Categorieën
Niet gecategoriseerd

Verdomd je hebt gelijk…de berg beweegt ?! Deel 4

Deel 4: Zwerven en vluchten uit de maatschappij

{b}Verdomd je hebt gelijk…de berg beweegt ?! Deel 4 {eb}

{b}Deel 4: Zwerven en vluchten uit de maatschappij{eb}

{i}André is overspannen en als de huisarts met kalmerende tabletten langskomt, rent hij met geweldig grote sprongen de trap af. In een minimum van tijd is hij het huis uit. Verdwenen. Spoorloos. (1) .

Jan groeit op in een strak regime van regelmaat en dat is niets voor hem. Hij voelt zich een buitenbeentje en langzaamaan is hij van iedereen vervreemd geraakt en opgesloten geraakt in een eenzame waanwereld. Jan wast zichzelf niet meer en zijn vriend zei dat hij stonk. Eerst hielp die vriend hem nog bij het opruimen van zijn huis. Maar later wilde Jan dit niet meer, want hij was bang dat hij zijn spullen niet meer zou kunnen terugvinden.
Toen de zelfverwaarlozing van Jan erger werd en de stank overlast veroorzaakte werd hij zijn huis uit gezet. Nu zwerft Jan en hij heeft een paar plastic tasjes waar al zijn bezittingen in zitten. Als hij op een bankje in het park slaapt spugen er kinderen op hem. Het enige wat Jan wil is door anderen met rust gelaten worden.

Johannes werd tijdens zijn vakantie verliefd op een meisje. Maar zijn toenaderingpogingen werden niet erg door haar gewaardeerd en ze maakte hem in het bijzijn van anderen belachelijk. Na zijn vakantie kreeg hij thuis koorts en begon te ijlen. Hij liep voortdurend te huilen door het huis, terwijl hij riep dat het leven vreselijk was, maar dat hij een nog vreselijker mens was. Toen zijn koorts zakte vond hij nog steeds dat hij niet deugde, maar na een wandeling kwam hij onverwachts stralend thuis. Hij vertelde zijn moeder dat hij ‘eruit’ was. Het was hem allemaal helder geworden. Hij ging met zijn studie stoppen en werd zendeling. (3)

“De 17 jarige Anne loopt, nadat het met haar vriend uit is, tenslotte van huis weg en overnacht in de vrije natuur in de stromende regen. Kort daarop wordt zij opgenomen in een psychiatrische inrichting” (2).

Koen van 20, komt uit een streng gelovig gezin en voelt zich erg zondig door zijn seksuele gevoelens en denkt er nooit voor vergeven te worden. Een zelfgekozen dood lijkt hem de enige oplossing.(1){ei}

—–
Er na een lange duurloop uitzien als een zwerver is iets wat Veron en Henk wel herkennen. En zij mogen graag een beetje met hun uiterlijk spelen. Zo gaat Veron Lust na een nachtelijke duurloop graag ’s morgens vroeg bezweet ergens eten. En terwijl de ochtendmeute slaperig naar het werk gaat : “Dan stap ik bezweet en verfomfaaid een sjiek restaurant in en bestel een uitsmijter met een biertje.” (4)
Henk Geilen moest na een duurloop op zijn trein wachten en stapte de business lounge binnen op Amsterdam Centraal. (Waar hij in zijn rugzak een pas voor had.) “ Dit was niet bepaald een driedelig grijs kostuum. Daarnaast droeg ik nog steeds de geur die inherent is aan het leveren van een lange-afstandsloopprestatie”.
In de business lounge binnengekomen; “Dook ik maar meteen in de koelkast met speciaalbieren. Ik klaag soms wel eens over de snelheid van de NS. Maar aan het personeel kan het niet liggen. Want voor ik mijn flesje bier opgemaakt had stond er al een heel vriendelijke NS-medewerker naast mij, die vroeg: “Wat zijn wij van plan?” (5)


Het uiterlijk van een zwerver hebben en door je omgeving anders dan normaal behandeld worden kan een klein beetje een idee geven van hoe dat voor patiënten moet zijn. Maar hierbij ging het om het uiterlijk hebben van een zwerver.
Zouden er ook ultralopers zijn die iets herkennen van de innerlijke beleving van het zwerven en het vluchten uit de maatschappij ?
Is het ultralopen ook een vlucht uit de maatschappij, uit de ( ongeschreven) regels, de beperkingen en de regelmaat van 9 tot 5 in driedelig grijs ? Of ervaart u uw leven niet zo, dat vluchten aantrekkelijk is ?

