Categorieën
nieuws verslagen

EMU, 6-daagse (ik vond het een leuke vakantie); verslag Endymion Kasanardjo

Ik dacht dat ik na een paar dagen me alles zou kunnen herinneren en opschrijven in mooie samenhangende zinnen. Maar dat bleek helemaal niet zo te zijn. EMU is alsof ik heb gedroomd. Misschien is 700+ km hardlopen te veel om te kunnen bevatten. Alleen tijdens mijn hardlooprondjes komen de gedachten en dan ook nog heel vaag. Ik had ook verwacht dat ik de dagen erna, mentaal een enorme dip zou krijgen maar dat gebeurde niet. Wel was mijn lichaam zo ontzettend moe. Pas 2 weken na de finish had ik weer een beetje normale energie.


Dan hier een poging tot een verslag.


[Proloog]
Nog vier uur voor de start. Gisteren zijn we aangekomen op de camping in Balatonfüred, ons scheefstaand vakantiehuisje op wielen is versierd met vlaggen en vaantjes en we wachten op de veranda op de klok die de tijd wegtikt, tot we kunnen gaan beginnen. Ik kan me er niets bij voorstellen en ik ben hier eigenlijk toevallig beland of misschien was het voorbestemd. Het begon misschien wel toen Katie in december vorig jaar zei dat je voor het gereduceerde tarief van 800 Euro je kon inschrijven voor de 6 daags en in een opwelling schreef ik me direct in en
betaalde de fee. Nadenken kan altijd nog. Of misschien was ik wel geïnspireerd toen Gerben twee jaar geleden een geweldige 738 km liep. Of misschien begon het heel lang geleden, vroeger toen ik een kind was en droomde over oneindig lang hardlopen?

Hoe bereid je je voor op iets wat je nog nooit gedaan hebt? Al het nieuwe dat je doet is ooit voor de eerste keer. Een raar idee. Deze wedstrijd heeft het hele jaar in mijn hoofd gezeten, op de achtergrond en de laatste maanden heb ik me steeds voorgesteld hoe ik me zou voelen als ik hier zou lopen, maar eigenlijk kan dat helemaal niet.

Mijn doelen? Geen echte. Misschien word ik wel eerste waarschijnlijk niet. Elke poging tot een schema maken mislukte en uiteindelijk kwam ik tot iets van 4x per dag eten, een beetje slapen erna en voor de rest zie ik het wel.

Een half uur voor de start is er nog een gezamenlijke warming up maar Harold en ik weten ons hieraan te onttrekken, veel te ludiek naar onze zin, en dan opeens wordt er afgeteld, gaat het startschot en zijn we los.

Het Holland house met Endymion Kasanardjo en Harold Lintsen.

[Start]
De weersvoorspellingen zijn gunstig, elke dag boven de 25 graden en een aantal dagen zelfs 30+ en alleen voor zaterdag is er regen voorspeld. Omdat het een golden label wedstrijd betreft zijn er kledingvoorschriften: vrouwen mogen in hun sportbeha, mannen mogen hun buik bloot laten. Wat zeker niet mag, is half naakt rondlopen. Ik begin in een oranje shirt met “Gazelle” erop, dat Harold van zijn werk mee had gekregen zodat we er Nederlands uitzien. Maar dat vervang ik al snel door mijn afgeknipte singlet om me aldus precies aan de voorschriften te
houden.


Het is echt heerlijk warm en er zijn twee kuipen met water langs het parcours van nog geen kilometer gezet. Met mijn hydrofiele doek kan ik zonder snelheid te verliezen deze al hardlopend half in het water gooien terwijl ik hem aan een punt vast hou. Het is net alsof ik een normale wedstrijd aan het lopen ben en tijdverlies ten koste van alles voorkomen moet worden. Maar eigenlijk is dat ook zo. Stel dat je 600 rondjes loopt, dan is elke seconde op dat rondje 10 minuten totale tijd waard en 1 minuut is 10 uur. Tot zover de mathematische beschouwing want het is irritant om de hele tijd te moeten rekenen en te tellen. Zo heb ik ooit bij de HoHo 100 mijl
elke ronde mentaal afgeteld omdat ik, toen ik er eenmaal mee begon, er niet meer mee kon stoppen. Ik werd er helemaal gek van en hoewel het wel in mijn plan ligt om een soort van gek in mijn hoofd te worden, is het niet de bedoeling dat dit gebeurt vanwege dwangmatige berekeningen.

