{b}Verdomd je hebt gelijk…de berg beweegt ?! ( deel 3){eb}
{b}Deel 3: Op jezelf gericht zijn{eb}
{i}Na zijn beroerte is Jan erg egocentrisch geworden en hij is veel minder in andere mensen geïnteresseerd dan vroeger.
Hendrik is geen onaardige man. Hij is duidelijk een man met een grote mond en klein hartje. Die dingen oplost met zijn vuisten. Hij voelt zich minderwaardig en lijd eronder dat hij met niemand echt contact heeft. In dat isolement is hij afwerend en achterdochtig geworden.
Piet heeft totaal geen oog voor de andere kanten van een verhaal. Hij is niet geïnteresseerd in wat Joop hem wil vertellen en hij laat Joop nauwelijks aan het woord. Piet is zich alleen bewust van zijn eigen gevoelens van irritatie en hij zei na het ‘gesprek’ met Joop: ‘Ik ben tevreden over mezelf, want ik heb al mijn gevoelens geuit. Dus ik heb het goed gedaan.”
Andries voelt zich omringt door een muur van haat. Meer en meer wordt het winkeltje een veilige plek waar hij rustig (want er komen nauwelijks nog klanten) de dag kan doorbrengen. Lezend in tijdschriften uit zijn eigen handelsvoorraad (1).{ei}
Heerlijk alleen en op jezelf gericht zijn is iets wat velen als kind ervaren hebben op het moment dat hun ouders voor het eerst een weekend weg waren. En dit genieten van het op jezelf gericht zijn, zien we nu terug bij onze eigen kinderen als we vertellen dat we écht weg moeten.
Eindelijk hebben de kids het hele huis voor zichzelf. Niemand om mee rekening te houden en niemand waar ze naar hoeven te luisteren. De hele dag alleen maar doen wat ze zelf willen.
Wat er uiteindelijk gebeurt als ze alleen zijn, is vaak niet zo spectaculair. En op een gegeven moment ontstaat er vaak vanzelf behoefte aan gezelschap.
En gezelschap vraagt aanpassen en compromissen sluiten. Ze worden weer ‘sociaal’. Al is het maar dat ze niet allemaal tegelijkertijd in dezelfde stoel kunnen zitten en aan anderen vragen: “Wat wil jij? “
De balans tussen op jezelf gericht zijn en op anderen gericht zijn is heel persoonlijk.
Het verschilt van persoon tot persoon. Sommige mensen zouden best wat minder aan zichzelf mogen denken en anderen zouden juist wat meer op zichzelf gericht mogen zijn.
En er zijn ook heel consequente mensen die overal en altijd op zichzelf gericht zijn.
Bovendien verschilt het ook per onderwerp hoe egocentrisch iemand is.
Iemand kan op zijn werk of in de sport een ontzettende egoïst zijn, terwijl hij ergens anders heel sociaal is. Of omgekeerd kan iemand juist in de sport heel sociaal zijn en thuis heel egocentrisch.
Volgens sommige mensen is hardlopen ( en vooral ultralopen) het toppunt van egocentrisme en op jezelf gericht zijn. Want ultralopers besteden een hoop tijd aan hun eigen hobby. En die tijd zijn ze er niet voor anderen en andere projecten.
Ultralopers schrijven dat zelf ook. Zoals Vincent Schoenmakers zei: “Atleten laten veelal hun geliefden thuis” (8). En Marc Papanikitas schreef over zichzelf: “Niemand duldde hij dan in zijn buurt. Geen vrouw, geen kinderen. Geen collega’s, geen loopvrienden. Thuis ziet men het al aankomen. Men voelt het, weet het, begrijpt het. Ze laten hem gaan.” (2)
Volgens Vincent Schoenmakers geniet je alleen: “Als je in een marathon finisht ben je een held. Doe je er 8 km bovenop, dan geniet je in je eentje, een geluk dat je met niemand hoeft te delen (3).
En Edwin Lenaerts zei over de Spartathlon: “Het is een zoektocht naar zelf bevestiging. ” (4).
Ook André van der Zwan heeft het daarover: “Geen geld maar eeuwige roem valt de winnaar ten deel in de Spartathlon.” (5).
Voor Barbara Warren is het ultralopen om jezelf wat te bewijzen: “Bewijzen dat je nog een stukje verder,dieper kunt gaan.” (6).
En Ria Buiten zei: “Ik vind het een kick, dat ik dat allemaal op eigen kracht doe.” (6).
Het op jezelf gericht zijn en anders willen zijn dan anderen, verwoord Joke Keuning zo: “Ik wil geen mier in een mierenhoop zijn” (7)
Marc Papanikas zegt over het alleen en op jezelf gericht zijn: “Wij staan er tijdens een wedstrijd helemaal alleen voor; en ook de eindeloze trainingen doe je alleen (7).
En Ann Trason in Western States: “Je moet goed voor jezelf zorgen, een goede tactiek uitstippelen: waar sla je je slag? Het is eigenlijk een soort schaakspel, in voortdurend gevecht met het parcours” (9).
Wim Bart Knol herkend het egocentrisme van ultralopen, omdat hij zich een jaar lang helemaal aan de topsport heeft gewijd. “Nou dat bleek een dramatische vergissing, ik kan niet met oogkleppen op leven. Ik raakte prompt geblesseerd, het evenwicht was verdwenen.. Misschien ben ik te calvinistisch: is het maatschappelijk wel verantwoord om alleen maar met sport bezig te zijn, vraag ik me dan af.” (10).