Want behalve een reële optie kan het idee van zwerven ook afschrikken of geromantiseerd worden. Hoeveel voorspelbaarheid, regelmaat en houvast iemand in zijn leven prettig vind is namelijk heel persoonlijk.
Zo zijn er mensen met een talent voor regelmaat en stabiliteit. Deze mensen gedijen prima in een voorspelbaar regelmatig leven en ze kunnen bijvoorbeeld hun hele leven in hetzelfde dorp, in hetzelfde huis wonen en één baan en één hobby hebben.
Daarnaast zijn er ook mensen met een talent voor afwisseling en het omarmen van nieuwe ontwikkelingen. En zij veranderen constant op allerlei gebieden in hun leven.
Mensen met een talent voor stabiliteit kunnen heel ongelukkig worden als ze ergens opgroeien; en een leven leiden, waar nooit iets hetzelfde is. En omgekeerd kunnen mensen met een talent voor afwisseling wegkwijnen in een voorspelbaar regelmatig leven.
De wereld heeft beide types nodig. Zowel de mensen die hun leven stabiel inrichten, als degenen die afwisseling nodig hebben.


Ook bij het ultralopen zijn er wedstrijden waar de voorspelbaarheid voorop staat en er zijn loopjes waar veel ruimte is voor het onbekende.
Zo is er bij de populaire uurwedstrijden ( zoals de 6,12 en 24 uurs etc) veel voorspelbaar. Dit dichtgeregelde rondjes lopen lijkt precies het tegenovergestelde van het onvoorspelbare zwerven.
“Want er zijn ook ultralopers die urenlang dezelfde rondjes, binnen een klein afzet parcours, lopen, waar niet veel te zwerven valt. Hardlopen is voor velen synoniem met onafhankelijkheid, vrijheid en eenwording met de natuur rondom. Het is dan ook moeilijk voorstelbaar dat deze ultralopers zich laten vangen op een hermetisch afgesloten parcours, in kermisachtige entourage, waar, als muizen in een tredmolen, dwangmatig ronde na ronde moet worden afgelegd (14).

Daarnaast zijn er ook loopjes waar het onvoorspelbare voorop staat . Sommige ultralopers vertelden over het zwerven, de vrijheid en het vluchten uit de maatschappij.
Ann Trason houdt vooral van het avontuur en de afwisseling om nieuwe verversingsposten te bereiken en het wisselende parcours (9).
Joke Keuning zei: “Ik ben dol op zwerven en houdt erg van de stilte en de eenzaamheid” (5).
“Ik loop om rust te vinden”: aldus Wim Bart Knol (11).
Gerrit van Rotterdam vind het mooie, van ultralopen, vooral in de eenzaamheid. “In de volstrekte stilte, die je soms mag beleven.’s Nachts lopen is ook het mooist” (11).
En Tom Hendriks zei: Ik gek op dit soort lopen, schitterende omgeving, vrij als een vogel (13).
Luigi Simbula : “Ultralopen is een mogelijkheid tot ontsnappen” (7)
Ook Wim Epskamp, die inmiddels in Thailand werkt, zei: “De afstand maakt niet meer uit als je meerdere marathons achter elkaar loopt. Dan weet je niet wat er gebeurt, hoe je je voelt, welke tijden je loopt. De vrijheid en het onberekenbare van wat zowel de afstand als ook je eigen lichaam met je doet, intrigeren; en dan die bergen, puur genieten, gewoon zien hoe ver je komt.” (8) En …”Ik functioneer beter als ik de vrijheid in mijn lopen houd. Daar vaart iedereen wel bij.”
“Even later komt het gesprek weer op de kwaliteit van het leven. Lekker in de buitenlucht, door de duinen, over het strand. Ik kan niet anders dan beamen dat Guus “geleefd” heeft. Achter de buis kun je misschien tachtig worden, maar wat heb je dan na te vertellen. Niks toch? Nee lekker door de bergen en de bossen struinen, dat is pas leven” (9).