[Chasing girls]
Een van mijn andere “plannen” was om achter Megan aan te lopen, want waarom niet en als op een bepaald moment het groepje van de drie voorste vrouwen langskomt (Megan, Mara en Zsuzsanna) haak ik aan en loop een paar uur achter ze aan. Wel 22 rondjes ofzo. Dat klinkt best wel veel en het is ook al een voorbode voor hoe de tijd in Balatonfured anders zal verlopen dan normaliter.

Achter vrouwen aanlopen werkt om meerdere redenen fantastisch. Ten eerste krijg ik er gratis dopamine van en kan ik moeiteloos volgen, ten tweede lopen ze slimmer en meer behoudend dan mannen en kan ik hun loopstijl bestuderen en kopiëren. Zsuzsanna loopt met kleine passen en een soort van stijve benen en hoge cadence. Megan loopt met haar borst vooruit, een gekrulde rug en bil naar achteren, krachtigere pas en minder hoge cadans dan Zsuzsanna. Beide stijlen zijn mooi om naar te kijken. Mara loopt me te lelijk, misschien is ze geblesseerd aan de start verschenen, wie zal het zeggen. Later zal ze helemaal instorten en op 300 km
blijven steken.

[Eerste massage]
In het minimale schema is ook opgenomen om elke 3 uur mezelf een kleine massage te geven, in ieder geval de eerste dag of zo. Na 3 en na 6 uur doe ik dat ook braaf maar na 9 uur bedenk ik dat ik misschien ook wel bij de massagetent kan gaan. Met z’n tweeën tegelijk pakken de massage dames mijn kuiten en hamstring aan en met grote kracht drukken ze op de triggerpoints. Qua intensiteit lijkt het wel een behandeling bij de mondhygiëniste: je weet dat het goed voor je is, maar het doet wel erg veel pijn en piepen kan natuurlijk niet. 15 minuten later verlaat ik beduusd en met nieuwe benen de tent. Dit was erg goed maar ik moet dit niet te vaak doen, denk ik bij mezelf.


[Sharon]
“Wow you walk fast” zeg ik tegen de vrouw die ik al de hele tijd zie wandelen en al vele malen heb ingehaald ze zegt “thank you” en opeens wandelen we samen in een hard tempo van 8 min/km. Ze heet Sharon en de EMU is een break van de fietstocht om de wereld waar ze al 3 jaar mee bezig is met haar man. Af en toe kan ik haar niet zo goed verstaan vanwege haar Australisch accent. Het blijkt dat ze vroeger 24 uur wedstrijden liep en voor Australië is uitgekomen maar vanwege artritis moest stoppen met hardlopen en toen is gaan wandelen. Ze heeft iets van 40 records en nu wil ze bij de EMU het 6-daagse wandelrecord breken. Amazing.
Na een paar rondjes met Sharon ga ik weer terug hardlopen.


[Tomomi]
Tomomi valt me op omdat ze eruitziet als een influencer, zeker ook omdat er een guy bij is die haar de hele tijd filmt en omdat ze mooi is opgemaakt. De eerste paar dagen doet ze het rustig aan en heeft zelfs een pauze van acht uur en ik denk zoiets van “echt een influencer, wat doet ze hier” maar uiteraard heb ik het helemaal mis. Ze is een slimme Japanse die de race goed indeelt. Op dag 5 steekt ze me voorbij en elke keer als ze langskomt zegt ze vrolijk “Good job” en voel ik me op mijn nummer gezet en moet ik uiteindelijk om mezelf lachen.


[Zsuzsanna en de egel]
Ik loop weer eens achter Zsuzsanna aan en omdat ik toch alle tijd van de wereld heb en het allemaal niet uitmaakt neem ik haar bewegingen over. Grappig hoe makkelijk dit gaat: ik hoef alleen maar te kijken en mijn lichaam kan het automatisch, geen nadenken nodig. Mijn pas wordt net zo kort als die van haar, mijn benen net zo bouncy. Ik voel me Zsuzsanna, wat apart en terwijl ik zo loop te zweven komt Megan langszij, wat een feest en dan opeens hoor ik “Watch out” ik zie een steen op de weg (“een steen hoe dan?” het blijkt achteraf een egel te zijn)
blijf erachter haken, struikel, val en rol twee keer om mijn as. Alles in slow motion en op de een of andere manier heb ik nul schrammen en geen pijn. Megan vraagt of alles ok is, ik kraam wat onzin uit als een verlegen jongen en dan is ze weer weg.


