel dor blad hadden, lieten dit massaal los zodat ze in de bossen een dikke laag vormden die de gemene stenen en keien aan het oog onttrok. Menige struikelpartij en verzwikte enkel waren het gevolg.

De kledingkeuze was moeilijker dan vorig jaar. Toen lag er sneeuw en ijs en was het 's ochtends -6oC zodat handschoenen, muts, jack en lange broek de voor de hand liggende keus waren. Dit jaar was het 's ochtends ook frisjes, maar de verwachting was dat de temperatuur in de loop van de dag boven de 10 graden uit zou komen. Daarom ben ik gestart met een lange broek over een korte en een licht jack. Inderdaad kon er vanaf een uur of tien met ontblote armen en benen gelopen worden, maar in de middag ging het behoorlijk hard waaien en begon er een kille motregen te vallen. De temperatuur liep terug naar 5 á 6 graden en dan heb je het toch wel een beetje koud in je natte kleren. Gelukkig had ik in mijn rugzak een set droge kleding en kon ik me een tweede keer omkleden. Kostte wat tijd, maar ik zat toch alweer achter in het veld en had geen klassementsambitie (lees: kansen).

Ik had de indruk dat er dit jaar meer deelnemers waren dan ooit. Achter het 'Chalet' in Olne heeft men een grote parkeerplaats aangelegd, maar zelfs die stond helemaal vol. Hoewel het er eerst naar uitzag dat er dit jaar niet in het 'kasteel' overnacht kon worden, had de organisatie dit op veler verzoek op het laatste moment toch nog geregeld. Een minpuntje was dat men vergeten was om de kamers van het slot te halen, zodat iedereen meer dan een uur moest wachten om naar binnen te kunnen. Gelukkig had ik al een plaatsje in 'La Plume' in Soumagne gereserveerd zodat ik die tijd goed kon benutten met het eten van een enigszins kleffe pizza. Bij terugkomst waren de kamers open en vond ik zelfs een 4-persoonskamer voor privégebruik! Ik heb dan ook prima geslapen.

Om maar met de deur in huis te vallen: ik ben op deze voor mij derde OSO weer eens in de achterhoede geëindigd. Ik kwam, na een uur door het donker gelopen te hebben, pas om vijf over zes binnen! Door de lange rij na-inschrijvers in het chalet was de start uitgesteld. Ik heb niet gekeken hoe laat er precies gestart is, maar hoe dan ook heb ik er een slordige 10 uur over gedaan (vorig jaar 9:30). Vergelijken is echter moeilijk, want elk jaar is de route weer anders. Vorig jaar was hij 67 km met 2100 phm, dit jaar werd bij de start omgeroepen dat OSO nu 66 km lang was met maar liefst 2400 phm. Voor mijn gevoel zat er inderdaad met name in het tweede gedeelte meer klimwerk dan vorig jaar. Vlak voor de laatste verzorgingspost doemde onverwachts in het halfduister een loeizware, uiterst gemene klim op. De felbegeerde post lag helemaal aan de top daarvan. Gemener kan het niet!

Gelukkig was die post in een soort verenigingsgebouwtje, waar ik toch echt even een paar minuten op een bankje ben gaan liggen om bij te komen. Even spookte het lelijke woord 羨bandon door mijn hoofd, maar dat was echt maar héél even. Die laatste 6 km zou ik voltooien, al was het kruipend. Toen het geluid van de speaker bij de finish al over de modderige velden kwam aanwaaien en het er op leek te zitten, werden we nog even flink gepest met een paar gladde (ja zeker, toch nog!) beekbeddingen in het aardedonker en tenslotte de rotklim die Bois de Olne heet.

Toch verbaas ik me over mijn weer tegenvallende tijd, want zoals gezegd waren de trails zeker gedurende de eerste helft goed beloopbaar. Tijdens lange stijgingen heb ik stevig doorgewandeld (met loopstokken), ik ben niet al te lang bij de posten (vier) blijven hangen en heb er verder steeds een looppas(je) op nagehouden. Wel heeft het omkleden nogal wat tijd gekost, met name in de laatste post vlak voordat ik de nacht in moest. In de duisternis is het zelfs met een hoofdlamp moeilijk en riskant om hard te lopen, vooral door de stroombeddingen, dus ook dat heeft me wat tijd gekost.

Nee, ik kan veel excuses bedenken (zoals de bijna 100 km twee weken geleden in Deventer), maar feit is dat ik, zelfs al zit ik niet echt stuk of zo, de laatste tijd gewoon steeds langzamer ben gaan lopen. Geen idee wat daarvan de oorzaak kan zijn, want ik voel me best wel fit. Ik ben wel heel rustig gestart, zo'n beetje als laatste loper. Dan kom je al snel tussen een groep lopers terecht die het ook rustig aan doen. In relatief opzicht lijkt het dan dat je aardig mee komt (en regelmatig mensen inhaalt), maar overall blijf je dan toch in de staart hangen.