Maar er zijn ook ultralopers die de controleerbaarheid en de regelmaat van het rondjes lopen, afwisselen met het onverwachte en de vrijheid van zwerfloopjes.
Zoals Wim Epskamp: “In Apeldoorn met al die rondjes en steeds weer die klok: ruim 9 minuten per rondje en dat 24 uur lang. Gestoord werd ik ervan….Ik moet er niet aan denken 24 uur op een atletiek baan te lopen. Toch worden daar gigantische afstanden gelopen. “
Maar ’s nachts in de duinen trainen met Ron Teunissen “Dat is voor mij het wezen van lopen, dat is voor mij vrijheid. Dat verkies ik boven alles, hoewel ik beslist geen hekel heb aan rondjes als Winchoten.” (8)


Zouden er ook ultralopers zijn die iets herkennen van de innerlijke beleving van het zwerven én die daardoor een brug van herkenning kunnen slaan naar patiënten ?
Uit de bovenstaande gevonden citaten lijkt het alsof de zwerflopers het zweven van patiënten beter in zichzelf kunnen herkennen, dan rondjes lopers. Natuurlijk kunnen ook anderen ( en ook niet ultralopers) begrip voor patiënten hebben.
Maar het enige gevonden citaat wat zich duidelijk uitspreek over het in zichzelf herkennen van zwerfgedrag én het daardoor een brug kunnen slaan naar anderen, is van ultraloper Veron Lust als hij verteld:
“Alles is in onze maatschappij zo dichtgeregeld, urenlang hardlopen is voor mij de bevrijdende tegenhanger” (6).
” Veron herkent dat lopen een vlucht is en hij lijkt het zwerven van anderen ook deels te herkennen. Veron zegt zich ook meer verwant te voelen met de zwerver achter zijn bedrijf, dan met managers in het bedrijfsleven. (4)

{i} I’ve gotta say I’m on my way down
God give me style and give me grace
God put a smile upon my face

Where do we go to draw the line
I’ve gotta say, I wasted all your time, oh honey honey
Where do I go to fall from grace
God put a smile upon your face, yeah

Now when you work it out I’m worse than you
Yeah when you work it out, I want it too
Now when you work out where to draw the line
Your guess is as good as mine…

Where do we go, nobody knows
Don’t ever say you’re on your way down, when..
God gave you style and gave you grace
And put a smile upon your face, oh yeah){ei}

Coldplay (15)

© Verdomd je hebt gelijk, de berg beweegt ?! : Prisca Vis

Bron:
Foto:
1) Psychiatrie (1997), Reedijk J.S.,de Tijdstroom, Lochem
2) Psychische stoornissen en bijbelse zielszorg, (1995)S. Pfeifer, Groen, Leiden
3) Heilig geloof, heilig moeten. Orthodoxie en geestelijke gezondheid. VanGrinsven drukkers bv. Venlo.
4) Lust rent voor een uitsmijter naar Den Helder. Door André Stuyfersant in Amsterdams Stadsblad en 7 dec 2001 op ultraned door Martien Baars.
5) Henk Geilen: Willibrordus wandelpad; Er is nog heel wat te lopen. Op Ultraned 7 januari 2008.
6) Veron Lust in “Van zorgenkindje tot ultratopper” in Runners world’, december 2002, door Kees Kooman.
7) De diesel van de loopsport. runner’’s world, februari 2005, door Peter Klooster mbt Ysbrand Visser.
8) Wim Epskamp wil genieten’”, Runners world, november 1998, blz. 60, door Sido Martens.
9) NK 100 km Stein 2002, door Tom Hendriks, eigen website.
10) Ann Trason, in “Het maakt mij niet uit of ik van een vrouw een man of een aap win”.runner’s world december 1998, door Kees Kooman.
11) Gerrit van Rotterdam in “Soms is het een feest, soms niet” in Het Algemeen Dagblad door Dick Kiers (website team 17)
12) Rennende egoïst wil ook sociaal zijn., door Rolf Bos, Volkskrant 11 april 1998, en op ultraned ,in mini serie door Martien Baars, op 5 maart 2004.
13) door Tom Hendriks ( 2002), eigen website
14) Ultralopers concurreren slechts met zichzelf, door Sido Martens, Runners world, juni 1997
15) Song /clip van Coldplay. God put a smile upon your face. CD: A rush of blood to the head.