[I am a Megan]
“For a moment I thought it was her” hoor ik de man van Megan zeggen als ik in het donker langs het Amerikaanse huisje kom. Het is niet dat ik verliefd ben op haar, maar ik ben zeker wel gefascineerd, iedereen misschien wel. Sharon en ik hebben elkaar al meerdere malen gezegd hoe mooi we haar vinden. Alles aan haar eigenlijk. Ze loopt als een metronoom met volledige controle over haar lichaam, met een mooie maar vooral efficiënte loopstijl. Ik heb haar al uren zo niet dagen kunnen bestuderen en kan inmiddels haar lichaamshouding overnemen en
bijbehorende footfall. “I am a Megan” denk ik dan op dat soort momenten. Wederom apart dat het zo makkelijk is om me lichamelijk te verplaatsen in anderen en dat dit zo goed gaat, dat in het donker ik precies zo klink als zij.

[The Norsk Viking]
Grappig hoe je na verloop van tijd de lopers herkent aan het geluid van hun voetstappen. Simen is een van de weinige die op carbonplaten loopt en je hoort hem al van ver aankomen. Zijn voetstappen klinken als zweepslagen op het asfalt en 100 uur lang liep hij op de eerste plaats tot Megan hem inhaalde. Het is ochtend, ik weet niet welke en ik hoor hem weer aankomen en ik hoor ook dat hij moe is en terwijl ik naar de stappen luister merk ik dat mijn voeten zijn ritme overnemen. Elke stap die ik neem gaat gepaard met een zweepslag van zijn schoen, het is alsof we muziek maken: hij is de drummer en ik de bassist.

[Van Gogh]
Het is zaterdag, de dag van de regen en wanneer het tegen het eind van de middag begint te regenen, krijg ik het gewoon koud, brr. Gelukkig regent het niet al te hard, maar het is me een te groot verschil met de 30+ van de afgelopen dagen dus doe ik mijn lange mouwen en jas aan (en bijna ook mijn handschoenen maar dat zou al te gek zijn). Het blijft fris en het waait ook de hele tijd, windkracht 4. Ik word er haast duizelig van. Zodra ik mijn hoofd naar links of rechts draai, verandert het geluid van de wind en krijg ik flitsen alsof het allemaal niet echt is. Ik knoop een gesprek aan met Jenny uit Zweden. Zij zal het wel weten want ze heeft de Gotland 500
uitgelopen en ze stelt me gerust dat het heel normaal is om je raar te voelen. Het brein en lichaam stoppen met inspanningen die er niet toe doen om te overleven, want dat is het een beetje: je bent aan het overleven. Goed horen, goed nadenken of rechtop lopen is allemaal niet belangrijk en dus valt dat soms uit. Hoef ik mijn oor in ieder geval niet af te snijden.


Het blijft koud en ‘s nachts moet ik zelfs mijn donsjas aandoen en toch ook mijn handschoenen. Ik krijg nu slaap van de kou en langzaamheid en probeer wat drum & bass muziek, het helpt enigszins maar ik moet ook allerlei bewegingen maken met mijn armen en handen om mezelf af te leiden van de slaap.

De ochtend breekt aan. Eindelijk. De kraaien kondigen aan dat de zon bijna weer opkomt, met honderden tegelijk klinkt het van kra-kra-kra. Het is alsof ze ons uitlachen, ze doen dit al elke dag. Ik geloof bijna in de waanzin van dit alles.


Met de zon komt ook de warmte en het gevoel dat ik het zwaarste heb overleefd. Ik loop door het straatje waar ik over de egel struikelde en zie de zonnestralen door de bladeren schijnen en terwijl ik hardop tegen mezelf zeg hoe mooi het is en naar de andere runners kijk word ik overvallen door een gevoel dat zo groot is dat het niet in mijn hart past en begin ik te snikken eerst zachtjes en dan harder en harder, zo hard dat ik het idee heb dat het over de hele camping te horen is en ik heb geen idee of ik verdrietig of gelukkig ben. Er is geen denken, er is alleen maar dit gevoel. En dan, alsof ik door een poort ga, komen er weer gedachten in mijn hoofd, gaat het huilen over in snikken en dan is ook dat weer weg.

