Categorieën
Niet gecategoriseerd

Gegokt en … verloren en … gewonnen

Verslag van de 6 uur winnaar Gert Mertens.

{b}Gegokt en … verloren en … gewonnen{eb}

Een gevoel van vertrouwdheid overvalt me als ik het parkeerterrein vlakbij de omloop te Steenbergen oprijdt. Hier heb ik vorig jaar voor het eerst de kaap van 78km bij een 6urenloop overschreden en als kers op de taart een podiumplaats behaald na de ongenaakbare Marc Papanikitas en Ivan Hostens. Dit jaar zou er zelfs nog meer moeten inzitten: ik ben aan een goed seizoen bezig met o.a. 2u48 op de marathon van Genk en 80km op de 6uren van Stein. De afgelopen weken heb ik me goed kunnen voorbereiden, dus ik ben vol vertrouwen dat ik ook vandaag zonder tegenslag de kaap van de 80km moet kunnen halen. Oorspronkelijk had ik zelfs even met het idee gespeeld om zowel de marathon als de 6uren te lopen, maar gelukkig had Papa Renaat (zie artikel vorig jaar) me dat uit het hoofd gepraat op dezelfde vaderlijke manier als die waarop hij me vorig jaar tijdens de eerste drie uren te Steenbergen begeleid had.

Als ik aan het parcours kom, zie ik de eerste 24urenlopers voorbijkomen. Zij hebben er ondertussen al 17 uren opzitten. Bij de ene gaat het lopen al wat vlotter dan bij de andere. In de tussenstand die buiten aan een tentje uithangt, kan ik lezen dat Geert Stijnen goed op weg is om zijn beoogde 240km te halen. Maar de weg is nog lang natuurlijk. Op 7 uur kan er heel wat gebeuren. Er waait ook een vrij stevige wind en het belooft een zeer warme dag te worden. Nu is het echter nog erg koud, dus de nacht moet moeilijk geweest zijn.
Wind en warmte zijn spijtig genoeg ook mijn twee grootste vijanden bij het lopen. Er is dus wel een beetje twijfel over de goede afloop, maar we zien wel. Ik ben klaar om de degens met hen te kruisen.

Terwijl ik mijn tafeltje met persoonlijke bevoorrading (de ondertussen waarschijnlijk al welbekende genummerde flesjes) klaarzet, komt Rudy Van Daele net voorbij. Hij is bezig aan de 24uren. Ik feliciteer hem onmiddellijk voor zijn mooi resultaat op de marathon van Antwerpen. Voor het eerst in zijn lopersbestaan is hij er onder de drie uur gedoken. Iedereen wist dat hij dat al lang in de benen had, maar het wilde er tot dan toe niet uitkomen. Voor zijn 24uren ziet het er minder goed uit. Hij heeft erge pijn aan beide scheenbenen. Acute beenvliesontsteking? Iets later zal hij de strijd spijtig genoeg moeten staken.
Geert Stynen en Alfons Vekemans komen een tijdje later voorbij. Ook zij hebben het lastig. Wat wil je na bijna 18 uren! Ze blijven echter doorgaan. Ongelooflijke kerels.

Nog enkele minuten voor de start. Het deelnemersveld omvat ongeveer veertig lopers. De Belgische toppers van vorig jaar zijn door allerlei blessureleed afwezig. De Nederlandse toppers zoals Jan Albert Lantink en Math Roberts zijn op de 24uren gestart. Het zal dus gaan tussen de Belgen Philip Verdonck, Walter Bouwen en mijzelf. Lucien Taelman is er niet bij, want hij heeft gisteren al de marathon gelopen en gewonnen op zijn vertrouwde manier: rustig gecontroleerd starten en naar het einde toe versnellen. Sommigen leveren wel eens kritiek op die loopstijl, maar zij vergeten dat de belangrijkste vaardigheid van een ultraloper juist is om zichzelf in de eerste wedstrijdhelft te beheersen en krachten te sparen. Lucien kan dat tot in de perfectie en draagt daarom ook met recht en reden de titel ‘Mister Ultracup’ en voor mijn part ook de titel ‘Mister Ultra’.
Patrick Kloek heeft gisteren ook de marathon gelopen en start vandaag op de 6uren om extra puntjes te sprokkelen voor de marathon- en ultracup.

De start verloopt zoals altijd: geen zenuwachtig geduw en getrek, maar gezellig gebabbel en gelach. Heel anders dan bij korte stratenlopen en crossen. We starten rustig zodat ook Patrick nog even bij ons aansluit, maar al gauw laat hij ons wijselijk gaan. Een eerste rondje in 9’34” is met een marathon in de benen en een nagenoeg slapeloze nacht door de koude te snel voor hem. Ik wil rondjes net onder 9’15” lopen dus trekken we het tempo wat op. Daardoor laat ook Walter ons vrij snel gaan. Tot mijn verrassing komen we door in 8’55”. Veel te snel. Het volgende rondje moet dus trager. We nemen wat gas terug en lopen rustig te babbelen. Volgende doorkomst: 8’54”. Ik kan mijn ogen niet geloven. Terwijl ik dacht trager te lopen loop ik zelfs nog een tikje rapper. Zijn het die grote passen van Philip die mijn tempogevoel om de tuin leiden of heb ik vandaag superbenen? Wijselijk besluit ik toch om Philip succes te wensen en mijn eerste bevoorrading (ik heb ervoor gekozen om in het begin elke 3de ronde 250ml te drinken en later elke 2de ronde 200ml, een eerste belangrijke vergissing zoals later zal blijken) te gebruiken om het tempo nu echt te laten zakken en in mijn eentje een eindje achter Philip te lopen. Maar ook nu blijkt bij de doorkomst (8’56” met een bevoorrading!) dat ik me nog altijd onwillekeurig laat meezuigen door Philip. Of dan toch een superdag??? De benen voelen inderdaad goed. Het enige waar ik nagenoeg van bij het begin last van heb, zijn mijn armen. Ik heb een dag eerder namelijk nog een 25tal boomstompen afgezaagd. Zwaar en voor mij niet alledaags werk met pijnlijke armspieren tot gevolg. Ik had niet alleen de klus onderschat, maar ook het effect ervan op mijn lichaam en dus op mijn prestatie tijdens de 6urenloop (een tweede belangrijke fout).
Philip zie ik intussen enkel nog in de lange rechte stukken voor me uit lopen zodat ik nu echt mijn eigen tempo kan lopen. Omdat de benen goed voelen, besluit ik de gok te wagen: het tempo hoog houden met twee bedoelingen. Ten eerste een zo groot mogelijke afstand af te leggen (80 à 82km) en ten tweede te verhinderen dat Philip me dubbelt (loperstrots, hé). In dit laatste slaag ik alvast. Philip haalt een maximale voorsprong van vier minuten op me en begint dan te verzwakken. Na 25 ronden heb ik nog 2’15” achterstand. Binnen een ronde of vier verwacht ik Philip te zullen inhalen, maar op het einde van de 26ste ronde zie ik hem ineens voor me lopen. Hij heeft zware problemen en moet het lopen even staken. Gelukkig kan hij de wedstrijd uiteindelijk wel beëindigen en de tweede plaats vasthouden.
Zelf heb ik het ondertussen ook knap lastig door de warmte. Gelukkig is Paul Beckers in de verzorgingszone (als begeleider van Geert Stynen) en hij geeft me telkens een spons aan. Daarnaast geeft hij me ook informatie over de andere lopers en moedigt hij me aan. Nogmaals heel erg bedankt, Paul! Met nog 1u20’ te gaan zit een resultaat tussen 80 en 81km er nog altijd in. Tijdens mijn laatste uur moet ik namelijk mijn rondetijden geleidelijkaan weer wat naar beneden kunnen krijgen om dan een sterke laatste ronde te lopen. Maar dan gebeurt het in ronde 31. Ik krijg een steentje in mijn schoen en op het ogenblik dat ik mijn voet ophef om het te verwijderen, schiet er een heftige kramp in mijn rechterhamstring. Ik besef onmiddellijk dat ik door de warmte, de wind en mijn hogere snelheid te veel vocht, zout en mineralen kwijtgespeeld ben. Voorzichtig loop ik de ronde uit en drink bouillon in de hoop zo het zoutverlies te compenseren. Maar in de volgende ronde blokkeer ik volledig: tijdens het lopen verkramt mijn linker hamstring volledig. Telkens ik terug wil vertrekken, verkramp ik opnieuw. Er zit niks anders op dan een tijdje te blijven staan en te rekken. Paul Van Hiel komt bij me en besluit zijn vrouw van bij de bevoorrading in mijn richting te sturen met een tabletje magnesium. Na nog wat goeie raad van een Duitse 24urenloper begin ik zachtjes terug te stappen en na een tijdje voorzichtig te lopen. Wat verder komt de vrouw van Paul me inderdaad tegemoet met een tabletje magnesium en een energiedrank van een Duitse loopster. Bij de bevoorrading drink ik weer bouillon en cola. De volgende rondjes slaag ik erin om te blijven lopen. Ik moet me wel erg concentreren op mijn loopstijl om niet weer te verkrampen, maar ik voel de toestand geleidelijk verbeteren. De bouillon en de magnesium beginnen te werken. De 80km is al lang niet meer haalbaar, maar ik probeer er toch nog het maximum uit te halen. In mijn laatste ronde volg ik het winnende estafetteteam zodat ik toch nog een tempo van 4’30”/km haal en in de verzorgingszone vlakbij de aankomst kan finishen. Mijn resultaat: 77,728km en de eerste plaats.

Achteraf bekeken besef ik dat ik tijdens het afzagen van de boomstronken de dag voor de 6uren waarschijnlijk al veel zouten en mineralen verloren heb. Die heb ik niet aangevuld. Tijdens de 6uren zelf heb ik gegokt wat mijn startsnelheid betreft en verloren. De eerste 3 uren heb ik ook te weinig gedronken. 3 beoordelingsfouten die ertoe geleid hebben dat ik de kers op de taart wel gehaald heb (namelijk de overwinning), maar dat de taart te mager is uitgevallen.
Vooral voor de organisatoren vind ik dat erg spijtig en ik heb me daarvoor tijdens het lopen van mijn laatste rondjes al bij hen geëxcuseerd. Zij verdienen een mooier resultaat voor al de energie die ze in de organisatie van zo’n loop stoppen. Gelukkig hebben Geert Stijnen en Lucien Taelman in de andere wedstrijden wel op niveau gepresteerd.

Ik troost me met de overwinning en met het feit dat ik weeral wat bijgeleerd heb over hoe mijn lichaam in bepaalde omstandigheden reageert. Maar wat me vooral van deze wedstrijd zal bijblijven is de steun en vriendschap die ik van de collega-lopers en het publiek mocht ervaren. Dus nogmaals bedankt Paul, Patrick en Gerald, Alfons, Eric, Geert, William, Philip, Walter, Math en zijn entourage, Paul en zijn echtgenote, de broers Suijkerbuijk, de speaker en alle anderen die me op de een of andere manier geholpen en aangemoedigd hebben.
Nog een apart woordje van dank ook voor de organisatoren én voor de vele vrijwilligers die achter de schermen en de dagen of zelfs weken voordien hun steentje bijgedragen hebben tot het succes van dit mooie loopweekend.

Gert Mertens