Ook de natuur maakte het weer tot een belevenis. De in de wind ruisende donkere en sombere pijnbossen op de heuveltoppen, de door grijze regengordijnen opdoemende vergezichten, de halsbekende afdalingen naar de diep in de rivierdalen verscholen dorpjes gevolgd door net zo steile zigzagpaadjes weer terug naar boven, de stinkende koeienstallen en de charmante armetierigheid van de Ardense dorpjes. Met name het laatste stuk door het donker was spectaculair. Hobbelige paadjes door donkere kloven, afgewisseld met fel oranje verlichte wegen en donkere bossen, waarboven, toen in het westen de wolken begonnen te breken, plotseling de jonge maansikkel te voorschijn kwam.

Bij terugkomst was het zo'n heksenketel in het Chalet (bier, herrie, warm, stampvol), dat ik snel mijn stamppot met worst heb verorberd en me op de winderige parkeerplaats bij de auto heb omgekleed. Met een warme douche nog in het vooruitzicht heb ik de drie uur rijden terug naar huis zonder problemen volbracht. En door dat alles ben ik nu toch een beetje trots op de opgedroogde klei die nog steeds aan mijn schoenen zit. Bovendien bleek dat ik toch nog ruim onder de 10 uur was gebleven, met nog 42 finishers na mij.

André Boom
(ajjboom <at> online.nl) 

 
[ top pagina ] - [ Kalender info ]
 

 
 
 
Na dit weekend mag ik het hardop zeggen : ' Ik ben een junior Ultra Trail Loper ' !!

De afgelopen maanden stonden in het teken van mijn eerste Ultra Trail, de KILL50. Een 50 mijl trail door de bossen bij Hildesheim, een gebied ten zuiden van Hannover. Een kleinschalig georganiseerde tocht met maximaal zo'n 50-60 deelnemers. O ja, tussendoor wel meer dan 2000 hoogtemeters. En het allermooiste ? Alleen maar in het donker lopen want de start is om 18:00 uur !

Zaterdag tegen de middag in de auto gestapt en na een ruime 3 uur rijden arriveer ik bij het kleine sportcomplex en ontmoet ik eindelijk de organisator Michael Neumann. Vooraf al een hele mailwisseling gehad over de KiLL. Wat overigens staat voor Kein Idyllischer Landschafts Lauf. Dat voorspelt veel goeds ;-) Aangezien ik wat aan de vroege kant ben zie ik alle ultra trail kanjers binnenlopen. Waaronder de enige andere Nederlander, Ferry van der Ent. Om 17:00 uur is de briefing waarin kort wordt uitgelegd wat de 'mogelijke' probleempunten zijn, de route kort uitgelegd en gevraagd of iedereen de verplichte spullen (nooddeken, kompas etc.) bij zich heeft. Dan is het omkleden geblazen. Als junior een mooi moment om eens wat expertise op te doen. Iedereen is even vriendelijk en laat alle snufjes zien. De mooiste hoofdlampen met accupacks, GPS apparatuur en ultra schoenen. Ik ga mijn sinterklaasverlanglijstje nog even aanpassen ;-)

17:59. Een minuut stilte voor alle (ultra)lopers die het laatste jaar zijn gestorven. En daarna, hoofdlampen aan en starten maar. Het lopersveld beweegt zich richting het bos en valt al snel uiteen in een aantal groepen. Meteen is het navigeren geblazen en even wennen aan de duisternis met weinig oriëntatiepunten. Ik loop snel in een groepje van 5-6 lopers en loop al kletsend lekker mee. Al snel komen de eerste heuvels en we genieten van het uitzicht van een allerlei lampjes die al bewegend de berg op gaan. We genieten er zo van dat we een afslagje missen en 500 meter te ver lopen. Blijven opletten dus..

De route is uitgezet met kleine reflectoren. Voor 85% zijn die er ook maar op een groot aantal plekken echter niet. Dus kaartlezen of GPS in de gaten houden. Ik kom in kontakt met loper Armin en vanaf kilometer 10 lopen we de hele KiLL samen. Hij leest de kaart, ik mijn GPS en samen komen we er wel uit. Er sluiten zich nog twee lopers aan, Antje en Bernd. Met z'n vieren lopen we, genietend van, de trail. De eerste echte klim dient zich aan en we besluiten te wandelen. Het blijkt dat ik goed bergop kan wandelen want ik loop snel uit op de rest. Boven weer even op elkaar wachten en we gaan weer verder.
Na 25 km komen we op de verzorgingspost waar een aantal vrijwilligers ons compleet in de watten legt. Alles is aanwezig (zelfs bier). Onze waterzakken worden gevuld, eten aangevuld en na zo'n 15 minuten vertrekken we voor het tweede deel. Dit leek me vooraf het zwaarste deel. En dat klopt ;-) In totaal 5 lange beklimmingen proberen ons te slopen. Maar dat lukt ze niet !! Het tempo gaat natuurlijk wel wat naar beneden door deze bergjes maar na 6:30 uur zijn we weer bij de verzorgingspost (kilometer 50).

