De ‘grote selectie’ van het Nederlandse ultralopen

Aan de hand van de beste 7 prestaties over de jaren 1998-2002 wordt in kaart gebracht welke Nederlandse ultralopers aan de richtlijnen voor opname in de nationale selectie voldaan hebben

Een prachtig werktuig van UltraNed is de ‘data base’ die achter de schermen noest gevuld wordt door Jean-Paul Praet, Rob van den Hoek en Tom Hendriks. JPP heeft zelfs een apart programma geschreven dat zeer automatisch de binnenkomende uitslagen kan verwerken in een vorm die direct in de data base ingelezen kan worden.

Ten behoeve van Gerrit van Rotterdam, bondscoach ultralang, heeft Tom Hendriks begin 2002 al eens aan de hand van de data base de beste Nederlanders op een rijtje gezet over de jaren 1998 t/m 2001. Het afgelopen jaar is daar nu bij gekomen, alhoewel er formeel nog één 6 uurs wedstrijd op de kalender staat (de Zes Uren van Heerde, zaterdag 28 december). Toch vond de redactie van UN het hoog tijd om het overzicht ook hier eens op UN te zetten. Hieronder staan de beste 7 Nederlanders op de 100 km en de 24 uur over 1998-2002.

{best100-24.jpg}

De markeringen met sterretje (en hopelijk in groen, althans dat was de oorspronkelijke kleur-aanduiding in Tom zijn tabellen) zijn de prestaties die voldeden aan de richtlijn voor opname in de nationale selectie van de bondscoach, voor een periode van 3 jaar: een 100 km in < 8 uur, of een 24 uur met > 210 km.
Gemakshalve wordt dit wel de ‘grote selectie’ genoemd. De ‘kleine selectie’ bestaat uit lopers die als team naar internationale kampioenschappen worden afgevaardigd. Voor zo’n landenteam worden lopers geselecteerd waarvan verwacht mag worden dat de eerste drie finishers samen 22 uur kunnen scoren op de 100 km (dus 7.20 gemiddeld) of samen 680 km kunnen afleggen op de 24 uur (dus 227 km gemiddeld).
Lopers met een zeer goede prestatie van < 7 uur op de 100 km of > 240 km op de 24 uur kunnen (voor een periode van 2 jaar na die prestatie) uitgenodigd worden door de KNAU voor een individuele deelname aan een internationaal kampioenschap. Uit die eerste dubbele tabel blijkt dat de afgelopen 6 jaar maar één keer zo’n goede individuele prestatie geleverd is: Wim Epskamp liep bijna 250 km in het EK 24 uur in Uden op 21/22 oktober 2000. Op grond van die prestatie heeft Wim afgelopen september meegedaan aan het EK 24 uur in het Franse Gravigny (vergezeld van Lies, en van Gerrit).
Nederlandse prestaties van < 7 uur op de 100 km dateren al weer van 1995 en 1996 (2 keer Gerrit van Rotterdam in Winschoten, en 1 keer Edward de Ruiter in Rodenbach). Het 4 man sterke team dat afgelopen september mee deed aan het EK 100 km in Winschoten was geselecteerd op basis van hun snelheid, met in principe eindtijden van ergens tussen de 7.00 en 7.30: Veron Lust, Edward de Ruiter, Luigi Simbula en Krijn Kroezen. Alleen die laatste had formeel de afgelopen jaren niet aan de richtlijn voor de ‘grote selectie’ voldaan, maar werd gezien zijn vroegere prestaties door de bondscoach verkozen boven langzamere 100 km lopers. Wim Epskamp liep niet voor de Nederlandse ploeg, want hij had een week eerder in Gravigny op de 24 uur geacteerd, maar was wel betrokken als helper van Gerrit op één van de twee verzorgingsposten. Jammergenoeg werd het hoofddoel, de eerste drie samen 22 uur, niet bereikt: 22 uur 43 minuten. Maar wel wisten alle 4 te finishen in acceptabele tijden (< 8 uur), en dat was voor Nederlandse begrippen al een unicum vergeleken met de vorige jaren. In het landenklassement nam Nederland de 6e plaats in, van de in totaal 8 landenploegen die geklasseerd werden. Die eerste tabel laat zien dat, hoewel we in 1998 al eens 6 lopers onder de 8 uur op de 100 km hadden, de jaren daarna maar mager waren met 1 tot 3 lopers onder de 8 uur. Het is daarom verheugend dat in 2002 de beste 7 Nederlanders op de 100 km (van Winschoten en Stein) allen onder de 8 uur zaten (en nummer 8, Jan Nabuurs, zat er in Stein maar twee minuten boven). Naast de vijf bovengenoemden zijn daar nu bijgekomen Edwin van de Loop en Rut Zoutman (beiden tijdens het beladen NK 100 km in Stein). Hopelijk krijgt Gerrrit van Rotterdam het bij de KNAU voor elkaar om met een landenploeg mee te mogen doen aan het EK 100 km in Moskou op paaszaterdag 19 april 2003. Op 10 december a.s. heeft Gerrit op het Bondsbureau in IJsselstein een gesprek met Gerard Nijboer dienaangaande, en wordt ook de hele ultra-jaarplanning doorgesproken. Afvaardiging naar het WK 100 km op Taiwan in november 2003 lijkt minder waarschijnlijk. Niet alleen (te?) duur maar klimatologisch ook zeer onaantrekkelijk. Lopers die daar heel diep gaan, zijn misschien voor jaren uit de running, zoals sommige marathon-kampioenschappen in het verleden hebben geleerd. Wie in ieder geval in de Moskou-ploeg zal ontbreken is Luigi Simbula. Die heeft het met Pasen altijd veel te druk met zijn Italiaanse restaurant in Hulshorst. Om die reden heeft hij ook nog nooit op Texel gelopen, helaas. Je hoeft geen helderziende te zijn om te schatten dat vanwege Moskou ook (in alfabetische volgorde) Wim Epskamp, Krijn Kroezen, Veron Lust en Edward de Ruiter op Texel zullen ontbreken. Mooi excuus voor Krijn om weer niet te starten op Texel waar ook hij nog nooit meegedaan heeft 😉 En wie weet mag Gerrit ook nog een vijfde loper mee nemen naar Moskou? Later dit jaar is het WK + EK (+ NK) 24 uur in Uden op 11/12 oktober. Uit de eerste tabel blijkt dat strikt genomen maar drie lopers de afgelopen drie jaar aan de richtlijn van > 210 km op de 24 uur hebben voldaan: Wim Epskamp, Luigi Simbula en Guus Smit. Helaas, Guus is er niet meer, gvd. Gelukkig voor de bondscoach heeft Nederland een aantal aansprekende langeafstands-lopen en ook voor de Spartathlon is er al jaren een grote Nederlandse animo. Met nu en dan groot succes op die 245 km: tijdens de editie van 1998 werd Ron Teunisse 4e (samen met Wim Epskamp), tijdens de editie van 2000 werd Cees Verhagen 3e, en die knappe klassering werd ook verrassend door ‘rookie’ Jeffry Oonk behaald in de afgelopen editie van 2002 (zoals u hier op UN heet van de naald mee hebt kunnen beleven). Ook in de zware Jan Knippenberg Memorial van een kleine 100 mijl weerden Nederlandse lopers zich goed: Wim-Bart Knol was 1e in 1997, 1998 en 2000, en in de meest recente editie van 2002 werd Rut Zoutman 1e, Jeffry Oonk 2e en Ron Teunisse 3e. En in de MilleniumRun 1999/2000 over 200 km werd (Wim Epskamp 2e en) Rut Zoutman 4e. Dit jaar kende ook de première van de Friese Elfsteden Ultramarathon over ongeveer 206 km: met achter winnaar Wim Epskamp als 2e Ron Teunisse, en als 3e Sjoerd Slaaf, 4e Tom Hendriks en 5e Lex de Boer. Die finishten allen ruim binnen de 24 uur, dus moeten op papier in staat zijn om dik over de 210 km te lopen in een echte 24 uurs wedstrijd.

Voldoende keus voor de bondscoach lijkt mij, om te gaan werken aan een 6-mans formatie voor Uden. Als schrijver dezes in de schoenen van de bondscoach zou staan, zou ik opteren voor bijvoorbeeld een ploeg van (in alfabetische volgorde) Wim Epskamp, Jeffry Oonk, Luigi Simbula, Ron Teunisse, Cees Verhagen en Rut Zoutman. Aannemende dat Luigi en Cees in de zomer en herfst voldoende tijd vrij kunnen maken voor de training naast hun restaurant-beslommeringen, en dat Jeffry omgepraat kan worden om nog maar een jaar langer te teren op die prachtige 3e plaats in Sparta en Rut bepraat kan worden dat de Spartathlon vast nog wel jaren zal blijven bestaan (en die heren dus in 2003 niet meteen wederom naar Athene af gaan reizen). En aannemende dat Wim-Bart Knol dit jaar vanwege aanhoudende drukte van zijn marktonderzoek-bureau nog niet beschikbaar is, of liever nog nu en dan voor de lol ergens aan een ultra meedoet dan zich te willen verbinden aan de nationale ploeg.

Nu weer terug naar de ‘grote selectie’. Voor extra aandacht van de bondscoach komen ook in aanmerking lopers die op de 6 uur meer dan 78 km of op de 12 uur meer dan 135 km hebben afgelegd. Uit de tweede tabel op de volgende bladzij blijkt dat op die 6 uur er heel wat personen aan dat criterium > 78 km hebben voldaan. In het recente verleden tijdens de jaren 1998 + 1999 staan er bijvoorbeeld prestaties van Wim van Dijke, Peter de Jongh, Simon Pols en Jaap Vis, die inmiddels ‘verjaard’ zijn. Op de 12 uur werd alleen in 1998 en 1999 de richtlijn gelopen (met > 145 km door Wim-Bart Knol en Edward de Ruiter, en > 140 km door Ron Teunisse) maar in 2000-2001-2002 kwam niemand over die richtlijn van 135 km heen. In die laatste drie jaar zijn dit de individuen die formeel aan een richtlijn over 100 km, 24 uur, 12 uur of 6 uur voldaan hebben: Wim Epskamp (8 keer), Veron Lust (4 keer), Edward de Ruiter (3 keer), Luigi Simbula (2 keer), Edwin van de Loop (2 keer), Tom Hendriks (2 keer), en Krijn Kroezen, Rut Zoutman, Peter de Jongh en Guus Smit dus (allen 1 keer). (NB In werkelijkheid is de score bij sommigen nog iets hoger omdat de tabellen alleen de beste prestaties per individu geven, en een loper best drie keer in één jaar aan bv de richtlijn op de 6 uur voldaan kan hebben). Zonder andere prestaties er bij te betrekken (zoals bijvoorbeeld de Spartathlon en de Friese Elfsteden, zie hierboven), zijn dat maar 9 mannen die de bondscoach dan formeel als nationale selectie zou kunnen beschouwen.

Daar komen de vrouwen natuurlijk nog bij. De laatste tabel van dit artikel geeft al hun prestaties weer. Er was in het recente verleden maar 1 score op de 100 km onder de richtlijn van 10 uur: Ria Buiten volbracht haar eerste geslaagde 100 km in Winschoten in 1998 in 9.06. Maar gelukkig zag het NK 100 km Stein afgelopen oktober grote progressie in de breedte: naast Ria liep ook Lies Heijnen daar onder de 10 uur (en Marie-Anne Vos-Ertel zat er in haar debuut maar een kwartier boven). Die zelfde twee namen komen we ook tegen op de 24 en de 12 uur: Ria liep ruim 8 km indertijd (Apeldoorn 1999) boven de richtlijn van 170 km, en Lies kwam meer recent ruim anderhalve kilometer over de richtlijn van 110 km tijdens de 12 uur (van Almere 2001).
Naast Ria en Lies zijn er meer kandidates voor de nationale selectie: nog drie vrouwen hebben formeel de afgelopen jaren aan een richtlijn voldaan, die van de 6 uur (> 66 km): Anja van Vliet en Liel Otten (Stein 2002), en Inge van Oijen (Hoofddorp 2001). Maar de weg lijkt nog lang voordat er gedacht kan worden aan afvaardiging van een vrouwenploeg naar een EK of WK 100 km: drie loopsters moeten dan samen kunnen finishen in 27 uur (dus gemiddeld 9.00 per loopster), of EK of WK 24 uur waar drie loopsters samen 545 km zouden moeten kunnen halen (dus gemiddeld 182 km per loopster).

In de korte notitie “Nationale selectie” die Gerrit eind vorig jaar bij zijn aantreden had geschreven, had hij de zinsnede staan: “ Er wordt 2x per jaar een trainingsdag (of weekend) georganiseerd voor de atleten die in de selectie zijn opgenomen.” Helaas zijn dat soort ‘plenaire bijeenkomsten’ er dit jaar nog niet van gekomen. (NB Schrijver dezes wil overigens best een bijdrage leveren aan de organisatie van een trainingsweekend op Texel, bijvoorbeeld in juni of augustus in de aanloop naar het WK 24 uur Uden, want iedereen was indertijd zeer tevreden over die locatie tijdens een weekend in november 2000 rond de sterfdag van Jan Knip). Wat Gerrit het afgelopen jaar vooral gedaan heeft is zoveel mogelijk elk teamlid persoonlijk bezoeken en samen een training doen, gevolgd door een gezamenlijke training van het team in de aanloop naar het internationale kampioenschap. En buiten die teamleden: tenminste telefonisch contact zoeken met selectieleden of potentiële selectieleden om hun wensen en jaarplanning te vernemen, en daar adequaat in mee te denken. Waarbij in die contacten een voorkeur te bespeuren is voor de ‘jonge beloftes’ van het kaliber Edwin van de Loop (100 km) of Jeffry Oonk (24 uur), vergeleken met de wat oudere lopers die aan richtlijnen hebben voldaan maar waarvan weinig progressie meer is te verwachten. Of die zelf aangeven niet zo nodig in de selectie mee te hoeven doen en de leuke ultralopen (zoals de Spartathlon bijvoorbeeld), waar ze aan willen deelnemen, niet willen opofferen voor internationale kampioenschappen.
Gerrit heeft beloofd om na het onderhoud van 10 december met Gerard Nijboer hier op UltraNed opening van zaken te geven over zijn plannen voor 2003. Waarschijnlijk heb ik al heel wat gras voor zijn voeten weggemaaid, dus erg tijdrovend hoeft zijn bijdrage niet te worden ;-). En natuurlijk is dan de geplande bijeenkomst van de nationale selectie op 1 februari 2003, na afloop van de MidWinterMarathon in Apeldoorn, een goede gelegenheid om op zijn ideeën voort te borduren.

Verantwoordelijke redacteur: Martien Baars

{best6h-12h.jpg}

{best100-24W.jpg}