Maar van de andere kant wordt door ultralopers soms juist het sociale aspect van het ultralopen benadrukt. Waarbij niet de persoon zelf en de eigen prestatie centraal staat, maar het gezelschap van loopmaatjes en het genieten van de omgeving.
Tom Smeets maakte het trieste nieuws officieel….een groepje deelnemers slaat handen en armen om elkaars schouders. Verbondenheid, meeleven….solidariteit…De ultralopers nemen hun sport serieus, maar missen de afgunst en killers mentaliteit die zo kenmerkend is voor een harde competitie….waar las ik het onlangs?…in NRC Handelsblad naar aanleiding van 100 km Winschoten…’’Het is een kleine familiaire wereld, waar wederzijds respect de boventoon voert” (11).
En “In traditionele wedstrijden wordt snel een bekertje van de tafel geritst, want er mogen geen seconden verloren gaan..dat ontbrak hier” Vincent Schoenmakers (11).
Volgens Marc Papanikitas is wat ultralopers kenmerkt juist hun sociale inslag en het onderlinge respect waarbij wedstrijden soms als een reünie zijn, waar iedereen even met elkaar bijpraat (7).
De gezellige praatjes onderweg…Met iemand meelopen en de wedstrijd bespreken.” (12).
“Zelfs bij de finish liepen we nog met z’n vieren te kijken, praten en lachen. We waren gewoon nog niet uitgepraat, schrijft Prisca Vis (13).
En Tom Hendriks verteld: “Ron Teunissen komt me voor de finish van de Mont Blanc tegemoet gelopen en is net zo enthousiast als ik dat het gelukt is. We lopen al ouwehoerend naar de finish, een bezigheid die we op de heenweg in de auto al 12 uur geoefend hebben. (14).
En soms is het geen kwestie van óf egoïstisch zijn óf sociaal. Soms is het ultralopen beide en is het een afwisselen van wedstrijden waarin je op jezelf gericht bent en loopjes waar de nadruk ligt op het sociale aspect .
Henk Geilen schrijft: “Ik blijf van mening dat de combinatie van het enthousiasme van de organisatoren en het overwinnen van een parkoers in plaats van een klok steeds meer lopers aanspreekt. Voor de goede orde: niets dan bewondering en waardering voor mensen die in supertijden een bepaalde afstand kunnen overbruggen, maar er mag ook ruimte zijn voor andere vormen van beleving van de mooie loopsport. Of dit nu zoveel mogelijk marathons, zo lang mogelijke afstanden, zoveel mogelijk rondjes, zo hoog mogelijke bergen of weet ik veel is. Met andere woorden: er is gelukkig niets subjectiever dan genieten.”( 15)
En Guus Smit beschreef heel mooi de balans tussen egocentrisme en het sociale aspect. Waarbij de goede verstaanders zullen begrijpen dat dit sociale aspect ook echt sociaal is:
“Loopmaatje Bart Kraan en ik doen het rustig aan, vandaag heb ik geen finale ambities en staat genieten van bos, beek, berg etc voorop. Ik heb een camera in de heuptas, zodat ik al dat moois kan vastleggen en ik wacht op het moment dat Bart hopelijk ergens in de modder zal zakken” (16).
{i}Me, myself, myself and I
Just me, myself and I
Me, myself, myself and I
Just me, myself and I
…………………
Me, myself, myself and I
Just me, myself and I
Myself, myself
I, I, I, I, I
Jive Jones, me myself and I {ei}
Bron:
Foto:
1) Psychiatrie (1997), Reedijk J.S.,de Tijdstroom, Lochem
2) Marc Papanikitas: Blauw, boek Ultraloper 1&2.
3) Debuut 50 km Soerendonck 40 dec 2000, door Vincent Schoenmakers in Marathon Plus 2001, nr 3
4) De spartathlon, ultrazware zoektocht naar zelfbevestiging”, runner’s world november 2002,door Kees Kooman.
5) Andre van der Zwan faalt in de Spatatlon 2003, zijn verslag op ultraned , oktober 2003
6) Angelika Castaneda in “Verdomd je hebt gelijk, de berg beweegt!”, runner’s world september 1999, door Kees Kooman
7) De diesel van de loopsport. runner’’s world, februari 2005, door Peter Klooster mbt Ysbrand Visser
8) Autocircuit Zolder ook voor snelle atleten, door Vincent Schoenmakers, marathon plus,2002, nr 1
9) Ann Trason, in “het maakt mij niet uit of ik van een vrouw een man of een aap win”.runner’s world december 1998, door Kees Kooman
10) Rennende egoïst wil ook sociaal zijn., door Rolf Bos, volkskrant 11 april 1998, en op ultraned ,in mini serie door Martien Baars, op 5 maart 2004.
11)Emotionele start NK 100km Stein.Door Vincent Schoenmakers, Marathon plus 2002, 3-4.
12) Debuut 50 km Soerendonck 40 dec 2000, door Vincent Schoenmakers in Marathon Plus 2001, nr 3
13) Tweede ultraloop rond Amsterdam, door Prisca Vis, op ultraned 6 juli 2005.
14) Tour de Mont Blanc, 150 km, door Tom Hendriks, eigen website
15) Henk Geilen: SM (U) een gedenkwaardige afsluiting van het loop jaar. Januari 2008
16) La Fagna Run, door Guus Smit, Marathon Plus, 2001,nr 4
PS Egocentrisme en egoïsme is niet precies hetzelfde, maar is in dit stukje beide van toepassing