[IJsje of record]
Het is zondag 9 uur ‘s ochtends en ik heb al 387 kilometer afgelegd. Van tevoren had ik hier helemaal niets bij kunnen voorstellen en vanaf 48 uur had ik alle beperkingen naast me neergelegd omdat ik toen zowel mijn afstands- (273 km) als tijds-PR (48 uur) ruim had overschreden en dat alles daarna PR op PR zou zijn. Maar goed terwijl ik hier loop begin ik toch te rekenen: NL 72 uur record staat op 408 dus dan moet ik nog 22 km om met 409 veilig te zitten en vertaald naar rondes (898.2 meter) 24 rondjes, dus 8 rondjes per uur, dus 7m30s per rondje. Het lijkt me te doen en ik zet er de pas in. Ik hou rondetijden van 6 tot 7 minuten goed vol, maar naarmate het middaguur nadert lijkt mijn lichaam actief tegen te werken. Typisch een geval van eindstreep-illusie: pacing gaat naar beneden omdat het brein denkt er bijna te zijn en absoluut geen overbodige inspanning meer wil leveren. Belachelijk want we zijn nog niet eens halverwege, maar goed, de rondjes gaan nu met moeite in 10 minuten en als ik om 11u53 over de mat kom met 406 km besef ik dat ik onmogelijk nog 4 rondjes kan in 7 minuten en ik besluit om in de rij te staan voor een ijsje en ga tevreden in de stoel zitten genieten. De ironie: ik had zaterdagavond scheel zitten kijken naar de DUV want het NL record stond op 406 km. In plaats van een ijsje te eten had ik gewoon dat ene rondje kunnen lopen.


[I am a strange loop]
Tijdens het lopen achter de vrouwen had ik het al gemerkt: gedachten en programma’s zijn niets anders dan gewenning en door me onder te dompelen in pure ervaring kan ik dit los laten en me inbeelden iemand anders te zijn en te lopen zoals Zsuzsanna of Megan. Ik weet niet of dit valt onder egoloze ervaring, maar het is super grappig. Het is alsof ik in een vreemde lus zit: loop ik omdat ik dit wil, of wil ik dit omdat ik loop. De vreemde lus is overal. Oorzaak en gevolg raken verstrikt in de monotonie van dit rondje dat ik al letterlijk vele honderden keren heb gelopen. Als ik weer eens een stuk met Sharon loop: “What are we actually doing, are we fools in the park? Who is this Norsk viking whipping the track with his powerful steps? Who is this goddess floating above the ground, is she leading the pack or is she just following. Maybe there is no leader, maybe I am, or you are”. De desoriëntatie heeft ingezet. Het parcours is veranderd in een eindeloze reeks van identieke dorpen waar ik doorheen ren met steeds dezelfde juichende mensen in het centrum. De houten chalets zijn huizen waar geleefd wordt en waar de kinderen eens per jaar de runners zien langskomen, net zoals bij de Spartathlon.

Als je vijfhonderd keer hetzelfde rondje loopt, hoe wordt de herinnering gemaakt? 500 rondjes achter elkaar? Nee dus. Het brein knipt de rondjes in stukjes en plakt ze schijnbaar random terug in elkaar: gelijksoortige fragmenten in clusters bij elkaar. Het is driehonderd keer het bultje bij de wc’s, oneindig vaak langs het egelpad, de hele tijd weer die finishboog.


Ik heb doorlopend last van deja-vu’s en het zijn niet eens de mijne. Ik heb deja-vu’s van Gerbens verslag waarin hij schreef dat hij op een bepaald moment in de nacht van de verzorgingstent naar de wc’s ging rennen en ik doe dat nu ook en terwijl ik dat doe herinner ik me dat ik Gerben was en dit al eerder heb gedaan.

Later (of was het eerder) schiet mijn hamstring steeds meer in de kramp. Rennen kan alleen met korte passen a la Zsuzsanna en stoppen vereist stappen kleiner maken, dan omdraaien, de rechtervoet over het asfalt slepen om zo het been tot stilstand te brengen. Als ik door de egel straat loop weet ik zeker dat ik dit al eerder heb meegemaakt, dat ik langs een weiland loop (er is geen weiland, dit is een camping weet je nog) met prikkeldraad rechts (er is geen prikkeldraad) en met licht dat precies schijnt zoals de lantaarnpalen nu doen en dat ik zo meteen ga stoppen middels de omdraai-been-sleep-techniek terwijl ik dit nog nooit heb gedaan hier in Hongarije, of wel? Of niet?


