Gisteren zag ik een man lopen met goudblonde halflange lokken. Een ruig uiterlijk, kleine baard, hij straalde een soort vrijheid uit, waardoor hij opviel in het straatbeeld van Haarlem. Het wandelen ging hem moeizaam af, zo leek het. De man bleek Ron Teunisse te zijn. Ultraloper.
‘Hé Ron, hoe is het?’, riep ik hem toe, waarop hij op zijn eigen typische manier antwoordde als altijd: ‘Ach, het gaat wel.’
‘Loop je nog?’ wilde ik weten. Noem het beroepsdeformatie, maar het is toch meestal de tweede vraag die ik stel. Ik volg hem al jaren en ben gefascineerd geraakt door zijn verhalen.
‘Ik loop nog ja, maar al die blessures hè …’
En dan blijkt keer op keer dat hij zich voorbereidt op een ultraloop en meer kilometers in een week maakt dan wij ooit in een maand kunnen halen.
Onwillekeurig dacht ik terug aan zijn goede vriend en loopmaatje, Jan Knippenberg. De pionier van het ultralopen die helaas veel te vroeg gestorven is. ‘Knip’ was mijn geschiedenisleraar op de middelbare school. Na de les zaten we urenlang te praten over de loopwereld, over andere culturen, de natuur en de atleten die toen furore maakten (hij had vooral kritiek op de nieuwe kleding waar iedereen in liep. Het was een doorn in zijn oog, want lopen in een oude donkerblauwe te hoog water broek met losgelaten stiksels ging immers ook).
‘Knip’ woonde destijds op Texel en liep ’s ochtends over het strand naar Castricum om les te geven. Stel het je even voor …
Of hij plande een trainingsloop waarbij hij drie keer het IJsselmeer rondliep.
Hij vertelde machtig mooie verhalen die mij als baanatlete haast deden snakken naar een leven als hardloper, om die vrijheid ook te voelen.
Zijn boek ‘De mens als duurloper’ wordt herdrukt, heb ik begrepen. Ik kan het persoonlijk iedereen aanraden. Het is een (hernieuwde) kennismaking met een oermens die móest lopen, die één met de natuur wilde zijn en was.
In dit nummer is het thema Winterrunning. En als het pas gesneeuwd heeft, heb ik zelf het gevoel dichter dan ooit bij de natuur te staan, wanneer ik in de duinen loop. Je kunt de sporen van het wild ontdekken en aan de verschillende afdrukken en ontlasting zie je de enorme diversiteit aan dieren. Dan voel ik me ook even een natuurmens en denk ik onherroepelijk terug aan de mooie momenten met Jan Knippenberg en de uiterlijke vrijheid van Ron Teunisse.
{b}Andra Laarhuis{eb} – Hoofdredacteur Atletiek Magazine
{i}Met dank aan Andra en aan uitgever Wielaard Media voor hun toestemming om dit voorwoord van Atletiek Magazine 2007 nr 5 te mogen overnemen op Ultraned. Er staat niet zo vaak wat over ultralopen in het blad van de Atletiekunie maar nu werden we toch aangenaam verrast door dit mooie stukje over onze ultra-helden.{ei} Martien Baars
