Lopen in de bergen in de Tour de Tirol
Op 12 t/m 14 oktober is in Oostenrijk voor de tweede keer de Tour de Tirol (http://www.tourdetirol.com/home.asp?lang=aut&code=home) georganiseerd, een evenement bestaand uit een 10 km wedstrijd, een bergmarathon met 2000 hoogtemeters en een halve marathon. Ik was al een tijdje nieuwsgierig hoe het lopen in de bergen mij af zou gaan, dus toen een aantal mensen van mijn atletiekvereniging, de Spartaan uit Lisse, met het idee kwamen om als clubuitje hieraan deel te nemen was mijn interesse snel gewekt. In de Tour is het mogelijk om teams in te schrijven waarin drie verschillende lopers ieder een afstand voor hun rekening nemen, maar het is natuurlijk ook mogelijk om als individuele loper alle drie de afstanden te lopen. In totaal hebben we met de club vijf teams op de been weten te krijgen en nog een paar individuele lopers op de 10 km en de halve marathon. Ikzelf heb gekozen voor het starten op alle onderdelen. Dus met een flinke groep Spartaners zijn we op 11 oktober vertrokken naar Söll.
Wedstrijd 1: de 10 km in Reith im Alpbachtal
Aangezien deze afstand niet echt op Ultraned thuishoort, zal ik het kort houden. De 10 km was voor Oostenrijkse begrippen vlak, voor Nederlandse begrippen absoluut niet. We moesten vier rondjes door Reith over zowel verhard als onverhard. Leuk rondje. De wedstrijd werd gewonnen door Jonathan Koilegei uit Kenia in 29.47. De organisatie had een paar lopers uit Kenia ingevlogen om de meervoudige wereldkampioen berglopen, Jonathan Wyatt uit Nieuw Zeeland wat partij te geven. Ikzelf ben gefinisht in 42.22.
Wedstrijd 2: de Kaisermarathon
Het hoogtepunt van het weekend is natuurlijk de bergmarathon. Volgens het hoogteprofiel van het parcours zijn de eerste 21 km redelijk vlak (weer voor Oostenrijkse begrippen dus, maar voor ons zeker niet), maar daarna begint dus het echte klimmen. De eerste 21 km neem ik me voor om rustig aan te doen. Ik weet niet wat ik moet verwachten in het berggedeelte dus het lijkt me wel handig om m’n krachten wat te sparen. Het halve marathonpunt passeer ik in 1.56. Vanaf het dorpje Ellmau moeten we dan de 1555 meter hoge Hartkaiser op. Dit is een klim van 9 km met een hoogteverschil van +/- 755 meter. Sommige stukken zijn erg steil maar ik begin ondertussen mensen in te halen dus kennelijk ligt dit soort terrein me wel. Eenmaal op de top van de van de Hartkaiser volgt er een afdaling van 7 km waarin 415 m gedaald moest worden. Na deze afdaling heb ik er 38 km op zitten en m’n benen voelen nog steeds perfect. Mijn tijd op het 38 km punt is 3.53. Het leukste moet dan echter nog komen. In de laatste 4 km moet er weer 700 m geklommen worden naar de top van de Hohe Salve. Dit is echt heel erg steil en hier is hardlopen uiteraard echt niet meer mogelijk. Maar het klimmen blijft me goed afgaan. Ik passeer nog wat mensen en finish in 4.39. M’n sectietijd op de laatste 4 km van 45 minuten is zelfs goed voor een 31e tijd (van de 161 finishers) en overall ben ik 81e. Ook na de finish voel ik me nog best fris dus waarschijnlijk had ik in het begin toch een stuk harder moeten gaan.
Overigens finishte de winnaar, Jonathan Wyatt, in 3.03, 17 minuten voor de eerste Keniaan. De eindoverwinning kan hem haast niet meer ontgaan.
Wedstrijd 3: de Kaiserwinkel Halbmarathon
Ook hierover zal ik het kort houden. De wedstrijd bestond uit vier redelijk vlakke ronden rond de Walchsee. Jonathan Wyatt wint de Tour door de Kenianen te verslaan met een tijd van 1.08 en ik loop een tijd van 1.40.
Al met al heb ik een leuk loopweekend gehad waarop ik met een tevreden gevoel terugkijk. De eerste keer in de bergen en alles liep gesmeerd. In totaal was mijn tijd 7.01 over de drie afstanden, een gemiddelde van net boven de 10 km/u dus. Het lopen in de bergen is me erg goed bevallen dus ik ga nu maar eens kijken wat voor loopjes ik volgend jaar eens kan gaan doen.
Ook de organisatie was perfect. De route van de marathon was prachtig en iedere 3 of 4 km waren er uitgebreide verzorgingsposten met cola, bananen, gel, sportdranken, chocola en sportrepen. Dit is zeker een evenement dat de moeite waard is.
Erwin Borrias