[I am so happy]
Als we voorbij de 48 uur zijn, besef ik me dat ik het nog steeds leuk vind, misschien wel leuker dan aan het begin. Er zijn al twee nachten voorbij gegaan met minimale slaap en de slaap deprivatie doet zijn werk: uitschakelen van logische gedachten. Het feit dat we nog niet eens op de helft zijn maakt me vooral vrolijk. Regelmatig vragen mensen of ik het leuk vind en ik: “yes I am so happy, I am so, so sooo happy” dat ik ze zie afvragen of ik al gek ben geworden. Dit algehele gevoel van
geluk blijft de hele wedstrijd bij me, blij dat ik hier ben, blij dat ik de hele tijd mag lopen, blij dat het mooi weer is, blij om met al deze mensen hier te zijn. Op een bepaald moment, het is de derde of vierde nacht, zie ik iemand (Zoltan?) van de organisatie bij het hek staan en ik moet ernaar toe om mijn blijdschap en verwondering over dit alles te uiten. Ik steek een heel verhaal af over hoe apart
het is om een wereldkampioenschap te hebben zonder publiek, met mensen die op blote voeten lopen, met een running goddess, waar je worstjes mag eten bij de verzorging en hoe blij ik ben om hier te mogen zijn en nog veel meer, totdat hij me duidelijk maakt dat zijn Engels niet zo goed is en eigenlijk niet precies weet wat ik zeg maar wel voelt wat ik bedoel. Dat dus.


[Projected Self]
Had ik al gezegd dat langdurige monotonie het brein op het verkeerde been zet? Ik betrap me op dwanggedachten die te maken hebben met het aansturen van mezelf. Bij gebrek aan zingeving (want probeer maar eens 6 dagen lang de opdracht in je hoofd te houden) merk ik dat mijn brein een soort van restanten van instructies uitstuurt die niet helemaal kloppen. Op een bepaald stuk van het parcours heeft het brein besloten geen credits meer te nemen voor het hardlopen daar en in plaats daarvan projecteert het mijn bewustzijn op de andere runners, want immers ik loop nog steeds maar als ik het niet ben dan moeten het wel de anderen zijn. Super
grappig dit. Ik heb dit ook meegemaakt bij de Spartathlon na urenlang wandelen met steeds dezelfde mensen in de buurt. Terwijl ik me hier bewust van ben, vraag ik me af of mensen als Simen en Megan ook dit soort gedachten hebben.


[De Vlaggen]
Het is dinsdagochtend en ik zit bijna aan de 600 kilometer. WTF. Het is te bizar om te beseffen. Ik herinner me hoe ik gisteren met tegenzin de 500 km vlag pakte om er een rondje applaus mee te krijgen. Het voelde behoorlijk suf en nu zit de volgende vlag eraan te komen. Gelukkig is Harold er deze keer bij om samen met mij de 600 km te vieren maar we zijn het er allebei over eens dat die vlaggen iets dwaas over zich hebben. De rondes zijn 898 meter lang en we weten al dat als je bv op 599 km staat, je nog twee ronden moet om over de 600 te komen. Maar dan is eindelijk de ronde aangebroken en gewapend met telefoon voor de foto’s komen we door de finishboog om erachter te komen dat ik op 599.997 sta. We lachen ons kapot. 3 meter te weinig! We zijn sowieso supermelig de hele tijd, we lijken wel de mannelijke variant van Sarah en Melissa die de hele tijd samen liepen te giechelen. Als ik dan uiteindelijk echt de 600 heb is het eigenlijk best wel leuk om foto’s te maken met het juichende verzorgingsteam (super mensen) en ook leuk om een selfie te maken met de gekke Slovaakse vrouw die af en toe op blote voeten liep en wier zus te skeer was om een chalet te huren en langs het parcours in de berm
overnachtte. Gewapend met de vlag juich ik mezelf een hele ronde lang toe en ik word er steeds meliger van. Als we de GOMU man tegenkomen en hij me feliciteert, flap ik eruit dat ik dit ga vieren met een douche en de tweede onderbroekwissel van de wedstrijd waarop Harold en ik alweer dubbel liggen van het lachen.