Ik voel me nog zeer goed en loop nog steeds makkelijk. Dit geeft hoop voor de komende 30. Eerst weer wat eten en drinken, water aanvullen en tegen 00:50 vertrekken we voor het derde stuk, 30 kilometer tot de finish. Ferry van der Ent sluit zich bij 'ons clubje' aan. Zeer sterk want na een km of 8 viel hij, verloor wat spullen en liep hij nog even terug om zijn bidon te zoeken. Met z'n vijven verdwijnen we weer in het bos. Ik kom zelf wat lastig op gang en km 50 tot 55 gaan niet echt lekker. Maar daarna begin ik weer warm te draaien en loop ik heerlijk. Na weer eens een pittige klim kijken we uit over een aantal Duitse dorpjes, allemaal lichtjes onder in het dal, PRACHTIG !!

En verder gaan we weer. De wind trekt wat aan maar het is nog steeds aangenaam. Opeens een kreet achter me. We stoppen en zien Ferry liggen. Het valt mee (zegt hij) en we lopen verder. Ik loop op kop en volg mijn GPS blindelings. Met gevolg dat we in een aantal bramenstruiken klem zitten. Vreemd. Blijkt de weg 8 meter verderop te liggen, blijft lastig navigeren in het donker... Armin, onze Duitse navigator, heeft het zwaar en Ferry en ik blijven hem motiveren. Hij wil graag wandelen bij elke hoogtemeter maar ' die blode Hollander' blijven doorlopen. Hij volgt gehoorzaam.

De laatste tien kilometer gaan we wat versnellen over prachtige singletrails en om 05:11 uur bereik ik samen met Ferry en Armin de finish !!

Raoul Huisman
 

 
[ top pagina ] - [ Kalender info ]
 

 
 
 
Als atleet heb ik mijn opleiding genoten op de baan. Voorafgaand had ik me als voetballer wel eens gewaagd aan 10km wedstrijden en halve marathons maar toen ik me eind jaren 80 officieel aansloot bij een atletiekvereniging kreeg ik standé pede verbod om nog op wegwedstrijden te verschijnen op straffe mijn sportzakje te pakken en nooit meer een voet in de kleedkamer van de club te zetten.

De eerste jaren bestonden dus alleen uit baanatletiek en veldlopen. En baanatletiek bestond dan voornamelijk uit 800m en 1500m, met op het eind van het seizoen eens een uitstap naar de 3000 of 5000m. In de latere jaren bleek dat ik pas vanaf de 3000m rendabel was en allengs liep ik 3000 en 5000m om ons dan op het eind van het seizoen te wagen aan 10.000m en de uurloop.

God, ik haatte de 1500m. Op één of andere manier slaagde ik er in om die absoluut niet goed af te werken. Coach Jean was nog van de oude school (Lydiard en Reyndell), dus hetgeen je niet goed kan en niet graag deed moest je gewoon een gans seizoen doen. 406 was het hoogst haalbare, terwijl ik later 840 op de 3000m, 1446 op de 5000m en 3036 op de 10.000m liep. Niets wereldschokkend maar ook niet in verhouding met die stomme 1500m. Het bleek dus dat ik beter was in het langere werk, dan in het korte. Raar maar waar, waar andere atleten baalden van de 10.000m deed ik dat het liefste. 25 ronden daveren over de baan, het aftellen, het klokken het sprinten om toch nog enkele seconden van je besttijd af te halen. Nog liever deed ik de uurloop. Een uur lang tegen je maximum snelheid vierhonderdjes afleggen. 18km600 werd mijn bestafstand, maar dat deed ik dan ook gans alleen want uurlopen werden weinig georganiseerd. Menig topper schuwden dit onderdeel en meestal was ik de jongste atleet die aan dit onderdeel meedeed tussen oudere geroutineerde lopers. De meeste uurlopen die ik aflegde won ik ook. Ondertussen ben ik uitgegroeid tot ultraloper en stilaan ga ik terug naar af. Daar heb ik 25 jaar tijd voor gehad. En toen ik voor het eerst in mijn omgeving zei dat ik een 10.000m ging lopen was de opmerking; 敵ho, dat is om gek van te worden, 25 rondjes lopen op de baan. Dat moet je toch graag doen. Later dezelfde opmerking toen ik verkondigde dat ik een uurloop ging doen. 敵ho, een uur lang rondjes lopen.etc,. Ik ben gegroeid in die 25 jaar, van 800m tot 100km. Ik liep de marathon op de baan- 105 ronden, de 50km op de baan 125 ronden en vorige week de 100 op de baan. Niet de 100m maar de 100km 250 ronden. Mijn omgeving is niet meegegroeid. Want nog steeds kreeg ik dezelfde opmerking: 敵ho, dat is om gek van te worden,250 rondjes op de baan. Dat moet je toch graag doen

Wat trekt me dan zo aan in die 100km op de baan? Heel eenvoudig:

a) Je loopt vlak. Er is nergens een helling of een afdaling op de baan te bekennen, dus het tempo kan niet onderbroken worden. Als er iets is wat ik haat dan is het een helling.
b) Het overzicht, de controle, de tussentijden. Het klopt allemaal. Een kilometer is een kilometer. Geen 993m of 1010m. Je kan perfect klokken je tempo controleren en aanpassen en omdat de baan vlak is heb je zelf de controle over het tempo en niet de helling of de afdaling.
c) De bevoorrading. Staat altijd op dezelfde plaats, je kan ze perfect nemen om de 5km, je bent dus niet afhankelijk van de verschillende plaatsten waar de organisatie ze zet, dus ook weer een stuk controle dat je zelf in de hand hebt.
d) Het deelnemersveld. Weinig gekken die dit wagen, dus beperkt deelnemersveld = weinig last van andere atleten.

Voor een neuroot als ik gaat het dus over controle en dat heb je op de baan zeker en vast.
Het enige waar ik geen controle over had was de samenwerking tussen mijn geest en lichaam, en laat dat nu net het belangrijkste zijn.

Om eerlijk te zijn was het opzet om 7h30 te lopen. Met een snelstoomschema van 8 weken hadden we voor dit doel getraind. Ik zou mijn vanzelfsprekende ik niet zijn als ik de eerste 50km niet te snel doorkwam (een kleine 10) op het voorziene schema. Maar onderweg had mijn geest alles onder controle. Daarom stelde ik coach Ed gerust met de boodschap dat de volgende 50 aan de geplande 430/km zou gaan en zo ook werd dit aan de geest in het hoofd bevolen. Jammer maar helaas besliste het lichaam er even anders over. Het is genoeg geweest was de boodschap, ik ben nu de baas en vanaf kilometer 51 begon de helletocht. Ik werd wat troebel in het hoofd en verloor alle controle. Over tijd, tempo, ronden, drinken. Ik wist op een bepaald moment niet meer wat ik aan het doen was en waarom ik op een koude zondag op de baan in Deventer liep. Controle verliezen voor een neuroot als ik is het ergste wat me kan overkomen en aan kilometer 75, het punt waar ik altijd overstag ga op een 100km zegt het lichaam dat het welletjes is geweest. De geest sluit zich daar bij aan. De coach iets minder. Geen peptalk deze keer, de spreekwoordelijke stamp onder mijn kloten en een beker hete thee. De laatste 70 ronden strompel ik als een zombie over het tartan, maar gek genoeg is er weer wat controle en verdwijnt de mist in de hersenpan. Niet dat het lichamelijk beter gaat, maar alles wordt terug een beetje helder. Ik begrijp weer wat ik aan het doen ben en besef dat het niet meer gaat over 7h30, maar alleen nog over 100km uitlopen. Het gaat弾m over Marc Papanikitas die nu eindelijk voor zichzelf nog eens aankomt op een 100km, niet meer en niet minder.

Is het dan toch omdat het op de baan werd gelopen, maar ik finish als eerste in 7h59, met dank aan Mark De Boer die me de laatste 5 ronden in zijn zondagse kledij al lopende naast mij allerlei dingen in mijn linkeroor toeriep. Ik begreep er geen lap van en had ik op dat moment de vliegende diarree gehad dan had ik er gewoon uitgelopen zonder dat ik het gemerkt had. Toen ik heel lang geleden op de WK 100km in Korea ineen stortte was het de Nederlandse Bondscoach die me er doorheen riep (Ed Van Beek). Met Mark De Boer herhaalt de geschiedenis zich.

Marc Papa.


NB. Voor de site van Marathonplus schreef Marc nog een ander verslag, zie: http://www.marathonplus.nl/component/content/article/189.html  

 
[ top pagina ] - [ Kalender info ] - [1-2-3 Uitslagen ]