[Magische Creme]
Het is de laatste nacht en ik heb enorm veel last van dikke kuiten. Niet zo erg als bij Sharon, maar het maakt het lopen moeilijk. Ik heb eerder op de avond, op aanraden van haar, bij een stand in de stoel gelegen waar ze een soort pulsband om mijn kuiten hadden gedaan. Een beetje te woe-woe naar mijn smaak en nu heb ik het idee dat het eigenlijk niet zo een goed idee was. Misschien is het wel erger geworden. Ik run/walk langs het huisje van Gabor en roep vanuit het niets naar de mensen die daar zijn: “I don’t know what to do, should I walk on?”. “Yes you should” zegt een van de mensen, maar als ik een anderhalve ronde verder bij het huisje van Merijn ben, ga ik in zijn stoel zitten om mijn kuiten te masseren. “Are you ok?” het is de vrouw bij Gabors huisje die zei dat ik door moest gaan en ze is super aardig ze stelt me gerust en vraagt of zie iets kan doen. Ze blijkt Edit Bérces te zijn (meervoudig winnaar van Winschoten), ze spreekt met een Hongaar (verzorger van Zsuzsanna?) en hij komt terug met een magische crème, masseert het in mijn kuiten en ik word weer op pad gestuurd door haar. Na een halve ronde voorzichtig lopen merk ik dat de kuiten inderdaad weer “normaal” zijn en
kan ik weer hardlopen. Wow.


[“Eindsprint”]
De laatste ochtend is aangebroken. Kra-kra-kra klinkt het voor de laatste keer. Nog maar weinig mensen lopen nog echt hard. Zelfs Megan wandelt nu veel, ze is al over de 1000 (OMG). Ik heb ruim 300 km minder. Ik kan me geen voorstelling maken hoe ze zich voelt of wat haar gedachten zijn. Ik loop afwisselend op de 15 of 14 plaats en wissel stuivertje met Louise, een vrouw, dus waarschijnlijk zal ze me uiteindelijk voorblijven. Hardlopen zit er bij mij niet echt meer in, in plaats daarvan knoop ik allerlei gesprekken aan. Het is duidelijk dat bij iedereen nu sprake is van eindstreep-illusie. Aan het begin van de ochtend had ik nog vaag in mijn hoofd dat als ik echt mijn best zou doen, ik het NL record zou kunnen pakken maar na alweer de zoveelste wandelronde zet ik die gedachte uit mijn hoofd en loop een soort van te genieten en meer niet. Ik pak de appel om de stopplaats te markeren al drie kwartier voor het einde met het idee om bij de chalet op een stoel te ploffen maar als ik Harold daar tegenkom besluiten we om samen te wandelen tot het einde met de Nederlandse vlag wat eigenlijk ook wel passend is en we halen
de finish zelfs twee keer met de vlag dus krijgen dus ook twee keer landenvlag-gerelateerd applaus.


[Epiloog]
Het voelt super raar om opeens te stoppen nadat ik 6 dagen lang als mantra “doorgaan” in mijn hoofd had. Ik ben ook ontzettend moe en kan geen beslissing maken: eerst douchen en dan slapen of andersom (ik kan me nu ook niet herinneren wat het is geworden). Ik kan er met mijn hoofd ook niet bij dat ik ruim 700 kilometer heb gelopen, maar ik ga ervan uit dat de herinneringen na verloop van tijd wel zullen komen en dat ik precies kan na vertellen wat er gebeurd is. Ik weet nu dat dat niet het geval is, het is te groot om te bevatten en dat herinneringen te kort doen aan de echte beleving.


[Statistiek]
Splits:
Dag 1: 159
Dag 2: 113
Dag 3: 133
Dag 4: 101
Dag 5: 97
Dag 6: 105


Eten ging super goed. Eerste dag wel te weinig gegeten, maar de rest van de dagen alles opgegeten: ontbijt, lunch, avondeten, soep en bij de verzorging allerlei lekkers als worstjes, gebakken aardappel met courgette, stukjes hotdog, augurken etc. in totaal slechts 1 kg afgevallen.


Slapen: was een grote onbekende maar ging ook super goed. Bijna geen last gehad van slaap behalve toen het een koude nacht was en in totaal maar 2x een lange slaap van 60-90 minuten gedaan en de rest alleen maar powernaps van soms maar 5 minuten.

Lichamelijk ongemak: krampende hamstring na 4 dagen maar kon opgelost worden met magnesium, dikke pijnlijke kuiten wel een probleem na 5 dagen en alleen magic creme hielp, linkerschoen moest worden opengeknipt vanwege te strakke teen, beetje schuurplek. Na de wedstrijd opgezwollen voeten voor 2 a 3 dagen.

Endymion Kasanardjo

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *